Lijst Home


Niemandsmeisje - Lydia Rood

Geplaatst door susan *   [ bijgewerkt ]


‘... stond ik op het punt te springen. Dat soort dingen wilt u toch horen? Mij best. Ik heb nog meer van zulke verhalen. Vraag maar raak’.


Niemandsmeisje van Lydia Rood begint met deze zinnen, een transcriptie van het eerste gesprek tussen Liesbeth en haar therapeute. De therapeute geeft met korte vragen richting aan het gesprek en laat Liesbeth vertellen over wat ze denkt en voelt. Liesbeth praat onder andere over haar familie, haar vrienden en haar dromen. Ze is goedgebekt en vat haar leven in kernachtige zinnen samen: ‘Voor mijn moeder deug ik sowieso niet. En mijn vader heeft het druk met zijn motor en zijn bijbaantjes en zijn vriendin. En ik mag niet studeren, dat is te duur.’
Al snel wordt duidelijk dat Liesbeth in therapie is omdat er een ‘incident’ is geweest, wat Liesbeth vooralsnog afdoet met ‘ik was even de weg kwijt’. In het gesprek wisselen boosheid en verdriet elkaar af. Liesbeths therapeute stelt voor deel te nemen aan een lotgenotengroep. Dat ziet Liesbeth wel zitten, in een groep met allemaal losers valt zij misschien nog wel mee.

Rood beschrijft in Niemandsmeisje hoe Liesbeth met (min of meer afgedwongen) hulp onderzoekt hoe zij in elkaar zit en hoe zij omgaat met wat het leven haar toewerpt. Ze voelt zich ‘de uitzondering’ en straft zichzelf voor het feit dat ze bestaat. Ook zegt Liesbeth moeilijk nee en is ze bang voor ruzie ‘omdat je dan niet weet wat er gebeurt’. Ze hunkert naar de liefde van haar moeder die niet in staat is haar te geven wat ze zoekt. 
    Rood vertelt Liesbeths verhaal niet alleen via de gesprekken met de therapeute, ook de gesprekken in de lotgenotengroep worden in transcriptie weergeven. Tussen de letterlijk weergeven gesprekken staan Liesbeths vertrouwelijke notities waarin ze meer van zichzelf laat zien. Het is een goede aanstekelijk vorm om een portret te schilderen van een meisje dat even niet weet hoe ze zich staande moet houden. 
    Rood laat overtuigend zien welke ‘oplossingen’ Liesbeth heeft gevonden om haar problemen het hoofd te bieden en welke prijs ze daarvoor betaalt. Rood laat ook Liesbeths kracht zien, haar ‘ijzeren kabouter’. Vooral de afwisseling tussen de boze cynische stem van Liesbeth en haar kwetsbaarheid maakt indruk. Niemandsmeisje is dan ook echt een boek voor lezers die van psychologie houden.
    Pas aan het einde van het boek wordt min of meer duidelijk wat ‘het incident’ behelsde, maar dan is het al niet meer belangrijk. De lezer snapt inmiddels wel waarmee Liesbeth worstelt. Ze lijkt na de therapiesessies sterker omdat ze meer inzicht heeft gekregen, maar of het genoeg is laat Rood in het midden.

Niemandsmeisje schetst op een directe en indringende manier de strijd en zoektocht van een puber die gezien wil worden.

Niemandsmeisje 
Lydia Rood


Leopold, 2017     € 14,99

Andere boeken van Lydia Rood op kinderboekenpraatjes:
De ridders van Rosande 

Het lied uit de verte - A.F. Harrold

Geplaatst 11 dec. 2017 04:56 door susan *   [ 11 dec. 2017 05:14 bijgewerkt ]


Twee jaar geleden maakte de Nederlandstalige lezer kennis met het werk van de Britse A.F. Harrold. Zijn boek De spinsels (Clavis, 2015) verraste door zijn originele verhaal en de beeldende stijl. Het lied uit de verte is het tweede boek dat uitgeverij Clavis heeft laten vertalen en daarmee is opnieuw gekozen voor het wat serieuzere werk van Harrold, die ook humoristische kinderboeken schrijft.

