Lijst Home


De keuze van de Penseeljury 2018

Geplaatst 21 jun. 2018 08:27 door susan *   [ 21 jun. 2018 08:27 bijgewerkt ]


Op 20 juni tijdens de MidzomerKinderboekenBorrel maakte de CPNB bekend wie in 2018 een Zilveren Penseel of Vlag en Wimpel heeft gewonnen. Op 19 september wordt de winnaar van de Gouden Penseel bekend gemaakt.

De Penseeljury werd dit jaar gevormd door Marlies Visser (voorzitter), Irma de Bruijne, Jaap Friso, Jessica Jongbloed en Judith Hessels. 

De Penseeljury was onder de indruk van het niveau van de inzendingen. Alleen voor de jongste leeftijdscategorie mogen er van de jury wel wat meer spannende en originele geïllustreerde boeken worden gemaakt. Ook is de jury ingenomen met het relatief grote aantal inzendingen van jonge illustratoren.
De jury beoordeelde 130 boeken.

De prijzen werden als volgt verdeeld
(Illustrator is vetgedrukt, onderstreepte titels zijn besproken op kinderboekenpraatjes):

Categorie 0 tot 3 jaar
Heb jij misschien Olifant gezien? David Barrow (Gottmer)
Pippeloentje - Annie M.G. Schmidt & Fleur van der Weel (Querido’s Kinderboeken)

Categorie 3 tot 6 jaar
Dit is voor jou - Sanne te Loo (Lemniscaat)
Konijnentango - Daan Remmerts de Vries & Ingrid & Dieter Schubert (Hoogland & Van Klaveren)

Categorie 6 tot 12 jaar
Tori Brian Elstak & Karin Amatmoekrim (Das Mag)
En toen, Sheherazade, en toen? - Imme Dros & Annemarie van Haeringen (Leopold)

Categorie Informatief
De wolven van Currumpaw - William Grill (Fontaine)
Fabeldieren - Floortje Zwigtman & Ludwig Volbeda (Lannoo)

De jury schreef het volgend over de bekroonde boeken:
Heb jij misschien mijn olifant gezien? - David Barrow
'David Barrow maakt sfeervolle afbeeldingen door een geraffineerd gebruik van licht en donker waarbij schaduwen een grote rol spelen. (...) Het is een vol en zwierig boek waarbij de focus toch scherp blijft.'
Pippeloentje - Fleur van der Weel  
Het is old skool Pippeloentje en toch een volstrekt nieuw boek. In de aandoenlijke illustraties wordt een veilig gevoel overgebracht door kleur, textuur en ritme in het beeld. De herhaling van de beeldelementen – de jury is gaan houden van het rode mutsje van Pippeloentje – geeft de nodige rust. '
Dit is voor jou - Sanne te Loo
'Te Loo varieert met sobere kleurstellingen tegenover uitbundigheid met frisse en felle kleuren. Je krijgt zin om zelf te gaan tekenen en schilderen en laten we eerlijk zijn: een ode aan de kracht van illustreren, dat kan niet anders dan een Zilveren Penseel krijgen.'
Konijnentango Ingrid & Dieter Schubert
'Iedere keer opnieuw is Konijnentango een ervaring. Dit tegelijkertijd verrassende, enigszins verwarrende en schattige verhaal komt door de gloedvolle illustraties sprankelend tot leven. Het is ingekaderd en tegelijkertijd onstuimig.'
Tori Brian Elstak
' Het bekoort, door de oorspronkelijkheid en gedurfdheid. Elstak is niet de man van terughoudendheid en gestileerdheid maar laat zijn penselen en potloden het werk doen, alsof hij tegen ze zegt: “Ga je gang.” Het levert een krachtig en bijzonder boek op.'
En toen, Sheherazade, en toen? Annemarie van Haeringen
'Iedere illustratie is een verhaal op zich en geeft de geschreven tekst nog meer lading. Van Haeringen illustreert op een constant hoog niveau dat steeds opnieuw uitnodigt tot lezen en voorlezen, en zeker ook tot kijken.'
De wolven van Currumpaw - William Grill 
'De jury is verrukt van de manier waarop het potlood hier wordt gehanteerd, dat zou veel vaker mogen gebeuren. In een krasserige, kleurrijke stijl die sober en doeltreffend genoemd kan worden. Niet vaak wordt non-fictie op zo’n meeslepende manier in beeld gebracht.'
Fabeldieren - Ludwig Volbeda
'De paginagrote illustraties hebben een kracht en diepte in kleur die je zelden ziet. De subtiele aardetinten krijgen een accent in helder wit. Of het nu de dondervogel of de trolkat is, je gelooft meteen dat ze er zo uitzien. Het illustratiegenre van de fantasy krijgt door de verbeeldingskracht van Volbeda een heel nieuwe dimensie. De zorgvuldigheid van de sjablonen, patronen en kaders zijn de kers op de taart in dit in alle opzichten geweldige en grootse boek. '


De Penseeljury reikt ook eervolle vermeldingen uit, de Vlag en Wimpels. Deze werden aan de volgende boeken toegekend:



Categorie tot drie jaar
Driehoek -  Mac Barnett Uitgeverij Gottmer 
Van wie is die staart? - Martijn van der Linden Uitgeverij Gottmer 
Categorie drie tot zes jaar
Dino’s bestaan niet - Mark Janssen Uitgeverij Lemniscaat 
Kleine nachtverhalen - Kitty Crowther Uitgeverij De Eenhoorn 
Voor Papa - Marije Tolman Uitgeverij Hoogland & Van Klaveren
Categorie zes tot twaalf jaar
Anne, het paard en de rivier - Enzo Pérès-Labourdette Uitgeverij Leopold 
De Vos en de Ster - Coralie Bickford-Smith Uitgeverij Christofoor 
Kleine Broer - Øyvind Torseter Uitgeverij De Harmonie 
Categorie Informatief
Binnestebinnen - Arie van ’t Riet Uitgeverij Gottmer 
En toen De stijl - Joost Swarte Uitgeverij Leopold 
Het Wonderlijke Insectenboek - Medy Oberendorff Uitgeverij Lannoo

Alles over de Zilveren Griffels en de Vlag en Wimpels 2018

Geplaatst 21 jun. 2018 06:10 door susan *   [ 21 jun. 2018 06:10 bijgewerkt ]







Op 20 juni tijdens de MidzomerKinderboekenBorrel maakte de CPNB bekend wie in 2018 een Zilveren Griffel of Vlag en Wimpel heeft gewonnen. Op 2 oktober wordt de winnaar van de Gouden Griffel bekend gemaakt op het Kinderboekenbal.

