Lijst Home


Laat een boodschap achter in het zand - Bibi Dumon Tak

Geplaatst 18 okt. 2018 05:37 door susan *   [ 18 okt. 2018 05:40 bijgewerkt ]


Bibi Dumon Tak en Annemarie van Haeringen zijn de hertoginnen van de kinderliteratuur. Het werk van beide dames is al vaak bekroond met prestigieuze prijzen. Dit najaar kreeg Dumon Tak de grootste prijs die een kinderboekenauteur kan krijgen: de Theo Thijssenprijs.
Dumon Tak en Van Haeringen werken graag samen en dat leverde al de prachtige boeken Siens hemel en Ik wil ook! op.
    Dumon Tak is een veelzijdig schrijfster. Ze schrijft prentenboeken, fictie en non-fictie. Vooral in dit laatste genre valt haar werk op. Ze weet lezers op een unieke en aantrekkelijke manier te informeren. Een boek van Dumon Tak is nooit saai. 
Voor haar nieuwe informatieve kinderboek koos ze voor een andere aanpak (‘ik wil mijzelf blijven uitdagen’) en dat werd poëzie. En zo kunnen we een nieuw genre aan de jeugdliteratuur toevoegen: informatieve poëzie.

Laat een boodschap achter in het zand gaat over evenhoevige dieren, dat zijn alle dieren met twee of vier tenen (‘heb je drie tenen, zoals de tapir, dan mag je niet in dit boek.’) De gekozen vorm beperkt de schrijfster omdat gedichten zich niet lenen voor veel uitleg. Daarom kiest Dumon Tak voor een kenmerkende eigenschap van het dier en neemt dat als uitgangspunt. Bij de giraf is dat bijvoorbeeld zijn sterke hart: ’De giraf heeft een hart/ als een katapult./ Bij iedere slag /schiet het bloed,/ dat suist, dat giert, dat brult,/ door die eindeloze nek naar boven/ via aderen, vuistdik,/ en zo sterk als een ankertouw.’
    Dumon Taks poëzie is ritmisch, met mooie beelden en is ook vaak grappig. Ze speelt met de vorm en is daarin bijzonder origineel. Zo chat het wild zwijn met zijn tamme zus, stuurt de Kaapse buffel een ingezonden mededeling, interviewt de dikdik (live) voor Radio Impala een nijlpaard, plaatst de wilde kameel een contactadvertentie en houdt de tapir een spreekbeurt (en staat hij daarmee toch in een boek over evenhoevigen).
Dumon Tak heeft altijd oog voor bijzondere verhalen, bijvoorbeeld het bizarre lot van de laatste Pyrenese steenbok Celia die overleed in een natuurpark. We lezen haar overlijdensadvertentie: ‘Door een noodlottig ongeval-/ een omgewaaide boom verbrijzelde haar kop- / kwam onze laatse Pyrenese steenbok om het leven,/ de Capra pyrenaica is bij dezen op.// (...) ‘Celia hield van gras, mos en kruiden./ '
Ontroerend is het gedicht De vicuña, spreek uit : vikoenja. Dit lichtvoetige dier dat ‘langs de hemel kan rennen’ omdat hij kan ademen in ijle lucht wordt gevraagd de groeten te doen: ‘Wij hadden namelijk iemand lief/ die daar voorgoed is heen gegaan.’ We zien het dier langs de hemel zweven, een hemel waarin een maan met mooi gestifte lippen staat en een sterretje met een bril. Het zijn subtiele verwijzingen naar de geliefden waarvan de makers van het boek afscheid moesten nemen.

Annemarie van Haeringen heeft opnieuw prachtig werk gemaakt. Haar illustraties zijn vindingrijke, creatieve en beeldschone antwoorden op de woorden van Dumon Tak.
Zo verschuilt de kleine kantjil zich in weelderig groen, lijkt de bijna uitgestorven oryx al uitgegumd, loopt de wilde kameelman gedreven door zijn brandende liefde bovenlangs de pagina en heeft het grootste landdier dat er bestaat natuurlijk erg veel ruimte nodig. Voor wie nog twijfelt aan de originaliteit van Van Haeringen moet nog eens goed naar de kaft kijken.

Laat een boodschap achter in het zand is een adembenemend mooi boek. Zowel Dumon Tak als Van Haeringen leveren topwerk. Kopen dat boek!

Laat een boodschap achter in het zand
Bibi Dumon Tak (tekst) en Annemarie van Haeringen (illustraties)


Querido, 2018     € 15,99

Andere boeken van Bibi Dumon Tak op kinderboekenpraatjes:
Het heel grote vogelboek
Siens hemel
Ik wil ook!

Kunst voor kinderen

Geplaatst 15 okt. 2018 05:43 door susan *   [ 15 okt. 2018 05:44 bijgewerkt ]



Uitgeverij Lemniscaat startte twee jaar geleden het project Lemniscaat uit de kunst. Binnen dit project worden veel kinderboeken over kunst uitgegeven, ieder met een eigen insteek. Er zijn boeken die informeren over kunstwerken en kunststromingen, er zijn boeken die aanzetten zelf aan de slag te gaan en er zijn kijk-en voorleesboeken.