De tienjarige Francesca, die door iedereen Frank wordt genoemd, loopt in een verlaten speeltuin tegen haar klasgenoot en kwelgeest Neil op. Samen met zijn helpers Rob en Roy bespot hij Frank en de pesters gooien haar tas tussen de brandnetels. Dan duikt een andere klasgenoot op, de zeer forse Nick. Hij helpt haar, maar echt blij is Frank daar niet mee. Als bekend wordt dat ze met Nick omgaat zal iedereen op school haar uitlachten. Toch gaat ze met hem mee naar zijn huis, want dat is voorlopig de enige veilige plek. Nick, die geen moeder heeft, woont met zijn vader in een huis waar een vreemde bosachtige geur hangt en bijzondere muziek klinkt. De muziek vervult haar met het een heerlijke warm gevoel. 
De wonderlijke muziek trekt haar de volgende dag opnieuw naar het huis van Nick, waar ze hartelijk wordt ontvangen. Als ze de muziek weer hoort gaat Frank op onderzoek uit. Het brengt haar naar de kelder waar ze op een vreemde muzikant stuit. Het is een trolachtig wezen dat wegvlucht als hij, of zij, Franks aanwezigheid ontdekt.

In eerste instantie lijkt Het lied in de verte een verhaal over pesten, maar het neemt een andere wending door Franks ontdekking in de kelder van Nicks huis. Nick blijkt verbonden met een andere wereld die hij niet kan betreden, maar wel kan zien. De ontdekking brengt Frank en Nick dichter bij elkaar, al wil Frank dit eigenlijk niet omdat ze op school niet uitgelachen wil worden. Overeind blijven tussen leeftijdsgenoten en de do’s en don’ts binnen de schoolgemeenschap is een van de thema’s van het boek. Niet alleen respecteert Frank de code dat je niemand verraad, ze heeft er ook weinig vertrouwen in dat het zin heeft haar ouders over het pesten te vertellen: ‘Wat je ook zei, volwassenen kwamen altijd met: ‘Ze menen het niet zo kwaad’ of Gewoon negeren, dan houdt het vanzelf op’ of ‘Doe niet zo mal, Frank’
Een ander thema is de strijd tussen gevoel en verstand. Frank heeft de neiging zo min mogelijk op te vallen, maar de ontmoeting met Nick vraagt om handelende daadkracht. De combinatie van serieuze thema’s als vriendschap en omgaan met pesters met een sprookjesachtig thrillerelement pakt goed uit.
    Harrold schrijft beeldend, gedetailleerd en zijn dialogen zijn levendig. Het relaas van de pesterijen is pakkend en indringend geschreven. Harrolds beeldspraken zijn echter niet altijd goed gekozen en het is een vreemde keus dat Frank voortdurend gesprekken met haar maag heeft, waar de schrijver de stem van haar gedachten heeft geplaatst. Het leidt tot rare zinnen als ‘Frank luchtte haar hart en vertelde wat ze van haar maag had gehoord.’
    Een belangrijke sfeermaker van het boek zijn de illustraties van Levi Pinfold. Zijn realistische tekeningen in vele tinten grijs laten niet alleen gebeurtenissen uit het verhaal zien, ze geven ook nadrukkelijk de voortdurende dreiging weer, bijvoorbeeld door op verschillende pagina’s aan de randen oprukkende schaduwen te tekenen. Het is jammer dat het boek op zulk lelijk snel vergelend papier gedrukt is, deze illustraties verdienen beter.

Het lied uit de verte combineert op originele wijze het thema pesten met een surrealistische verhaal. Harrold levert hiermee opnieuw een spannend en fantasievol boek af. 

Het lied uit de verte
A.F.Harrold (vertaald door Tine Poesen) en Levi Pinfold (illustraties)


Clavis, 2017     € 17,95 



Andere boeken van A. F. Harrold op kinderboekenpraatjes: 

Rambamboelie - Mies Bouwman

Geplaatst 8 dec. 2017 03:26 door susan *   [ 8 dec. 2017 03:27 bijgewerkt ]


Veel bekende Nederlanders voelen de behoefte een kinderboek te schrijven. Het is de vraag hoe bekend Mies Bouwman nog is, maar toen ze Rambamboeli schreef in 2002 was ze populair genoeg om haar vertelsels waar haar kinderen en kleinkinderen zo van hadden genoten in diverse televisieprogramma’s te mogen promoten. Nu is Rambamboeli, in tegenstelling tot de meeste prentenboeken van BN’ers, heel geslaagd. Dat is dan ook de reden dat vijftien jaar later de negende druk ervan verschijnt. 