De Griffeljury werd dit jaar gevormd door Cathy Spierenburg (voorzitter), Marjolein Meijvis, André Kuijpers, Anouk van der Zee en Nina Schouten. Zij beoordeelden 158 boeken. Op de vraag waar de Griffels naar toe moeten antwoord de jury: 'Naar bijzondere boeken, die een plaats verdienen in het leven van kinderen.

De onderstreepte titels zijn op kinderboekenpraatjes besproken. Klik op de titel om naar de bespreking te gaan. 

De prijzen werden in 2018 als volgt verdeeld: 

De met een Zilveren Griffel bekroonde boeken:

Categorie tot 6 jaar
Het lammetje dat een varken is - Pim Lammers & Milja Praagman (De Eenhoorn)
Handje? - Tjibbe Veldkamp & Wouter Tulp (De Fontein)

Categorie 6 jaar en ouder
Toen ik - Joke van Leeuwen (Querido’s Kinderboeken)
Het gelukkige eiland - Marit Törnqvist (Querido’s Kinderboeken)

Categorie 9 jaar en ouder
Lampje - Annet Schaap (Querido’s Kinderboeken)
Sabel - Suzanne Wouda (Hoogland & Van Klaveren)

Categorie Informatief
Wij waren hier eerst - Joukje Akveld & Piet Grobler (Gottmer)
De zweetvoetenman - Annet Huizing & Margot Westermann (Lemniscaat)

Categorie Poëzie
Was de aarde vroeger plat? - Bette Westera & Sylvia Weve (Gottmer)
De zombietrein - Edward van de Vendel & Floor de Goede (Querido’s Kinderboeken)


De jury schreef het volgend over de bekroonde boeken:
Handje? - Tjibbe Veldkamp
'Dit speelse, humoristische en eigentijdse verhaal is niet alleen voor kinderen. Ook volwassenen krijgen op niet-moralistische en grappige wijze een spiegel voorgehouden.
De tekst en voortreffelijke illustraties zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden in dit sprankelende prentenboek dat voor elke peuter en kleuter herkenbaar is.'
Het lammetje dat een varken is - Pim Lammers 
' De eenvoudige tekst en beeldende tekeningen spreken voor zich. Geen woord te veel, geen beeld te weinig. Een complex thema trefzeker teruggebracht tot de kern. Een lam in een verkeerd dierenhok.'
Het gelukkige eiland - Marit Törnqvist
' De reis langs de eilanden van diepe gedachten, het eiland van altijd feest, het eiland van vrijheid en blijheid of het eiland van samen sterk vertolken op sublieme wijze de fase die ieder in een mensenleven herkent. Elke fase met een begin en een einde. Het gelukkige eiland lijkt de plek te zijn waarnaar ze op zoek was, een omgeving waar ze zelf haar geluk bepaalt. (...)
Het boek brengt door de wisselwerking met de illustraties en de goedgekozen woorden en precieze formulering een wereld tot leven waar de lezer zich makkelijk in herkent.' 
Toen ik - Joke van Leeuwen
'De creativiteit spat van de bladzijden af, in de gedachten, de woordassociaties en de zwart-wittekeningen. Tekst en beeld zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden en maken de gedachtes en avonturen van Deef invoelbaar.'
Lampje - Annet Schaap
'Dit verrassende debuut van Annet Schaap neemt de lezer mee naar een realistische wereld en een kleurrijk, avontuurlijk universum waar Lampje, Edward en anderen zich moeten zien te redden en aan elkaar overgeleverd zijn. Gebeurtenissen wisselen elkaar in hoog tempo af en maken het tot een spannend en uitdagend verhaal waarvan je de afloop niet kunt voorspellen.'
Sabel - Suzanne Wouda
'Het verhaal van de jongen die zich een tijd op de been weet te houden met goede herinneringen aan zijn geliefde huisdier maakt diepe indruk. (...)
De kindertransporten van juni 1943 krijgen door Max en Sabel een gezicht en een geluid. En het boek is daarmee een waardevolle uitbreiding van de verhalen die we al kennen over deze zwarte bladzijde in onze geschiedenis.'
De zweetvoetenman - Annet Huizing 
'Complexiteit teruggebracht tot eenvoud. Eenvoud als onderdeel van complexiteit. Dit sublieme boek behandelt op beschouwende informatieve wijze de basiskennis van het recht voor jong en oud, aan de hand van realistische voorbeelden en ondersteund door illustraties vol humor.(...)
Een boek dat toegankelijkheid tot doel heeft verheven.'
Wij waren hier eerst - Joukje Akveld 
' Inzichtelijke informatie voor iedereen, maar door de specifieke vertelwijze zeer toegankelijk voor kinderen.' 
De zombietrein en andere stripgedichten - Edward van de Vendel
'Emoties uit het leven gegrepen en in hun uitingsvorm blijven ze dicht bij het kind. Afgeronde conclusies of open vragen, wensvervullend of ook weer niet. Van de Vendel toont aan dat er toegankelijke poëzie bestaat waar kinderen van kunnen genieten'.
Was de aarde vroeger plat? - Bette Westera
'Kinderen stellen steeds dezelfde vragen, die veelal heel moeilijk eenduidig te beantwoorden zijn. Bette Westera weet er wel raad mee. Ze geeft bespiegelingen op de vraag die ook onbeantwoord kan blijven, in dichtvorm waarbij eindrijm geen eis is- , maar wel ambachtelijke, beeldende poëzie, zoekend naar een nieuw perspectief.'