                          

Natuur en Dieren zijn kartonnen kijkboekjes voor de allerkleinsten. Ze zijn oorspronkelijk uitgegeven door het Britisch Museum en laten voorwerpen zien uit hun collectie. We zien hoe kunstenaars uit allerlei culturen en met uiteenlopende materialen dieren en natuur hebben afgebeeld. In Dieren zien we bijvoorbeeld een koperen vis uit Ghang, een apenbeeldje uit Mexico, een houtgravure van een komijn en een olifant gemaakt uit een kokosnoot. De afbeeldingen laten dieren op een nieuwe manier zien. Ze zijn gelukkig wel allemaal makkelijk te herkennen.
    In het boekje Natuur is het thema breder, naast dieren zijn er ook planten, bomen en andere natuurfenomenen te zien. Bijvoorbeeld een zilveren eikel die al meer dan 2000 jaar oud is, een krab op een porseleinen bord, een Japanse houtsnede van een rivier en een aquarel van een wolkenlucht.
    De afbeeldingen in beide boekjes zijn vaak tegen een gekleurde achtergrond geplaatst. Dikke zwarte letters benoemen het voorwerp dat is te zien. Achterin staat een verantwoording en daar kan de lezer meer informatie vinden over de afgebeelde voorwerpen.
    De ondertitel van de serie, ‘Kunst voor beginners’, is ongelukkig gekozen. Het suggereert dat kunst iets is dat je moet leren, terwijl deze boekjes juist aantonen dat iedereen zonder voorkennis en op iedere leeftijd van kunst kan genieten. 

Dieren/Natuur   
Kunst voor beginners  
Lemniscaat, 2018     €9,95 per deel



Een ander boek dat onder de vleugels van dit project verscheen is geschreven door de bekende Engelse kunstenaar David Hockney en kunstcriticus Martin Gayford. In 2016 schreven zij A History of Pictures en later bewerkten zij dit boek voor kinderen. Kijken voor kinderen is de vertaling hiervan. 
    Het boek is geen chronologisch geordend overzicht van de kunstgeschiedenis. Er is gekozen voor een thematische opzet waarin een aantal vragen centraal staan, bijvoorbeeld ‘Wat maakt een lijn interessant’, ‘Wat is eigenlijk een schaduw’ of ‘Wat is het gereedschap van een kunstenaar’. Ook wordt er ingegaan op vragen als ‘Waarom maken we beelden’, ‘Kunnen beelden echt bewegen’ en ‘Hoe zal het verder met beelden gaan?’ Hockney en Gayford bespreken de thema’s in korte stukken tekst en onderbouwen hun verhaal met voorbeelden. In het hoofdstuk over de kunst van het lijnen trekken bijvoorbeeld bespreken ze dat een paar lijnen al iets kunnen weergeven, dat lijnen soms onbedoeld een betekenis krijgen, dat in de Japanse kunst nauwelijks lijnen worden getrokken en dat Rembrandt slechts een paar lijnen nodig heeft om een verhaal te vertellen.
    In deze uitgave voor kinderen hebben Hockney en Gayford nog een derde persoon uitgenodigd om deel te nemen aan de gesprekken. Het is Rose Blake (dochter van Quentin Blake) die met haar tekeningen reageert op de tekst. Ze tekent bijvoorbeeld Hockney met zijn beroemde tekkels Stanley en Boodgie terwijl ze aan het werk zijn. Vaak plaatst ze mensen in een omgeving die te zien is op de besproken kunstwerken, ze staan bijvoorbeeld in een oerwoud, in een fotostudio, voor een spiegel of in een ijzig landschap.

Kijken voor kinderen is een prachtig kunstboek (ook voor volwassen). Het daagt de lezer op een prettige manier uit om eens met andere ogen naar kunst te kijken.

Kijken voor kinderen 
David Hockney & Martin Gayford 
(vertaald door Jesse Goossens) met    illustraties van Rose Blake                                                                             Lemniscaat, 2018     €19,95               




Katvis - Tjibbe Veldkamp

Geplaatst 11 okt. 2018 04:39 door susan *   [ 11 okt. 2018 04:47 bijgewerkt ]


Ate zit niet lekker in zijn vel. Hij heeft groep acht overgeslagen en vindt geen aansluiting bij de kinderen in de brugklas. Dus vult hij zijn tijd met het kijken naar You-tube filmpjes. Via een chatroom komt Ate in contact met Baptiste. Hij appt elke dag met hem en daardoor is zijn leven draaglijk geworden: ‘Als hij Baptiste niet meer had zou hij alles weer haten, niet alleen al die lange armen en benen in zijn klas, maar ook de gymlessen met toestellen en de gymlessen zonder toestellen en geroosterd brood bij het ontbijt...alles.’ 
    Als Baptiste laat weten dat hij moet stoppen met appen omdat hij zijn telefoon moet verkopen schrikt Ate zich een ongeluk. Hij weet dat geld overmaken geen zin heeft, dat heeft hij al vaker gedaan en ‘langer dan een paar dagen had dat nooit geholpen’. Hij besluit zijn oude Samsung aan Baptiste te geven en deze zelf te gaan brengen. Naar Brussel.
Stiekem vertrekt hij met de trein naar België. Daar aangekomen wacht een meisje hem op die beweert Baptiste te zijn. Hij moet zo snel mogelijk met haar mee. Het meisje heet Emeraude en ze legt Ate uit dat hij het slachtoffer van een bende is geworden en gevaar loopt. Hij gelooft haar maar half. Emeraude heeft een voorstel: zij zorgt dat hij veilig Brussel kan verlaten als hij haar meeneemt naar Nederland. Schoorvoetend gaat Ate akkoord.