Rambamboelie is een ‘leuk klein hondje’ waar iedereen dol op is. Vooral omdat hij zo grappig blaft. Iedere morgen gaat hij met ‘een mevrouwtje’ wandelen in het park. Als ze mensen tegenkomen vragen die ‘blaf, Rambamboeli, blaf.’ Als het hondje dan ‘waf, waf, waf‘ heeft laten horen lachen de mensen en vinden hem een leuk klein hondje.
En dan komt die rare dag waarop Rambamboelie opeens niet meer kan blaffen, hij maakt het geluid van een kat. Het mevrouwtje rent met Rambamboeli naar de dokter. ‘Potverdriedubbele suikerklonten’ roept de dokter ontsteld en geeft het hondje een pilletje. Terug in het park wachten de mensen Rambamboeli op en vragen of hij beter is, maar als Rambamboelie wil blaffen komt er weer een raar geluid uit zijn keel. Terug naar de dokter dus.

De charme van de tekst zijn de vele speelse herhalingen. Zo maakt Rambamboelie keer op keer het verkeerde dierengeluid, blijft de dokter potverdriedubbele suikerklonten roepen en krijgt het hondje iedere keer een ander medicijn (een pil, een drankje of een prik) om hem beter te maken. Het leest allemaal heel fijn voor.
    Het verhaal wordt niet alleen in woorden verteld. Als Rambamboelie probeert te blaffen laat een tekstwolk met een tekening zien welk dierengeluid er uit zijn mondje komt. Dit nodigt toehoorders van het verhaal al snel uit zich ook te laten horen.
    Het succes van Rambamboelie is mede te danken aan de illustraties van Philip Hopman. Rambamboelie is een adorabel hondje en zijn mevrouwtje een kokette dame. Extra leuk zijn de vele kleurrijke mensen en dieren die ze in het park tegenkomen, waaronder Jubelientje en haar oma en een toevallig passerende ijsbeer.

Rambamboelie is een echte voorleestopper vol heerlijke tekstherhalingen en aantrekkelijk geïllustreerd. 



Rambamboelie
Mies Bouwman (tekst) en Philip Hopman ( illustraties)


Ploegsma, 2017 (negende druk)      € 13,99

Prachtig geillustreerde boeken over de natuur

Geplaatst 6 dec. 2017 03:49 door susan *   [ 6 dec. 2017 03:55 bijgewerkt ]


Informatieve boeken over de natuur en vooral over dieren verschijnen aan de lopende band. Ik koos er drie uit die opvallen door hun prachtige illustraties.
    De Duitse illustrator en kinderboekenschrijver Dieter Braun maakte twee dierenboeken over de dieren die leven op het noordelijk-en zuidelijke halfrond. Een van die boeken, Wilde dieren van het noorden, is nu vertaald. Braun bespreekt in korte teksten enkele wetenswaardigheden over een aantal dieren maar dit boek koop je vooral voor de magnifieke illustraties. Braun heeft een grafische stijl waarmee hij opvallend gedetailleerd de dieren weet weer te geven. Vachtpatronen worden bijvoorbeeld met lichte en donkere vlakken weergeven en sommige worden zelfs teruggebracht tot geografische figuren. Het is knap dat de weergave van de dieren in deze bijzondere stijl nergens schematisch wordt. De dieren zijn soms in hun leefomgeving afgebeeld en ook dat is schitterend gedaan, of het nu een sneeuwlandschap, een bos, de lucht of de woestijn is.

                   
    

Wilde dieren van het noorden
Dieter Braun (illustraties en tekst, vertaald door Silke Bouman)

Fontaine, 2017     €24,94

Page Tsou, woonachtig in Taipei, maakte een wonderschoon compendium over allerlei aspecten van de natuur. Een compendium is een deftig woord voor een overzicht op een bepaald (meestal wetenschappelijk) terrein. De overzichten zijn in dit boek geordend in overtreffende trappen. Daar zijn voor de hand liggende uitwerkingen van, bijvoorbeeld wie is de grootste, de oudste, of de snelste, maar er zijn ook originelere uitwerkingen zoals welk dier het diepst onder de grond leeft of wat het zwaarste noodweer is. In korte teksten wordt uitleg over de thema’s gegeven en natuurlijk zijn er veel lijstjes.
    Maar ook dit boek koop je vooral voor de prachtige illustraties. Het geheel oogt een beetje vintage door het zachte kleurgebruik en de fraaie omlijstingen van de informatie. Op enkele pagina’s worden zelfs wat vlekken gesuggereerd. Tsou tekent de dieren en de natuurfenomenen realistisch, wat prettig is in een informatief boek. De vormgeving is uniek, vooral als Tsou in een enkele illustratie alle informatie samenbrengt. 