De Griffeljury reikt ook eervolle vermeldingen uit, de Vlag en Wimpels. Deze werden aan de volgende boeken toegekend:








Tot zes jaar
Verliefd - Stefan Boonen & Jan van Lierde Van Halewyck 
Alle dieren drijven - Gideon Samson & Annemarie van Haeringen Leopold 
Kersenhemel -  Jef Aerts & Sanne te Loo Querido’s Kinderboeken
Vanaf zes jaar
Zondag, maandag, sterrendag - Anna Woltz & Annet Schaap Querido’s KinderboekenBedtijdverhalen voor rebelse meisjes - Elena Favilli & Francesca Cavallo ROSE Stories 
De cycloop - Daan Remmerts de Vries & Floor Rieder Gottmer 
Vanaf negen jaar
Het geheim van het Nachtegaalbos - Lucy Strange (vertaald door Aleid van Eekelen-Benders) Gottmer 
De gevangenisfamilie van Perry T. Cook - Leslie Connor (vertaald door Ineke Lenting) LemniscaatDe Goudvisjongen - Lisa Thompson & Mike Lowery  (vertaald door Anneke Bok) MEIS & MAAS 
Informatief
De wortels van Oranje -  Marc ter Horst & Wendy Panders Lannoo 
Het heel grote vogelboek Bibi Dumon Tak Lannoo 
Dokter Corrie geeft antwoord - Niki Padidar De Harmonie
Poëzie
Dag poes! - Koos Meinderts,  Sjoerd Kuyper, Bette Westera, Hans & Monique Hagen & Mies van Hout Hoogland & Van Klaveren

Over Griffels, Penselen, Vlag en Wimpels en de Boekensleutel

Geplaatst 20 jun. 2018 01:23 door susan *   [ 20 jun. 2018 01:24 bijgewerkt ]



Voor menigeen is het niet eenvoudig het woud aan kinderboekenprijzen rond ´de Griffels´ te overzien. Daarom een overzicht:

De Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek (CPNB) reikt jaarlijks Zilveren Griffels uit aan de best geschreven kinderboeken van het voorafgaande jaar. Zij benoemen een jury die de boeken voor de prijzen voordraagt. In de regel neemt de CPNB deze voordracht over. Naast oorspronkelijk Nederlandstalige boeken kunnen ook vertalingen voor een Zilveren Griffel in aanmerking komen. Uit de boeken die bekroond zijn met een Zilveren Griffel wordt er een gekozen die de Gouden Griffel krijgt. Een Gouden Griffel is altijd voor een oorspronkelijk Nederlandstalig boek. De Griffels zijn verdeeld over verschillende categorieën: Tot zes jaar, Vanaf zes jaar, Vanaf negen jaar, Informatief en Poëzie. Per categorie kan de jury twee boeken voordragen, maar dit doen zij niet ieder jaar.

Een andere jury buigt zich over de voordrachten voor de Zilveren Penselen. Tot 2018 maakte de Penseeljury onderscheid tussen werk van Nederlandse en werk van buitenlandse illustratoren. Nederlandse illustratoren kwamen in aanmerking voor de Penselen en buitenlandse illustratoren voor Paletten. Vanaf 2018 wordt er in het toekennen van de Zilveren Penselen geen onderscheid meer gemaakt tussen Nederlandse en buitenlandse illustratoren. De Gouden Penseel kan alleen toegekend worden aan een Nederlandse illustrator.
Ook de Penseeljury kent met ingang van 2018 verschillende categorieën: 0-3 jaar, 3-6 jaar, 6-12 jaar en Informatief en mag in elke categorie twee boeken bekronen. 

De Gouden Griffel wordt uitgereikt op het Kinderboekenbal op 2 oktober. De Gouden Penseel wordt op 19 september uitgereikt.

Zowel de Griffeljury als de Penseeljury geven eervolle vermeldingen. Dit zijn de Vlag en Wimpels. Zowel oorspronkelijk Nederlandse boeken als buitenlandse boeken komen hiervoor in aanmerking.

De Griffel-en Penseeljury kunnen gezamenlijk de Boekensleutel uitreiken. Deze prijs werd in 1979 ingesteld en is bedoeld voor een boek ‘dat opvalt door het genre, de gebruikte techniek of vormgeving, of een anderszins opmerkelijke kwaliteit die niet valt binnen de criteria die gelden voor de andere jeugdboekenprijzen’. Deze prijs is inmiddels acht keer uitgereikt.

Longlist voor de Thea Beckmanprijs 2018

Geplaatst 18 jun. 2018 03:28 door susan *   [ 18 jun. 2018 03:38 bijgewerkt ]





De Thea Beckmanprijs voor het beste historische kinder-of jeugdboek wordt jaarlijks toegekend. In de even jaren aan een boek voor kinderen tot twaalf jaar, in de oneven jaren aan een boek voor twaalf en ouder. De winnaar van de Thea Beckmanprijs ontvangt € 1.000,- van Archeon.

Dit jaar zijn dus de boeken voor kinderen tot twaalf jaar aan de beurt. De jury is op zoek naar 
goed geschreven verhalen die een historische insteek hebben. De jury bestaat uit Hubert Slings (voorzitter), Henne van Beveren, Liselotte Dessauvagie, Monique Veldman en Moniek Warmer. 