Tjibbe Veldkamp heeft een razend spannend en eigentijds boek geschreven. Het is knap hoe hij in een betrekkelijk kort verhaal (126 bladzijden) ogenschijnlijk zonder moeite maatschappelijke thema’s als eenzaamheid, vluchtelingenproblematiek en internetoplichting met een roadmoviescenario weet te verbinden.
    Ate is een geloofwaardig en interessant personage dat de lezer gaandeweg beter leert kennen. Het is een eenzame jongen, die de aansluiting met zijn leeftijdsgenoten definitief kwijt is als hij een klas overslaat. Hij zoekt zijn heil op het internet en vindt daar houvast bij iemand die hij niet persoonlijk kent. Het is de vraag hoe naïef Ate werkelijk is. Hij is zich ervan bewust dat Baptiste zijn anker in een vijandige wereld is en hij heeft er veel voor over om Baptiste te behouden. Dat gevoel bepaalt zijn handelen. Terwijl dit psychologische portret van Ate zich ontvouwt speelt zich een bloedspannend avontuur af waarin Emeraude en Ate proberen ongezien uit Brussel te komen. Ook Emeraudes kip Beyoncé reist mee.

Veldkamp is een fantastische schrijver. Hij is een goede verteller die treffende beelden kiest en heldere dialogen schrijft. Daarnaast geeft Veldkamp het verhaal extra kleur met het Vlaamse taalgebruik van Esmeraude, dat Ate niet altijd kan volgen. 
    Illustratrice en grafisch vormgever Maartje Kuiper heeft de prachtige omslag ontworpen. Ook in het boek is haar werk te zien; kleine illustraties markeren de ongenummerde en titelloze hoofdstukken.

Katvis is een spannend en een mooi geschreven verhaal dat aantrekkelijk is uitgegeven. Met dit boek zou Veldkamp weleens zijn vijfde Zilveren Griffel kunnen binnenhalen.

Katvis
Tjibbe Veldkamp met illustraties van Maartje Kuiper


Querido, 2018     €15,99

Andere boeken van Tjibbe Veldkamp op kinderboekenpraatjes:
De lovebus 

Prentenboeken over vrienden maken

Geplaatst 8 okt. 2018 04:19 door susan *   [ 8 okt. 2018 06:29 bijgewerkt ]


Vriendschap is dit jaar het thema van de Kinderboekenweek. Dat is te merken aan de boeken die binnen zijn gekomen. Kristof Devos echter liep al een tijdje rond het idee een prentenboek over vriendschap te maken. Het is de vraag of het een voor-of nadeel is als je idee aansluit bij het kinderboekenweekthema. Het boek past dan wel mooi op de thematafeltjes, maar je loopt het risico dat een andere prentenboekmaker hetzelfde thema uitwerkt. En zo kan het gebeuren dat zowel Kristof Devos met Claudia Jong als Pépé Smit een prentenboek maakten over het zoeken/maken van een vriend. Laten we ze eens naast elkaar leggen.

Fred zoekt een vriend is een nieuw deel in de prentenboekserie Fred het hert. De fans zullen blij zijn, want Fred, ‘het heel erg eigenwijze hert’, is een personage om in je hart te sluiten.
Als Fred wakker wordt voelt hij het meteen: vandaag heeft hij geen zin in alleen, vandaag heeft hij zin in samen.’ Helaas zijn zijn vrienden niet thuis of met iets anders bezig en Fred vindt dat stom: ‘Wat een stomme vriend. Wat een stomme dag. Wat een stom bos. Wat een stomme steen.’ Fred gaat op de ‘stomme steen’ zitten wachten tot er iets gebeurt.
Na een tijdje ontdekt hij iemand onder de steen, het is Piet de naaktslak. Fred bombardeert hem direct tot zijn allerbeste vriend en gaat met hem op avontuur. Naar de mening van Piet wordt niet gevraagd.
    Smit heeft niet veel woorden nodig om haar verhaal te vertellen. De woorden die ze gebruikt zijn goedgekozen, de rest van het verhaal wordt in beeld verteld. Ze bouwt spanning op door herhalingen te gebruiken en ze geeft daarbij de voorlezer vrij baan uit te pakken met uitbundige uitroepen, lekkere bijvoeglijke naamwoorden en rijk taalgebruik.
    Piet en Fred hebben duidelijk niet dezelfde belangstelling en dat de vriendschap niet zal bloeien heeft de lezer veel eerder door dan Fred. Gelukkig komt alles goed: Piet vindt een slakkenvriendin waarmee hij lekker kan ‘slakkenplakken’ en Fred wordt opgevrolijkt door Konijn, die al heel zijn vriend is.