 

De hoogste berg, de diepste zee.
Page Tsou (vertaald door Wybrand Scheffer) 
Van Goor, 2017     € 16,99

 

Stefs grote neuzenboek gaat over neuzen, ruiken en geuren in de dierenwereld. Stef is Stef den Ridder die met haar illustraties de hoofdrol opeist. De realistische tekeningen in zachte kleuren zijn schitterend. 
Ik korte blokjes tekst wordt onder andere toegelicht wat de functie van geuren zijn, hoe de dierenneuzen werken en op welke verrassende plaatsen bij sommige dieren de neus te vinden is. Als extraatje kun je zelf castoreum ruiken, een geurstof waarmee bevers hun territorium markeren. 

Stefs grote neuzenboek 
Anneke Groen (tekst) en Stef den Ridder (illustraties) 

KNNV, 2017     € 19,95 



Paard, paard, tijger, tijger - Mette Eike Neerlin

Geplaatst 4 dec. 2017 05:03 door susan *   [ 4 dec. 2017 05:09 bijgewerkt ]


Honey belandt per ongeluk in een Chinese taal- en cultuurles. Daar leert ze onder andere de uitdrukking mama huhu , wat eigenlijk paard, paard, tijger, tijger betekent. Het is een Chinese zegswijze voor iets wat niet echt goed is, maar erger had kunnen zijn.
    Paard paard, tijger tijger is een aardige weergave van Honey’s leven. Zij ziet er namelijk opvallend uit met haar hazenlip, ze heeft een oudere zus met een verstandelijke beperking die veel aandacht vraagt, ze heeft een kettingrokende moeder die fulltime werkt en er niet altijd kan zijn en een vader, die niet meer bij het gezin woont, die zich gedraagt als een groot kind. Honey doet haar best om de boel bij elkaar te houden en springt in als dat nodig is. Ze kookt, ze gaat mee met de grillen van haar zus, ze geeft haar vader haar laatste geld en probeert vooral niet op te vallen. Het lukt haar aardig alle ballen hoog te houden, maar dat heeft een prijs. Honey denkt daar liever niet over na. Ze omzeilt zoveel mogelijk lastige vragen en ze zegt moeilijk nee. Dus stapt ze in de bus omdat de buschauffeur nu eenmaal voor haar heeft gestopt, ook al had ze geen plannen om ergens naartoe te gaan. Als ze weer uitstapt wordt ze voor een ander aangezien en ook dat zet ze niet recht. Zo ontmoet ze de oudere Marcel die is opgenomen in een hospice en binnenkort zal sterven. Hij ziet direct dat ze niet zijn kleindochter is.

Paard, paard, tijger, tijger van de Deense schrijfster Mette Eike Neerlin is een ontroerend portret van een meisje dat zich wegcijfert en teveel verantwoordelijkheid op haar schouders neemt (en krijgt). Als ze zich ook over Marcel ontfermt vraagt hij haar of ze altijd zo voor iedereen loopt te zorgen. Honey moet dan wel bekennen dat haar leven wel een beetje paard, paard, tijger, tijger is. Marcel wil dat Honey een keer voor zichzelf kiest en naar een feestje gaat dat gegeven wordt door de jongen waar Honey al een eeuwigheid verliefd op is. Hij maakt het tot zijn laatste wens en dat brengt Honey in een lastig parket, want eigenlijk moet ze mee naar de open dag van haar zusjes werkplaats. De lezer leeft mee met de worsteling die dit voor Honey oplevert. Ze weet niet goed hoe ze met dit dilemma om moet gaan, ze is veel beter in het oplossen van andermans dilemma’s. 
    Losmaken van je gezin, de spanning van een eerste liefde, ouders die je niet begrijpen, onzekerheid over je uiterlijk zijn allemaal bekende puberthema’s waar ook Honey zich mee uiteen moet zetten. Het is voor haar wel extra moeilijk omdat haar situatie niet doorsnee is. Toch is het lezen van dit boek geen zware kost. Dat komt vooral door Honey’s fijne vertelstem. Ze relativeert, ze heeft humor en ze is behoorlijk direct. Bijvoorbeeld als Marcel haar vertelt dat hij gaat sterven reageert ze met ‘Hè, bah.’ Ook betrekt Honey de lezer actief bij haar verhaal met opmerkingen als ‘Misschien begin je je inmiddels af te vragen waar het met dit verhaal naartoe gaat.’ of  ‘Nog even en dan kom ik bij het ergste van het verhaal. Nee, oké, het op een na ergste. Het ergste komt later.’
    Honey’s verhaal overtuigt ook omdat het genuanceerd is. Haar moeder, zus en vader houden wel van haar en als Honey haar rol in het geheel langzaam verandert, veranderen zij mee.