Naast de volwassen jury is er ook een kinderjury. Deze reikt De Jonge Beckman uit, de prijs voor het beste historische jeugdboek volgens de lezers zelf. Een panel van enthousiaste jongeren leest de shortlist en maakt daaruit een eigen keuze voor een winnaar. Schrijfster Marte Jongbloed begeleidt deze jury. De Jonge Beckman wordt ook op 15 september 2018 in Archeon uitgereikt.

In juni 2018 maakte de jury de longlist bekend:

Auteur / Titel / Uitgeverij
 
Auteur / Titel / Uitgeverij
Harm de Jonge
Het bedorgeltje van Jakob Balck
Hoogland & van Klaveren
 
Auteur / Titel / Uitgeverij
Hans Kuyper
Het geheim van de gifmengers
Leopold
 
 
 
Leopold
 
Auteur / Titel / Uitgeverij
Inez van Loon
Anna's grote reis
Clavis
 
 
 
 
Auteur / Titel / Uitgeverij
Joost Swarte
En toen De Stijl
Leopold
 
Auteur / Titel / Uitgeverij
Piet van der Waal
Keien van kolonisten
Kwintessens
 
 
 


Aan het einde van de zomer maakt de jury de vijf titels van de shortlist bekend.  Op zaterdag 15 september wordt de Thea Beckmanprijs 2018 in Archeon uitgereikt.

Een indiaan als jij en ik - Erna Sassen

Geplaatst 14 jun. 2018 04:59 door susan *   [ 14 jun. 2018 05:04 bijgewerkt ]


Veel mensen zullen Erna Sassen als actrice kennen, maar inmiddels kunnen we haar ook een succesvolle kinder-en jeugdboekenschrijfster noemen. Vooral haar jeugdboeken werden de afgelopen jaren veelvuldig positief besproken. Haar kinderenboeken bleven wat onderbelicht, maar daar gaat Een indiaan als jij en ik zeker verandering inbrengen.

Boaz is een jongen die van stilte houdt. In de klas droomt hij vaak weg, hij staart wat voor zich uit en luistert alleen naar zijn gedachten. Die gedachten gaan over indianen. Boaz houdt van indianen en weet er ook veel van.
    Op een dag lacht het geluk hem toe, Aïsha komt bij hem in de klas. Een meisje met pikzwart haar en ‘de donkerste bruine ogen die je ooit hebt gezien’ waarmee ze droevig en een beetje bang de wereld in kijkt. Boaz weet zeker dat ze een indiaan is. Boaz en Aïsha worden vrienden, ze zijn blij met elkaar en hebben weinig woorden nodig om dat duidelijk te maken. Als Boaz een werkstuk over de Maya’s mag maken gaat hij dat samen met Aïsha doen. Zij zal de tekeningen maken. Als hij ontdekt dat ze moet huilen als ze plaatjes ziet van schedels en botten besluit hij daar niet over te schrijven. Het onderwerp van het werkstuk wordt De leuke kanten van de Maya’s. Boaz zou willen dat hij de nare kanten van zijn ouders ook kon overslaan, vooral als ze besluiten dat    hij een klas over moet slaan. Als Boaz dat hoort, loopt hij weg.

Sassen weet overtuigend in het hoofd van Boaz te kruipen en de lezer mee te nemen in zijn gedachten die cirkelen rond indianen, Aïsha, en het dreigende gevaar dat hij een klas over moet slaan. Om te onderstrepen hoe belangrijk indianen voor Boaz zijn wordt zijn kennis over dit onderwerp uitvoerig gedeeld met de lezer. Boaz vertelt allerlei wetenswaardigheden die verder toegelicht worden in kaders bij de tekst.
    Boaz is een kind met een rijke fantasie, hij beleeft geweldige avonturen in zijn hoofd. Hij zoekt geen vrienden om ‘indiaantje’ mee te spelen, maar trekt zich liever terug op een stille plek in de duinen waar hij kijkend naar de rondlopende koeien fantaseert over de bizonjacht. Natuurlijk krijgt Aïsha ook een plaats in zijn fantasiewereld.
    Dat Aïsha geen indiaan is dringt langzaam bij Boaz door. Zij is een vluchteling uit oorlogsgebied. Als Aïsha ook in haar nieuwe omgeving te maken krijgt met geweld is Boaz ontdaan, hij kan zich niet voorstellen dat er mensen zijn die een hekel aan haar hebben. Zijn oma probeert het uit te leggen en zo brengt Sassen het actuele maatschappelijk thema van ongerichte haat voor vreemdelingen kort onder de aandacht. Aïsha’s geschiedenis wordt slechts aangestipt, de lezer mag zelf invullen waarom ze bang is voor geweld, lawaai, schedels en botten. 
    Ook sluimert er onder de tekst commentaar op het onderwijssysteem. Tussen de regels door lezen we dat Boaz er last van heeft dat de klas zo veel leerlingen telt en we lezen ook dat zijn juf hem wel erg vaak aan werkstukken en spreekbeurten laat werken als antwoord op zijn verveling. Een ander  belangrijk thema in het verhaal is de vraag of leerprestaties belangrijker zijn dan vriendschap.

Een indiaan als jij en ik is een visueel juweeltje. Martijn van der Linden vindt zichzelf voor de zoveelste keer opnieuw uit. De inhoud van het verhaal is duidelijk zijn inspiratiebron. Dat is onder andere te zien aan de gebruikte motieven die afkomstig zijn uit indianenculturen. Ook het kleurgebruik, roodbruin en zwart, verwijst hiernaar. Speels zijn de interpretaties van traditionele motieven, en ook de bijna schematische tekeningen die gebeurtenissen uit het verhaal laten zien zijn bijzonder mooi en doen denken aan rotstekeningen.
    Het boek ziet er aantrekkelijk uit door de vele illustraties en de originele vormgeving. Het is wel jammer dat er zoveel tekst op een gekleurde achtergrond gedrukt is. Dat leest niet prettig en zal voor veel kinderen met dyslexie het lezen van dit boek onmogelijk maken.