Max is net verhuisd en wordt door zijn moeder naar buiten gestuurd met de opdracht ‘Maak een vriend’. Maar hoe doe je dat? Na enig nadenken maakt Max een tienstappenplan en gaat aan de slag. Hij zoekt een mensachtig voorwerp, hij haalt twee planken uit het tuinhek en hij verzamelt ‘moed en nog meer spullen’. Terwijl hij zijn vriend vormgeeft staat zijn buurjongen naar hem te kijken. Hij vindt de nieuwe vriend van Max nog niet compleet. Echte vrienden ruiken namelijk naar bos, zuurtjes en zweet. Hij zal wel even helpen.
    Ook in het boek van Devos en Jong is er een leuk samenspel tussen woord en beeld. In de tekst lezen we bijvoorbeeld waar een goede vriend aan moet voldoen en op de illustraties zien we hoe Max dat uitwerkt. De tekst is veel langer dan in het boek van Pépé Smit. Jong benoemt vaker de emoties die een rol in het verhaal spelen. Soms doet ze dat expliciet, maar vaker doet ze dat impliciet: ‘Daar zit hij dan. Voor zijn nieuwe huis. In een nieuwe buurt. Hij moet van alles. En niks loopt zoals hij het wil.’ Het taalgebruik van Jong is mooi en ze schuwt hier en daar een wat moeilijker woord niet.
    De illustraties van Devos zijn sfeervol. Hij laat de eenzaamheid van Max in zijn nieuwe omgeving goed zien. De huizen zien er allemaal hetzelfde uit en er lijkt niemand in te wonen. De eenvormige huizen zijn in ogenschijnlijk simpele grafische vormen weergegeven. Max daarentegen, en ook zijn toekomstige vriend Morris (een leuke verwijzing naar de klassieker Max und Moritz van Wilhelm Busch) zijn het kleurige middelpunt. Ze zijn met ‘swung’ getekend met hun rommelige haren, lange armen en brede monden. Dunne lijnen onderstrepen hun beweeglijkheid. Jammer dat het boek is gedrukt met een kleine letter, die wel erg klein wordt in de tekst die de handelingen op de illustraties ondersteunt. Dat leest niet prettig (voor).

Fred zoekt een vriend en Max maakt een vriend zijn beide fijne boeken. Ze hebben verschillende kwaliteiten. Sommige kinderen zullen vallen voor de humor van de eigenwijze Fred en andere kinderen zullen meer plezier beleven aan Max die op zijn eigen creatieve manier een vriend maakt.

Fred zoekt vriend                         Max maakt een vriend 
Pépé Smit                                     Kristof Devos (illustraties) en Claudia                                                          Jong (tekst)


De Harmonie, 2018 € 14,90                   De Eenhoorn, 2018 €15,95


Kom erbij - Milja Praagman

Geplaatst 4 okt. 2018 03:49 door susan *   [ 4 okt. 2018 03:54 bijgewerkt ]


In de Kinderboekenweek wordt naast het kinderboekenweekgeschenk ook altijd ‘Het prentenboek van de Kinderboekenweek’ aangeboden. Voor een bescheiden prijs (€ 6,95) is er voor de jonge lezers een mooi uitgevoerd prentenboek te koop. Dit jaar is het boek gemaakt door Milja Praagman, winnares van een Zilveren Penseel.

Op een grasveld 'staat iets wat er gisteren nog niet was.' We zien een door linten afgezet gebied en een groot geel kleed met stippen. Wat eronder zit zien we niet. Twee kinderen, Kit en Pelle, staan ernaar te kijken. ‘Kom, even proberen’ zegt Kit en ze klimt op het kleed. Pelle roept eerst ‘Nee, niet doen. Op dat bordje staat: Niet aankomen!’, maar Kit wuift zijn bezwaren weg en roept ‘Kom erbij!' Pelle gaat achter Kit zitten en ineens zitten ze op een wild paard. Pelle vindt het een nachtmerrie, Kit vindt het fantastisch ‘we moeten haar temmen’ lacht ze.
    Dan komt Ajoub eraan en die wil weten wat Pelle en Kit doen. Het paard is niet meer te zien, Pelle en Kit zitten weer op het kleed dat er nu anders uitziet. Ajoub wordt uitgenodigd ook op het kleed te komen. Nu verandert het in een kameel die met de kinderen door de hete woestijn loopt ‘De woestijn heeft koorts,’ lacht Ajoub en Pelle puft dat hij smelt. Als Ella en Stella naar het gele kleed op het grasveld kijken worden ze ook uitgenodigd om erbij te komen. Nu verandert het kleed in een walvis en maken de kinderen een reis onder water.
    Ieder kind dat komt vragen wat de andere op het kleed doen mag erbij komen. Alleen Pelle uit daarover zijn twijfels, hij is bang dat er geen plaats is voor nog meer kinderen. Maar er is plaatst voor iedereen. Ook voor de burgemeester die naar het kleed gekomen is om ‘iets te gaan onthullen.