Paard, paard, tijger, tijger is een met humor geschreven ontroerend portret van een meisje dat stapje voor stapje meer ruimte voor zichzelf claimt.

Paard, paard, tijger, tijger
Mette Eike Neerlin (vertaald door Bernadette Custers) 

Van Goor, 2017     € 14,99

Prentenboeken van Will Mabbitt

Geplaatst 1 dec. 2017 05:46 door susan *   [ 4 dec. 2017 03:21 bijgewerkt ]


Will Mabbitt werd in Nederland bekend met zijn boeken over Merel Jansen. Hierin liet hij zien een originele auteur te zijn met een goed gevoel voor humor. Deze eigenschappen zien we ook in zijn prentenboeken waarvan er dit najaar twee zijn vertaald. Beide boeken spelen met de mogelijkheid dat lezers een verhaal met hun eigen fantasie kunnen verrijken.
Dit is geen bedtijdverhaaltje gaat over Tess en haar vader. Tess wil voor het slapen gaan nog een verhaaltje. Tess, papa de hond en de kat nestelen zich in bed en papa begint voor te lezen over Roze Katje die jarig is. ‘Roze Katje is altijd jarig’ zegt Tess en ze kijkt wat verveelt. Als in het voorleesboek de verjaardagsgasten arriveren leeft Tess op. Een van de gasten is een muis en misschien eet Roze Katje die wel op. Papa denkt echter van niet. ‘Had ze maar een leeuw uitgenodigd’ merkt Tess op. Papa verwerkt prompt een leeuw in het verhaal, maar het is niet de leeuw die Tess voor ogen staat, deze is veel te klein. Dus maakt papa hem groter. Samen maken ze het verhaal steeds spannender, er verschijnt zelfs een kwaadaardige robotdinosaurus. Roze Katje trekt ten strijde en beschiet het monster vanuit haar roze helikopter. Al met al wordt het een opwindend (voorlees)avontuur.
De illustraties van Fred Blunt spelen een belangrijke rol in het boek. De illustrator laat op een knappe wijze zien dat het verhaal zich op verschillende niveaus afspeelt. We kijken  mee in het boek over Roze Katje terwijl we ook Tess, haar vader en de huisdieren blijven zien. De kat en de hond spelen een belangrijke rol, zij spiegelen de emoties: als het verhaal kabbelt luisteren ze mee met dichte ogen, maar als het spannend wordt leven ze op. 
Als het verhaal echt bloedstollend wordt eist het meer ruimte en is er nog slechts een hoekje van de pagina beschikbaar voor Tess, haar vader en de dieren. Soms is het zelfs zo spannend dat ze wel ín het verhaal lijken te zitten.

Dit is geen bedtijdverhaaltje is een grappig en spannend prentenboek dat laat zien dat je ieder verhaal naar je hand kunt zetten.