Een indiaan als jij en ik is een mooi sfeervol en prachtig geïllustreerd verhaal over een jongen die liever een indiaan is dan een hoogbegaafde jongen die een klas mag overslaan.

Een indiaan als jij en ik
Erna Sassen (tekst) met illustraties van Martijn van der Linden


Leopold, 2018     € 13,99 


Mathilde, ik kom je halen - Inez van Loon

Geplaatst 11 jun. 2018 06:05 door susan *   [ 11 jun. 2018 06:10 bijgewerkt ]


Laat ik maar direct met de deur in huis vallen: van de nietszeggende kaft moet dit boek het niet hebben. Ook de titel maakt de lezer niet veel wijzer over de inhoud. Het is de naam van de schrijfster die mij heeft verleid het boek open te slaan, want Inez van Loon schrijft fijne goed onderbouwde historische verhalen. Eerder schreef ze over Rusland, over het leven van Sinti en Roma en over een avontuurlijke reis van een gezin van Amsterdam naar Oost-Indië in de negentiende eeuw. In dit boek blijft Van Loon dicht bij huis: Mathilde, ik kom je halen gaat over haar grootmoeder.

Het verhaal begint in 1900 in de Rupelstreek, een gebied in de provincie Antwerpen in België. Dertienjarige Mathilde verliest haar moeder. Haar vader is niet van plan voor zijn dochter te zorgen en stuurt haar naar het gezin van haar tante. Mathilde is er welkom, ondanks de armoede. Haar familieleden zijn arbeiders van het geleeg, zoals de steenbakkerij waar ze werken wordt genoemd.
    De zomertijd breekt aan en dan moet iedereen aan het werk in de fabriek. Ook Mathilde en ook de zesjarige Fonske, het kleine neefje met de zwakke gezondheid. Het werk is zwaar en het verdient slecht. Voorman Kobe houdt de teugels strak en deelt bij het minste geringste een boete uit, bijvoorbeeld als er naar zijn mening niet hard genoeg wordt gewerkt. Kobe kijkt ook graag naar de vrouwen en het blijft niet bij kijken.
    De arbeiders hebben nauwelijks een kans uit hun ellendige situatie te ontsnappen. De baas van de fabriek, met hulp van meneer pastoor, bepaalt wat er gebeurt. Toch rommelt het in het geleeg, de socialisten proberen de arbeider voor hun zaak te winnen.

Van Loon is geen schrijfster die haar lezers intimideert met gruwelijke beschrijvingen van ellende en armoede. Toch is het heel duidelijk hoe zwaar het leven van de arbeiders is, dat blijkt wel uit de beschrijvingen van het dagelijks leven. Daarin is echter ook plaats voor plezier en saamhorigheid.
    Als Mathilde aankomt op het geleeg ruilt ze al snel haar rijglaarsjes in voor klompen, waarmee je beter in de modder kunt lopen, en laat haar nichtje een geheime schuilplaats zien waar je even alleen kunt zijn, want het huisje van Mathildes familie is klein en overvol. Ook heeft Mathilde direct door dat er (te) weinig geld is om eten te kopen. De beschrijving van tantes pogingen haar man en oudste zonen uit de kroeg te houden maakt duidelijk waar een deel van het loon naar toe gaat.
    Mathilde wordt snel opgenomen in de besloten gemeenschap waar iedereen in dezelfde fabriek werkt, waar de kinderen allemaal naar dezelfde ‘winterschool’ gaan, waar iedereen in dezelfde winkel zijn boodschappen moet doen en waar ook iedereen dezelfde kerk bezoekt. Het is een gemeenschap waar op neergekeken wordt, wat Mathilde al snel ondervindt als ze haar oude vriendinnen in de stad ontmoet.
    Van Loon beschrijft mooi het zware werk en de grote macht die Kobe over zijn arbeiders heeft. Dat meisjes de kans lopen door hem verkracht te worden, mag niet openlijk worden besproken. De meisjes beschermen elkaar zo goed mogelijk. Toch lukt het niet altijd om Kobe op afstand te houden, al benoemt Van Loon dat niet. De opmerkzame lezer snapt echter wel wie de vader is van het driejarige kindje van nicht Marie.
    Ook de moeilijke strijd voor betere werk-en leefomstandigheden wordt goed beschreven. Socialisten worden ook door veel arbeiders als oproerkraaiers gezien, waar je beter verre van kunt blijven. Daarnaast zijn vooral de vrouwen bang dat hun opstandige mannen en zonen hun werk zullen verliezen als ze zich inlaten met 'die rooien'.
    Omdat Mathilde nieuw is in de gemeenschap kan ze vragen stellen die ook bij de lezer leven. Zo heeft Van Loon de mogelijkheid hier en daar iets toe te lichten zonder het verhaal al te veel te onderbreken. Van Loon schrijft uitgebreid over het leven op het geleeg. Ze gebruikt daarvoor hier en daar Vlaamse woorden en dat geeft het verhaal een authentieke sfeer. Aan het boek is een verklarende woordenlijst toegevoegd waar de betekenis van de minder bekende woorden kan worden opgezocht.
    In de laatste hoofdstukken wordt kort beschreven hoe het Mathilde verder vergaat als ze het geleeg verlaat. Het verhaal stopt met een verwijzing naar de titel, het is dan 1914.
Van Loon sluit het boek af met een kort stukje waarin ze vertelt hoe het haar oma verder verging en een uitgebreid nawoord over kinderarbeid.