Milja Praagman heeft ervoor gekozen een prentenboek te maken dat aansluit bij het motto van de Kinderboekenweek, ‘kom erbij!’ is een terugkerend element in de tekst. Alle kinderen mogen meedoen. Alleen Pelle is bang dat dat niet goed zal gaan, maar Kit lacht alle bezwaren weg en zij krijgt gelijk: er is plaats voor iedereen. De kinderen beleven zittend op het kleed spannende (fantasie)avonturen. De lezer ziet afwisselend het kleed op het grasveld, dat regelmatig van vorm verandert, en de avonturen van de kinderen. Niet iedere kleuter zal die wisselingen begrijpen, hier moet de voorlezer dan even de helpende hand bieden.
    Praagman, die een grafische achtergrond heeft, speelt weer mooi met de vlakverdeling. De illustraties worden gedomineerd door een groot groen vlak met daarbinnen het vrolijke geel van het kleed waarop het verhaal zich afspeelt. Aan de randen van dat vlak is ook veel te zien: er komen kinderen aanlopen, er is een ondeugend hondje, er is een mol aan het werk, er loopt iemand met een rollator en we zien ook een schatzoeker. Wie goed kijkt ziet dat deze figuren hun eigen avonturen beleven. 
    Praagman heeft, zoals gebruikelijk in haar werk, gehoor gegeven aan de wens om meer diversiteit in prentenboeken te laten zien. Jammer dat Pelle een wit jongetje met een brilletje is, dat is dan toch weer een cliché.

Kom erbij is een warm en vrolijk prentenboek met een prettige boodschap: er is plaats voor iedereen.

Kom erbij
Milja Praagman
 

Prentenboek van de Kinderboekenweek 2018      €6,95

Het kinderboekenweekgeschenk 2018: De eilandenruzie - Jozua Douglas

Geplaatst 3 okt. 2018 04:15 door susan *   [ 3 okt. 2018 04:17 bijgewerkt ]


Dit jaar is het kinderboekenweekgeschenk geschreven door Jozua Douglas en Elly Hees maakte de illustraties. Douglas schrijft fantasievolle verhalen waarin humor een belangrijke rol speelt. Het is geen geheim dat de auteur zich graag laat inspireren door het werk van Roald Dahl.
    De eilandenruzie is het vierde deel in de serie Costa Banana. Voor kinderen die de serie niet kennen is het een leuke kennismaking met de niet zo bescheiden president Pablo Fernando en zijn kinderen Rosa en Fico.

Pablo Fernando wordt uitgenodigd voor een gezellig weekendje op de Paradijseilanden. Ook zijn vijand president Max Romero zal komen. Het is de bedoeling dat de presidenten vrede sluiten en vrienden zullen worden en stoppen met ruziën over het bezit van vier onbewoonde eilandjes in de Banana Golf. Ook de kinderen zijn uitgenodigd. Er mogen geen lijfwachten, soldaten of bedienden mee, ook de wapens moeten thuisblijven (alleen waterpistolen zijn toegestaan).
    Het wil niet echt gezellig worden, de spanning is om te snijden. De presidenten hebben een hekel aan elkaar. Ze hebben dan ook allebei plannen om de ander uit te schakelen: Pablo Fernando kiest voor tactische psychologische ingrepen (onderschat de invloed van rode kleding niet) en Max Romero neemt een giftige mechanische spin mee. 
    Rosa en Fico krijgen de opdracht om snel vrienden te worden Angelino, de zoon van Max Romero. Hij lijkt een aardige jongen, maar of ze hem ook kunnen vertrouwen is de vraag.

Douglas werkt vertrouwde clichés met veel humor uit. De heetgebakerde presidenten die veel waarde hechten aan uiterlijk vertoon zijn snel beledigd en moeilijk te kalmeren. De kinderen daarentegen gebruiken hun gezond verstand, ze zijn moedig en slim. Ze houden veel van hun vaders en zij zorgen ervoor dat alles goed afloopt. Daarbij werken Rosa en Fico samen, maar ze maken ook ruzie zoals broers en zussen dat nu eenmaal doen. Natuurlijk wordt er met het kwaad afgerekend, al is dat niet zo ferm als Roald Dahl dat zou doen, iedereen overleeft het avontuur. 

Elly Hees, de vaste illustrator van Douglas’ boeken en ook bekend van Tosca Mentens serie Dummie de mummie, heeft het verhaal voorzien van haar kenmerkende zwierige zwart-wittekeningen.

Kinderen die al fan van de Costa Banana-serie zijn zullen met plezier dit nieuwe deel lezen. Voor andere kinderen is het kinderboekenweekgeschenk een leuke kennismaking met het vrolijke fantasievolle werk van Jozua Douglas. De eilandenruzie is een fijn boekje om cadeau te krijgen en te geven.

De eilandenruzie
Jozua Douglas met illustraties van Elly Hees 

kinderboekenweekgeschenk 2018


Wie zijn genomineerd voor de Gouden Griffel en wie gaat hem winnen?