Dit is geen bedtijdverhaaltje
Will Mabbitt (vertaald door Marjolein Algera) en Fred Blunt (illustraties)


De Fontein, 2017     € 12,99


Ik kan alleen wormen tekenen maakte Will Mabbitt alleen. Mabbitt laat zien dat je met een beperkt tekentalent toch een origineel prentenboek kan maken. Ook in dit boek speelt interactie een belangrijke rol, deze keer niet tussen personages uit een verhaal, maar tussen lezer en auteur.
‘Dit boek gaat over wormen. (Ik kan alleen wormen tekenen)’ laat de auteur weten op de eerste bladzijde. Dan tekent hij worm EEN. Als worm TWEE verschijnt is het moeilijk om te zien welke nou welke is en daarom geeft Mabbitt deze worm een bril. Worm DRIE krijgt een andere kleur, ‘geen reden, ik ben gewoon mijn pen verloren’. Bij worm VIER neemt het verhaal een andere wending, Mabbitt tekent nog altijd dezelfde wormen maar kent ze nu niet zichtbare eigenschappen toe. Zo denkt worm VIER dat hij de leiding over de andere wormen heeft en is worm VIJF een beetje ziek. Voor worm ZES in zicht komt waarschuwt de auteur dat het spannend gaat worden. Worm ZES tot en met NEGEN beleven namelijk fantastische avonturen, worm ACHT wordt zelfs gehalveerd. Veel van die avonturen moet de lezer met zijn eigen fantasie opvullen, want de auteur kan immers alleen maar wormen tekenen. Het loopt goed af, op de laatste bladzijden zien we alle wormen uit het verhaal en zijn ze ‘allemaal vrienden van elkaar’.
Ik kan alleen wormen tekenen is een grappig vindingrijk boek en een feest om voor te lezen. Het concept raakt aan Het boek zonder tekeningen van B.J.Novak, waarin de auteur zich ook nadrukkelijk tot zijn toehoorders richt, suggesties doet en reageert op de verwachte reacties.
    Wormen zijn normaal gesproken weinig opvallende diertjes, maar in dit boek zijn ze fluorescerend roze of geel. Ook de vormgeving speelt een belangrijke rol en zorgt ervoor dat het beeld, ondanks het beperkte tekentalent van de auteur, niet saai wordt.

Ik kan alleen wormen tekenen is een echt Will Mabbittboek: origineel en heel grappig.

Ik kan alleen wormen tekenen
Will Mabbitt (vertaald door Bibi Rumping) 

Meis & Maas, 2017     € 12,99


Roltrap naar de maan - Harrie Jekkers & Koos Meinderts

Geplaatst 29 nov. 2017 03:40 door susan *   [ 29 nov. 2017 03:48 bijgewerkt ]


Voor de liefhebbers van het werk van Koos Meinderts en Harrie Jekkers ging bij de aankondiging van dit boek de vlag uit. De teksten die zij schreven voor hun elpee Roltrap naar de maan (bekroond met een Edison) zijn al zo’n twintig jaar oud, maar nog lang niet vergeten. In deze uitgave zijn de teksten geïllustreerd door Annette Fienieg en lijkt het boek op het eerste gezicht een gedichtenprentenboek. Zo kan het ook prima gelezen worden. Nog leuker wordt het echter met de bijgevoegde cd waarop de teksten nog beter tot hun recht komen met de muziek en uitvoering van Klein Orkest.

Er komt van alles aan de orde in de goed geschreven teksten. Er zijn verschillende liedjes die draaien om de kunst van het overdrijven. In De leugenaar bijvoorbeeld staat het betere liegen centraal en in Leuk is raar wordt met een fenomenaal woordenspel alles op z’n kop gezet: ‘Wie steelt krijgt een beloning, wie weggeeft is een dief. Voor braaf zijn krijg je strafwerk en klieren dat is lief.’
Iedereen wordt vrolijk van het verhaal over de dromedaris die de dierentuin spuugzat is en eens gaat kijken in de stad en onvergetelijk is het bloeddorstige relaas over de kinderverslinder:
 ‘Hij maakt je klaar, met peper, zout en met een uitje en braadt je in een oven of een grill. Likkebaardend kijkt hij naar je door het ruitje en prikt af en toe een vork in je bil.’
Er zijn ook intieme liedjes, bijvoorbeeld over hoe blij je kunt zijn met je step of hoe verschrikkelijk het is dat het meisje van je dromen je niet ziet staan. Ook is Ballade van de Dood in de bundel opgenomen, een tekst waarvoor Meinderts en Jekkers in 2009 een Zilveren Griffel kregen.

Annette Fienieg schept een kleurrijke wereld rond de liedjes met scènes uit de teksten. Vaak is hetzelfde jongetje te zien en ook voorwerpen uit eerdere liedjes duiken elders weer op. Fienieg pakt uit als er feest gevierd wordt, maar wie goed kijkt moet toch even huiveren als hij middenin een feestelijk optocht de kinderverslinder ziet lopen, met een kind aan zijn hand.