Mathilde, ik kom je halen is een indringend verhaal over het lot van de arbeiders, jong en oud, aan het begin van de twintigste eeuw. Dit boek is echt een aanrader voor leerlingen die bezig zijn met het tijdvak Industrialisatie.

Mathilde, ik kom je halen
Inez van Loon

Clavis, 2018     € 15,95

Andere boeken van Inez van loon op kinderboekenpraatjes:
Mijn zusje 

De wind in de wilgen - Kenneth Grahame

Geplaatst 31 mei 2018 04:37 door susan *   [ 31 mei 2018 04:53 bijgewerkt ]


The wind in the willows vindt zijn oorsprong in de verhalen die Kenneth Grahame (1859-1932) aan zijn zoon Alastair vertelde. Alastair was een ziekelijk kind met een moeilijk karakter. Hij pleegde zelfmoord toen hij twintig was. 
    Grahame, in zijn tijd al een gerespecteerde schrijver, schreef de verhalen pas jaren later op. Het boek verscheen in 1908, eerst in Amerika en kort daarna ook in Engeland. De reacties erop waren gemengd. President Theodore Rooseveld bleek een grote fan en schreef Grahame in 1909 zelfs een brief met daarin de veel geciteerde opmerking:´I have read it and re-read it, and have come to accept the characters as old friends.´ Het boek werd pas echt populair toen A.A.Milne (de auteur van de Winnie de Poehboeken) delen ervan bewerkte voor het toneel. Milne was een groot fan van het boek zoals uit deze quote blijkt:

    'One does not argue about The Wind in the Willows. The young man gives it to the girl with         whom he is in love, and, if she does not like it, asks her to return his letters. The older man        tries it on his nephew, and alters his will accordingly. The book is a test of character. We            can't criticize it, because it is criticizing us. But I must give you one word of warning. When        you sit down to it, don't be so ridiculous as to suppose that you are sitting in judgment on my     taste, or on the art of Kenneth Grahame. You are merely sitting in judgment on yourself. You     may be worthy: I don't know, But it is you who are on trial.'

Inmiddels zijn er miljoenen exemplaren van het boek in tientallen landen verkocht.

Het verhaal begint bij Mol die tijdens de lenteschoonmaak overvallen wordt door een heerlijke onrust. Hij krabbelt en wringt zich uit zijn mollenhol omhoog en neemt een vrije dag. Bij de rivier ontmoet hij Rat die hem uitnodigt voor een roeitochtje. Rat en Mol worden vrienden en ze brengen samen een heerlijke zomer aan het water door.
    Mol ontmoet ook de vrienden van Rat, waaronder de steenrijke opschepperige Pad en de serieuze vriendelijk oude Das. Vooral Pad houdt de gemoederen bezig, bijvoorbeeld als hij zich overgeeft aan zijn nieuwste passie: snelle auto´s. Hij belandt zelfs in de gevangenis, maar weet te ontsnappen. Bij terugkomst is zijn huis overgenomen door wezels en fretten. De vrienden maken dan een plan om de Paddenburg te ontzetten.
    Naast de avonturen van de hoofdpersonen beschrijft Grahame uitgebreid het landschap en de geneugten van een gezellig samenzijn.



Wat maakt dat De wind in de wilgen al ruim honderd jaar zoveel lezers bekoort? Zijn het de beschrijvingen van het Zuid-Engelse landschap van Berkshire? Is het die wonderlijke wereld die Grahame schept, met dieren die vanzelfsprekend naast mensen leven en toch hun eigen samenleving hebben, inclusief de typisch Engelse standenverschillen? Of zijn het de rake karakteriseringen van de hoofdpersonen, waar onder andere Milne naar verwijst.
Zeker is dat de karakters van de hoofdpersonen een van de grote charmes van het boek is. De aandoenlijke en trouw Mol, de wereldwijze openhartige Rat, de aristocratische Das en die heerlijke verwaande, domme, hartveroverende Pad. Personages die zich makkelijk laten typeren, maar verre van eenzijdig zijn.

In 2012 maakte kinderboekenschrijver Reggie Naus een nieuwe bewerkte vertaling van deze klassieker, gebaseerd op een bewerkte Engelse uitgave met illustraties van David Roberts. Hierin ontbrak het hoofdstuk The Piper at the Gates of Dawn, een dromerig beeldend verhaal waarin Mol en Rat een ontmoeting hebben met de god Pan, ‘de Vriend en Helper’. In deze uitgave is dit hoofdstuk weer toegevoegd.
    Naus maakte een mooie vertaling die dicht bij de originele tekst blijft. De unieke sfeer van het verhaal weet hij goed over te brengen.

The wind in the willows verscheen in 1908 zonder illustraties, maar in de loop der jaren is het vele malen geïllustreerd door verschillende kunstenaars. Naast de eerder genoemde uitgave met illustraties van David Roberts, verscheen in Nederland ook een uitgave met tekeningen van Inga Moore. Het meest bekend zijn de illustraties van E.H Shepard, bekend van Milne’s Winnie de Poehboeken. Grahame was al overleden toen de eerste druk met Shepards werk uitkwam. Het verhaal gaat dat de schrijver zeer te spreken was over de schetsen die hij nog wel gezien heeft: 'I´m glad you´ve made them real´.
In de jaren zeventig kleurde Shepard zijn oorspronkelijke illustraties in. In deze uitgave zijn de  zwart-witillustraties opgenomen.