Geplaatst 2 okt. 2018 02:55 door susan *   [ 2 okt. 2018 03:02 bijgewerkt ]




Vanavond wordt tijdens het Kinderboekenbal de Gouden Griffel uitgereikt. Tien boeken komen hiervoor in aanmerking, de winnaars van de Zilveren Griffels. Laten we ze nog eens langslopen.

In de categorie Tot zes jaar zijn twee prentenboeken genomineerd: Handje van Tjibbe Veldkamp en Het lammetje dat een varken is van Pim Lammers. Twee mooie prentenboeken waar woord en beeld goed op elkaar inspelen. Dat zit het winnen van de Gouden Griffel, een prijs voor de beste tekst, in de weg. De tekst zonder beeld is hier niet sterk genoeg om deze prestigieuze prijs te rechtvaardigen.
    In de categorie Vanaf zes jaar is Het gelukkige eiland van Marit Törnqvist en Toen ik van Joke van Leeuwen genomineerd. Het is voor mij een raadsel dat Törnqvist in deze categorie staat. Haar, overigens prachtige boek, is het derde deel van een trilogie die de weergave is van een persoonlijke zoektocht. Het is het slotakkoord van een ontwikkelingsreis waarin de auteur haar verworven inzicht en groei met de lezer deelt. Wat moet een kind tussen de zes en negen jaar met de levenswijsheid van een volwassen vrouw die door het leven is getekend?
Het boek van Joke van Leeuwen is haar zoveelste prachtige en originele boek. Ze is een fenomeen in de kinderboekenwereld die met haar unieke stijl waarin woord en beeld niet te scheiden zijn altijd indruk maakt. De vraag is alleen hoe vaak je dat wilt bekronen? 
    In de categorie Vanaf negen jaar staat de gedoodverfde winnaar: Lampje van Annet Schaap. Een boek dat alles heeft: meeslepend, bomvol fantasie, geweldige personages en heel goed geschreven. Annet Schaap won met dit boek alles wat er te winnen valt in een boekenjaar en het moet wel heel raar lopen als daar vanavond niet de Gouden Griffel bij komt.
Ook genomineerd in deze categorie is Sabel van Suzanne Wouda. Het (uiteindelijk) vermoorden van Joodse kinderen werd zelden zo indringend beschreven. Het is de vraag of kinderen in deze leeftijdscategorie, met nog een beperkte kennis over de gruwelijkheden van de Tweede Wereldoorlog, hierover wel willen lezen.
    In de categorie Informatief staan twee prachtige boeken. Joukje Akveld beschrijft in haar boek Wij waren hier eerst het spanningsveld tussen mens en dier op een unieke manier. Dit is niet het zoveelste boek met dierenweetjes, maar een kinderboek dat op een toegankelijke, eerlijke manier beschrijft hoe tal van prachtige dieren door toedoen van de mens dreigen te verdwijnen.
De zweetvoetenman van Annet Huizing is echt geweldig. Je zou willen dat er twee Gouden Griffels uitgereikt mochten worden, want dit boek verdient er echt een. Huizing bespreekt ons rechtssysteem helder, met humor en doorspekt met aansprekende voorbeelden.
    Tot slot de genomineerde boeken uit de categorie Poëzie. Opnieuw is Bette Westera genomineerd, dit keer met Was de aarde vroeger plat? Het is een fijne bundel poëzie, maar Doodgewoon, waar ze in 2015 een Gouden Griffel voor kreeg, was beter. Het onderwerp van deze bundel is minder origineel en de gedichten zijn minder verrassend.
De zombietrein van Edward van de Vendel krijgt een zeer verdiende Zilveren Griffel. Al was het maar omdat hij een nieuwe dichtvorm uitvond: het stripgedicht. Ook hier zijn beeld en tekst eigenlijk niet te scheiden en dat is, zoals al eerder opgemerkt, bij het toekennen van een Gouden Griffel een probleem.

Ik denk dat Annet Schaap vanavond de Gouden Griffel krijgt en dat verdient ze!
Als onverhoopt Annet Huizing er met het goud vandoor gaat, zou dat een verrassing zijn. Wel eentje waarmee ik goed zou kunnen leven.

Lees hier meer over de genomineerde boeken en wat de Griffeljury in haar juryrapport schreef.

Het meisje dat de maan dronk - Kelly Barnhill

Geplaatst 27 sep. 2018 04:39 door susan *   [ 27 sep. 2018 04:40 bijgewerkt ]


‘ Ze zou direct door zijn gelopen naar de vrije steden. Dat was ze echt van plan.
Maar er was een waterval die de baby vast leuk zou vinden. En er was een rotsblok vanwaar je een uitzonderlijk mooi uitzicht had. En ze had zin om de baby verhalen te vertellen. En liedjes voor haar te zingen. En terwijl ze vertelde en zong, begon Xan langzamer en langzamer te lopen. Xan gaf haar opkomende ouderdom de schuld, en de bochel in haar rug en het gewiebel van het kind, maar dat was het allemaal niet.’