Roltrap naar de maan is een must have voor iedereen die in de buurt van kinderen vertoefd. Harrie Jekkers en Koos Meinderts staan naast Annie M.G.Schmidt en Willem Wilmink op de eregalerij van de allerbeste kinderliedjesschrijvers. 

Roltrap naar de maan
Harrie Jekkers en Koos Meinderts (tekst) en Annette Fienieg (illustraties) 

Rubinstein, 2017     € 12,99



Het raadsel van de papegaaien - Renate Mamber

Geplaatst 27 nov. 2017 03:37 door susan *   [ 27 nov. 2017 03:41 bijgewerkt ]




Op de vroege ochtend van 13 september 1671 bekent de elfjarige Sebastiaan aan de lezer dat hij een diamant in een mooi doosje heeft gevonden en die heeft begraven op het strand. Het verhaal gaat dat de kostbare diamant wensen kan vervullen. Sebastiaan wenst dat hij groter wordt, want nu ziet iedereen hem over het hoofd.
Anderen, drie beruchte piratenkapiteins bijvoorbeeld, zullen zeggen dat Sebastiaan de diamant heeft gestolen. Ook zij denken dat het geen gewone diamant is, volgens hen rust er een vloek op. De kapiteins moeten ervoor zorgen dat de diamant bij de rechtmatige eigenaar terecht komt en als ze die niet kunnen vinden moeten ze de kostbare steen in zee gooien. Hun papegaaien houden ze in de gaten en daar worden de piraten heel                                   onrustig van.

Renate Mamber, journalist, is een beginnend kinderboekenschrijfster. Ze schreef in 2010 een historisch verhaal voor educatieve uitgeverij Nino, Het raadsel van de papegaaien is haar eerste kinderboek bij uitgeverij De Vier Windstreken. Mamber, die geschiedenis studeerde, plaatst haar verhaal in de 17e eeuw in Port Royaal op Jamaica. Het is echter geen geschiedenisverhaal, Het raadsel van de papegaaien is een avontuur. De lezer krijgt stukje bij beetje meer informatie over de diamant en zijn geschiedenis en komt er zo stapsgewijs achter van wie de steen was en hoe de drie piratenkapiteins eraan zijn gekomen. Ook wordt opgehelderd waarom ze zo bang zijn voor hun papegaaien. Mamber bouwt de spanning voortreffelijk op.
De verteller van het verhaal, Sebastiaan, is een jongen die niet opvalt en dat maakt het makkelijk voor hem gesprekken af te luisteren. Dat gaat een tijdje goed tot hij Jasmijn ontmoet, een meisje van zijn leeftijd. Zij is het nichtje van Tilda Evenings, de eigenares van het duurste drinkhuis in Port Royal. Tilda broedt op een plannetje om de legendarische diamant van de piratenkapiteins af te troggelen. Als Sebastiaan Hilda afluistert wordt hij betrapt door Jasmijn, die hem prompt verraadt. Toch worden ze vrienden, al durft Sebastiaan het meisje niet helemaal te vertrouwen. Het is verfrissend dat Mamber haar hoofdpersonage opzadelt met een pittig interessant onvoorspelbaar meisje.
Het plot wordt kundig uitgerold waarbij heden en verleden door elkaar lopen. Doordat verschillende personages vertellen over wat hen is overkomen wordt de voorgeschiedenis gekleurd door de beleving van de vertellers. Dat is een leuke manier om de verschillende karakters beter te leren kennen. Mamber schrijft vlot en heeft niet veel woorden nodig om een karakter of de omgeving te schetsen.

Het boek is uitbundig en kleurig geïllustreerd door Rachelle Meyer. Zij laat vooral de hoofdpersonages zien: Sebastiaan, Jasmijn, Tilda en de drie kapiteins. Natuurlijk duiken er ook regelmatig papegaaien op want zij spelen een belangrijke rol in het verhaal.

Het raadsel van de papegaaien is een spannend goed geschreven avonturenboek. Renate Mamber is een schrijfster om in de gaten te houden.