De wind in de wilgen
Kenneth Grahame, vertaald en bewerkt door Reggie Naus met illustraties van E.H. Shepard 

Ploegsma, 2018 (twaalfde druk)     € 19,99

Dans! - Mireille Geus

Geplaatst 28 mei 2018 04:23 door susan *   [ 28 mei 2018 04:28 bijgewerkt ]


Titel en kaft suggereren een dansverhaal, maar dat is slechts ten dele waar. Het belangrijkste thema in dit boek is namelijk de relatie tussen een vader en een dochter die beide dansen.
    Maxime is de dochter van een beroemde Russische balletdanser. Haar moeder is Nederlandse en komt niet uit de balletwereld, zij werkt in een dierenasiel. Maxime, kortweg Max, mag zich samen met medeleerling Lev  voorbereiden op een belangrijke auditie voor een dansopleiding. Haar lerares, haar moeder en zelfs haar Russische grootmoeder vinden het beter dat Max’ vader dit niet weet. Hij zou zich teveel met de voorbereidingen bemoeien. Max’ moeder wil dat haar dochter, ondanks haar danstalent, een zo normaal mogelijke jeugd heeft. Ze wil niet dat haar man hun dochter zal overladen met advies en haar dingen verbiedt om de kans op blessures zo klein mogelijk te houden.
Max en ook haar moeder vinden het moeilijk om hun mond te houden omdat ze beide veel van de gepassioneerde danser houden. Ze vormen een hecht en warm gezin. Binnen dat gezin zijn echter wel de sterke overtuigingen van Max’ vader bepalend. Max’ moeder geeft de nodige tegendruk, die ook wordt geaccepteerd, maar confrontaties worden vermeden.

Mireille Geus (die in 2006 een Gouden Griffel won) beschrijft de complexe verhouding tussen vader en dochter erg mooi. Ze blijft ver weg van een eenvoudig zwart-witverhaal waarin de vader alles over heeft voor de dans en de dochter stiekem haar eigen weg moet zoeken. Ook is de vader geen tiran, maar een hartstochtelijke man die zielsveel van zijn vrouw en dochter houdt. Toch schuurt het soms tussen vader en dochter en met name op het terrein waarop beide willen excelleren. Het maakt Max onzeker om als dochter van een beroemde balletdanser eventueel in zijn voetsporen te treden. Iedere keer als de lezer denkt nu wel een beeld van Max’ vader te hebben brengt Geus de lezer weer in verwarring door een andere kant van zijn persoonlijkheid te laten zien. Zo geeft ze het verhaal een mooie diepe laag waarin duidelijk wordt dat ook een liefdevolle relatie complex kan zijn.
    De rol van Max’ moeder wordt minder diepgaand uitgewerkt. Zij is een nuchtere vrouw die voor balans zorgt. Max’ moeder maakt duidelijke keuzes. Van de strenge Russische methode om dansers op te leiden moet ze niets hebben, zij gelooft meer in de kracht van ontspanning en trainen met plezier. Het verschil in opvattingen tussen Max’ vader en moeder lijkt nauwelijks onderwerp van gesprek. Vader houdt het bij  ‘leuk en gezellig zijn erg belangrijk hier in Nederland’ en moeder vertelt niet alles aan haar man en vermijdt confrontaties. Dat maakt het voor Max niet makkelijk, ze moet haar eigen weg zoeken en wil daarbij niemand kwetsen en ook haar ambities niet op geven.
    De climax van het verhaal is natuurlijk de dag van de auditie. Daarbij is de vraag of Max aangenomen wordt bijzaak. Het draait vooral om de vraag hoe vader en dochter met elkaar verder gaan en wat belangrijk is tussen hen.

Dans! is een mooi en goed geschreven verhaal over de complexe liefdevolle relatie tussen Maxime en haar vader.

Dans!
Mireille Geus

Lemniscaat, 2018     €13,95

Andere boeken van Mireille Geus op kinderboekenpraatjes: 

Een huis voor Harry - Leo Timmers

Geplaatst 24 mei 2018 04:41 door susan *   [ 25 mei 2018 01:30 bijgewerkt ]


Ook dit jaar stelde een jury van jeugdbibliothecarissen een Prentenboek Top Tien vast die centraal zal staan tijden de Nationale Voorleesdagen die op 23 januari 2019 van start gaan. Prentenboek van het jaar 2019 is Een huis voor Harry, van de Belgische illustrator Leo Timmers.
    Het verhaal gaat over kat Harry. Op een dag vraagt vlinder Vera of Harry tikkertje wil spelen. Harry heeft nog nooit buiten gespeeld, omdat hij liever binnen zit, maar tikkertje spelen lijkt hem ‘heel leuk’. Hij stapt uit het dakraam en gaat achter Vera aan. 
    De vlinder is te snel voor hem. Als Harry er genoeg van heeft en naar huis wil ziet hij Vera nergens meer. Harry is verdwaald. Hij denkt dat hij ‘voor altijd’ zijn huis kwijt is. Als Harry om zich heen kijkt ziet hij wel andere huizen: het kleine huis van een slak, het hoge huis van een vogel en het lage huis van een duizendpoot. Maar een geschikt huis voor zichzelf kan hij niet vinden. Tenslotte trek hij in een ‘rijtjeshuis’, het zijn een aantal vuilnisbakken naast elkaar en in iedere bak woont een kat. Een nieuwe buurvrouw zoekt contact en luistert naar Harry’s verhaal. Harry vertelt dat hij zijn huis mist en dat alleen Vera weet waar hij woont. Gelukkig kennen de nieuwe buren Vera.