Xan loopt met een baby door het bos. Ze is een heks en ze vindt ieder jaar op dezelfde plek een verlaten baby. Het is het offer aan de heks van de inwoners van het protectoraat, bedoelt om haar tevreden te stellen en onheil te voorkomen. Het zijn de machthebbers in protectoraat, de ouderlingen, die dit gebruik in stand houden. Zelf geloven ze overigen niet in het bestaan van een heks, ze gebruiken het jaarlijkse offerritueel als middel om de bevolking angstig en verdrietig te houden.
    De oude Xan weet niet waarom er ieder jaar een baby in het bos wordt gelegd, maar ze komt het kindje wel ophalen om te voorkomen dat het sterft. Ze brengt de baby’s naar liefhebbende pleegouders die aan de andere kant van het bos wonen in de vrije steden. Onderweg voedt ze de kinderen met sterrenlicht. Maar deze keer gaat er van alles anders. Eerst is er de moeder van de baby die het kind niet wil afstaan en zich hevig verzet. Ze maakt een scène waar vooral leerling-ouderling Anteen erg van schrikt. Ook heks Xan gedraagt zich anders dan normaal, ze houdt de baby langer bij zich dan nodig en als ze even niet oplet voedt ze het kind met maanlicht. Daardoor krijgt het meisje magische vermogens. Xan besluit het kind zelf op te voeden en noemt haar Luna.

Het verhaal wordt vanuit verschillende perspectieven verteld. Zo volgt de lezer de opvoeding van Luna waarin Xan wordt bijgestaan door een oeroud moerasmonster en een kleine naïeve draak. Het opvoeden van een kind met een enorme dosis magie is moeilijk. De kleine Luna kan haar krachten nog niet beheersen en ze laat van alles gebeuren zonder zich daarvan bewust te zijn. Xan moet ingrijpen.
    De lezer volgt ook de belevenissen van leerling-ouderling Anteen. Hij haat het werk van de ouderlingen en heeft andere dromen. Ook de moeder van het meisje duikt regelmatig in het verhaal op. Zij is ‘de waanzinnige vrouw’, die is opgesloten in de toren van de Zusters van de Ster. De Zusters, onder leiding van Zuster Ignatia, bewaken de bibliotheek en de kennis in het protectoraat en ze zijn een geduchte gevechtseenheid. Langzaam bewegen de verhaallijnen naar elkaar toe. Het komt uiteindelijk tot een climax als alle personages op een plek samenkomen.
    De Amerikaanse schrijfster Barnhill heeft een mooie lyrische stijl. Ze weet met haar woorden fraai de sfeer neer te zetten waarbinnen de gebeurtenissen zich afspelen. Barnhill vertelt in een rustig tempo en bouw haar verhaal behoedzaam op. Ze speelt met herhalende elementen die de spanning in het verhaal opschroeven. Verdriet en rouw spelen een belangrijke rol en daardoor zijn sommige passages indringend en heftig.

Het meisje dat de maan dronk is een sfeervol verhaal over verlies, rouw en uitbuiting en over liefde, opofferingsgezindheid en eendracht. Kelly Barnhill kreeg voor dit boek de prestigieuze Amerikaanse kinderboekenprijs de Newbery Medal.

Het meisje dat de maan dronk
Kelly Barnhill, vertaald door H.C. Kaspersma 

Leopold, 2018     € 16,99

Nevermoor - Jessica Townsend

Geplaatst 24 sep. 2018 04:03 door susan *   [ 24 sep. 2018 04:14 bijgewerkt ]


Na de Harry Pottergekte zakte de markt voor magische verhalen wat in, maar nu lijken de tovenaars, heksen en magie weer helemaal terug. Een van de succesvolle magische boeken van deze zomer is Nevermoor van de Australische schrijfster Jessica Townsend. Townsend is duidelijk beïnvloed door Rowlings werk. Ook zij vertelt het verhaal van een (emotioneel) verwaarloosd kind dat wordt meegenomen naar een onbekende magische wereld en net als Harry blijkt ze bijzonder en is het haar lot de strijd aan te binden met het grote kwaad. Townsend liet zich duidelijk inspireren door Rowlings werk, wat ze overigens niet ontkent. Gelukkig schept ze met de vertrouwde elementen een origineel nieuw verhaal.

Het verhaal draait om Morrigan Crow. Ze is een vervloekt kind, geboren voor het ongeluk en gedoemd te sterven rond haar elfde verjaardag. Als de dood onontkoombaar lijkt duikt er een vreemd heerschap op, Jupiter Noord. Hij redt haar net op tijd van de Meute van Rook en Schaduw en hij neemt Morrigan mee naar een onbekende plek: Nevermoor. Daar draagt Jupiter haar voor als kandidaat voor het prestigieuze Wondergenootschap. Om lid te worden moet Morrigan drie proeven doorstaan en een bijzondere gave laten zien, een zogenaamd ’kneepje’. Als Morrigan faalt moet ze Nevermoor verlaten en terug naar huis waar haar een zekere dood wacht.