Het raadsel van de papegaaien
Renate Mamber (tekst) en Rachelle Meyer (illustraties) 

De Vier Windstreken, 2017     € 14,95


wie is sint? - Anke Kranendonk

Geplaatst 26 nov. 2017 03:34 door susan *   [ 26 nov. 2017 03:36 bijgewerkt ]


Wie is sint? is een sinterklaasverhaal voor beginnende lezers (AVI-niveau M3, dat betekent dat de meeste kinderen in groep drie rond december dit boekje zelfstandig kunnen lezen.) Het boek is een ‘toneelleesboek’, dat wil zeggen dat de tekst is verdeeld in rollen (twee of meer). De bedoeling is dat de lezers hun tekst hardop voorlezen. Zo ontstaat er als het ware een hoorspel. Toneellezen is een leuke sociale bezigheid en het is een oefening om bij het voorlezen de juiste intonatie te gebruiken. Hiervoor staan ook wat aanwijzingen in het boek, bijvoorbeeld dat je bij puntjes in de tekst even kort moet stoppen of als iets heel dik gedrukt is dan ‘roep je wat je leest’ . En heb je de rol van Sint dan moet je heel laag praten.

Het verhaal gaat over Kim en Pol die bij de zieke Sint op bezoek gaan als deze zijn schoolbezoek heeft afgezegd. Met elkaar verzinnen ze een ‘gek plan’ om het feest toch door te kunnen laten gaan.

Een AVI-tekst op dit niveau doet altijd wat gekunsteld aan, maar in de vorm van een dialoog kan dat makkelijker ondervangen worden. Door de leesaanwijzingen kunnen simpele zinnen toch de spanning verhogen. Het levert een levendige tekst op. Wat opvalt is dat de kinderen Sinterklaas tutoyeren.
Het 'gekke plan' behelst een verkleedpartij voor Kim en Pol, zij zullen Sint en Piet zijn. Na loting wordt besloten dat Kim Sinterklaas mag zijn en dat Pol ‘zijn snoet zal verven’.
De tekst wordt ruimschoots ondersteund met tekeningen van Mylo Freeman. Zoals we van haar gewend zijn tekent ze kleurrijk in alle opzichten.

wie is sint?
Anke Kranendonk (tekst) en Mylo Freeman (illustraties) 

Zwijsen, 2017     €7,50

Sinterklaas(voorlees)boeken voor zes plussers

Geplaatst 25 nov. 2017 03:47 door susan *   [ 25 nov. 2017 03:49 bijgewerkt ]



Ook grotere kinderen vinden het leuk om voorgelezen te worden. Hier wat tips voor sinterklaasverhalen. Kinderen kunnen ze natuurlijk ook zelfstandig lezen.
Klik voor meer informatie over de boeken op de titel.

De pony van Sinterklaas van Frans van Duijn begint spectaculair met een pony die door het dak zo het huis van de  familie Fontein binnenvalt. Het is een eigenwijs dier met een plan. Hij wil de pony van Sinterklaas worden en de stille onzekere Emma moet hem helpen.












De pakjespiraat is een deel uit de serie De piraten van hiernaast. De serie draait om de familie Donderbus, een echte piratenfamilie die in een keurige buurt woont. 
De piratenfamilie viert geen Sinterklaas. Wel heeft opa eens een akkefietje met de sint gehad en sindsdien haat hij Sinterklaas. Op 5 december sluit de familie hem altijd op, bang dat opa Donderbus stampij zal maken. Maar dit jaar weet hij te ontsnappen.








Trippel Trappel dierensinterklaas is de verboeking van een sinterklaasfilm. Marcel van Driel heeft dat kundig gedaan en het boek laat zich heel goed (voor)lezen los van de film.
Het verhaal gaat over Fretje die weleens wil weten waarom dieren geen cadeautjes krijgen van de sint. Samen met een wat bang aangelegd vogeltje en een betweterige wandelende tak gaat Fretje op zoek naar de sint om hem het verlanglijstje van de dieren te brengen.







Het Sinterklaasboek van Jaap ter Haar is een klassieker die nog altijd weet te boeien. 
Otje en zijn jongere zusje Nenny verheugen zich op de komst van Sinterklaas. Otje is een piekeraar. Hij heeft aan Sinterklaas een heel groot cadeau gevraagd, maar hij is bang dat hij zo'n bijzonder cadeau niet verdient. 








1-10 of 1275