Het eenvoudige verhaal speelt in op de veelvoorkomende kleuterangst om te verdwalen. Jonge kinderen zullen het dan ook niet moeilijk vinden om met Harry mee te leven. Het verhaal is voor hen spannend, want Harry maakt veel mee. Al die gebeurtenissen roepen emoties op die Timmers in een goed samenspel tussen tekst en beeld zichtbaar maakt. De tekst is summier en geeft slechts structuur aan het verhaal, het zijn de illustraties die het verhaal dragen. Zo laat Timmers alleen zien waarom een doos, een boom, een plekje onder een auto of een hondenhok geen goede huizen voor Harry zijn.  
    Timmers tekenstijl lijkt eenvoudig, maar is dat niet. De illustrator besteedt veel tijd aan het vinden van het optimale plaatje. Hij plaatst zijn tekeningen tegen een witte achtergrond en daardoor oogt het geheel rustig. Timmers kleurpalet is in dit boek minder kleurrijk dan anders. Verschillende tinten bruin en grijs domineren, afgewisseld met kleurige elementen zoals een oranje vlinder, een rood verkeersbord of een boom met groene blaadjes. Wie goed kijkt ziet leuke details. Zo verwijzen de posters op een reclamezuil allemaal naar katten en vlinders, zitten de katten uit de vuilnisbakken wat minder strak in hun vacht en is het leeuwenstandbeeld net even ander dan gebruikelijk. Kinderen zullen het leuk vinden dat de weg terug naar huis dezelfde is als de heenweg. Er is echter wel wat verandert, er hangen nu overal posters met een afbeelding van Harry.
    Eenmaal thuis wordt Harry opgewacht door een meisje dat zichtbaar blij is hem weer te zien. Dat Harry geen trauma’s heeft opgelopen blijkt uit zijn afscheidsgroet: ‘Morgen kom ik weer buiten spelen’.

Een huis voor Harry is een mooi prentenboek met een eenvoudige verhaal dat vooral door de illustraties tot leven komt.

Een huis voor Harry
Leo Timmers


Querido, 2017     € 15,99

Wil je meer weten over de totstandkoming van de illustraties klik hier. 
Voor meer informatie over de Nationale Voorleesdagen 2019 klik hier


De nachtlantaarn - Lisa Thompson

Geplaatst 22 mei 2018 03:04 door susan *   [ 22 mei 2018 03:08 bijgewerkt ]


De Engelse schrijfster Lisa Thompson debuteerde vorig jaar succesvol met haar boek De goudvisjongen, over de twaalfjarige Matthew die kampt met dwangneuroses. Ook in haar tweede boek, De nachtlantaarn, is een twaalfjarige jongen de hoofdpersoon en de verteller van het verhaal. Hij heet Nathan en woont bij zijn moeder en haar vriend Gary. Zijn vader woont met zijn nieuwe vrouw in Amerika. Wat niemand weet, want Nathan en zijn moeder houden dat angstvallig geheim, is hoe Gary werkelijk is en hoe Nathan en zijn moeder daaronder lijden.
    Als het verhaal begint zit Nathan met zijn moeder in de auto, op de vlucht. Ze rijden naar een afgelegen huis in een bos waar ooit een oude vriend van Nathans oma woonde, Willem. Het huisje hoort bij een landgoed waar Willem als tuinman werkte. Willem is overleden en het huis staat leeg. Het is er vies en koud, want het verhaal speelt zich af in de winter.
Nathan en zijn moeder maken er het beste van. Ze ruimen op, maken schoon en steken de houtkachel aan. Dan gaat Nathans moeder weg om boodschappen te doen. Ze keert niet terug.

Thompson bouwt haar verhaal zorgvuldig op en weet met verschillende verhaallijnen de spanning goed vast te houden. De lezer leeft natuurlijk mee met Nathan die alleen in dat koude afgelegen huis zit en geen hulp durft te zoeken omdat hij bang is dat Gary er dan achter komt waar ze zijn. Naarmate zijn moeder langer wegblijft wordt zijn angst groter; misschien heeft ze hem wel in de steek gelaten om alleen terug te gaan naar Gary. Waarom de angst voor Gary zo groot is wordt voor de lezer stukje bij beetje duidelijk via flashbacks. Dat is een mooie vorm omdat de lezer zo meer begrip krijgt dat geestelijke mishandeling een sluipend proces is. Wat in het begin een kleinigheid lijkt, blijkt later de opmaat naar een onhoudbare situatie.
    Thompson brengt een magisch element in het verhaal als ze Sam introduceert, Nathans denkbeeldige vriendje. Sam benadrukt diverse malen dat hij ‘niet echt’ is, maar een onderdeel van Nathan omdat hij hem verzonnen heeft. Met Sam bespreekt Nathan onder andere wat er in het verleden is gebeurd: hoe het was toen zijn vader vertrok, hoe het was toen Gary bij hen kwam wonen en hoe Gary van een aardige man veranderde in een tiran. Omdat Sam vragen stelt krijgt Nathan meer inzicht in zijn gevoelens en komt hij er bijvoorbeeld achter dat hij meer van zijn vader houdt dan hij wil toegeven.
    Er duikt ook een meisje op. Ze heet Kitty en ze zegt de dochter te zijn van James die met zijn zusje Charlotte op het landgoed is opgegroeid. Charlotte is echter jong overleden bij een tragisch ongeluk. Kitty is bezig met een speurtocht die tuinman Willem vlak voor haar dood speciaal voor Charlotte maakte. Ze moet daarvoor cryptische aanwijzingen oplossen en daar is ze niet zo goed in. Nathan helpt haar, al heeft hij er niet veel zin in. Ook aan Kitty durft hij niet te vertellen dat hij alleen is.
    Thompson weeft de gebeurtenissen uit heden en verleden mooi door elkaar en brengt uiteindelijk alles samen in bevredigend happy end. De schrijfster weet knap de angst voor Gary weer te geven en geeft zo inzicht in de complexiteit van geestelijke mishandeling.
Het verhaal is ook een ode aan de kracht van de fantasie. Nathans fantasie is letterlijk zijn vriend en dat helpt hem om te overleven.

De nachtlantaarn is een boeiend, spannend en goed opgebouwd verhaal dat je in een keer uit wilt lezen.

De nachtlantaarn
Lisa Thompson, vertaald door Anneke Bok met illustraties van Mike Lowery 

Meis & Maas, 2018     € 17,50

1-10 of 1332