Townsend weet een spannend verhaal goed te combineren met humor en fantasie, ook daarin is ze een navolger van Rowling. Nevermoor is een unieke plek waar magie vanzelfsprekend is. Dat betekent onder andere dat er gereisd wordt per paraplu en dat het hotel waar Morrigan verblijft geen doorsnee hotel is. In Hotel Decaleon vormen de kamers zich naar de wensen van de gasten. Het hotel is wel gevoelig voor stemmingen, dus als de gast zich somber voelt zal de kamer hem niet opvrolijken. Jupiter is de eigenaar van het hotel en hij heeft een aantal vreemde personeelsleden, zoals een humeurige reusachtige kat en een vampierdwerg die verantwoordelijk is voor het amusement. 
    Het verhaal draait om Morrigan. Ze is slim, dapper en ze heeft humor, maar ze draagt wel haar geschiedenis mee. Tot ze in Nevermoor kwam werd ze verantwoordelijk gehouden voor het leed dat haar omgeving trof. Dit lot droeg ze met opgeheven hoofd, maar het heeft wel zijn sporen nagelaten. Dat maakt Morrigan een interessant personage, ze is een meisje waarin hoop, moed en onzekerheid met elkaar strijden. Ook daarin lijkt ze op Harry Potter. 
    Het tweede deel van de serie komt volgende maand uit en zal vast snel vertaald worden. De schrijfster weet nog niet hoeveel delen ze zal gaan schrijven, in ieder geval niet minder dan drie. De filmrechten van Nevermoor zijn inmiddels verkocht. 

Nevermoor is een meeslepend boek dat je meeneemt naar een compleet andere wereld waar je deelgenoot wordt van een fantastisch en spannend avontuur.


Nevermoor
Jessica Townsend, vertaald door Sabine Mutsaers met illustraties van Beatriz Castro

Luitingh-Sijthoff, 2018     € 16,99

Duivelskruid - Marita de Sterck

Geplaatst 21 sep. 2018 05:04 door susan *   [ 21 sep. 2018 05:08 bijgewerkt ]


De Vlaamse schrijfster Marita de Sterck heeft een grote kennis van en liefde voor volksverhalen en sprookjes. Ze schreef over dit onderwerp enkele boeken. Toch is ze het meest bekend als schrijfster van historische jeugdromans, die al diverse keren werden bekroond. Haar nieuwe boek, Duivelskruid, speelt zich af in het heden, maar toch ligt de nadruk op het verleden. Het is een jeugdboek waarin verhalen een belangrijke rol spelen, verhalen die het leven van verschillende generaties hebben gekleurd. 

Yara heeft een goede band met haar grootmoeder, die ze Omatan noemt. Jarenlang wist Yara niet dat ze een oma had. Haar moeder had haar verteld dat haar ouders verongelukt waren en dat ze daarom in een pleeggezin was opgegroeid. Haar moeder is niet blij met het contact tussen oma en kleindochter. Wat er precies in het verleden is voorgevallen blijft onduidelijk, niemand wil daarover praten.
    Omatan is een eigenzinnige vrouw die haar eigen gang gaat. Ze woont in een afgelegen huis op de hei. Haar kennis over kruiden is vermaard. Als Omatan ziek wordt en ook nog brand in haar huisje veroorzaakt wordt ze, zeer tegen haar zin, in het ziekenhuis opgenomen. Omatan is verward en angstig en heeft wanen waarin de duivel een grote rol speelt. Met het sterven in zicht wordt eindelijk bespreekbaar wat er in het verleden is gebeurd.

Duivelskruid gaat vooral over Omatan, die voor ze oma werd Anneke Tanneke heette. De associatie met het kinderliedje Anneke Tanneke Toverheks zal geen toeval zijn. Anneke Tanneke heeft namelijk duidelijke toverhekstrekken met haar kruidenkennis en haar verhalen over de duivel. Via flashbacks wordt haar levensverhaal verteld. De verhaallijn die in het heden speelt en waarin Yara het hoofdpersonage is, resoneert met het verhaal uit het verleden. Yara’s verhaal lijkt vooral bedoeld als een omlijsting. Thema’s als verliefd worden, kinderen krijgen en plotseling onheil lopen parallel in heden en verleden. Het verhaal van Omatan wordt het meest uitgebreid verteld, het verhaal van haar dochter en kleindochter is veel minder uitgewerkt.
    Anneke Tanneke is een meisje wiens placenta bij de verkeerde boom werd begraven, het meisje dat de duivel in de kerk ziet en zich bewust is van zijn macht. Het is een onderzoekend en eigenwijs meisje dat tegen de zin van haar ouders in bevriend raakt met een kruidenvrouw. Van haar leert ze dat kruidenmengsels ook gebruikt kunnen worden voor duivelse zaken, zoals het opwekken van seksuele lust, het voorkomen van zwangerschap of het beëindigen van leven. Anneke gebruikt haar kennis en dat heeft grote gevolgen. 
    De Sterck schrijft prachtig. Ze geeft de roman extra kleur door haar Vlaamse woordgebruik dat vooral in de dialogen doorklinkt.

Duivelskruid is een indringend goedgeschreven verhaal waarin een kleindochter geconfronteerd wordt met haar familiegeschiedenis. Het is een verhaal over angst, berouw en vergeving.

Duivelskruid
Marita de Sterck


Querido, 2018     € 15,99

Andere boeken van Marita de Sterck op kinderboekenpraatjes: 

1-10 of 1361