Lijst Home‎ > ‎

Trubbel de Trol - Reggie Naus

Geplaatst 23 apr. 2014 03:22 door susan *   [ 23 apr. 2014 03:31 bijgewerkt ]

Pepijn en zijn oudere zus Sanne gaan met tegenzin met hun vader Mendert mee naar zijn nieuwe werkplek; hij wordt boswachter in het afgelegen Nevelwoud. Pepijn ontdekt dat rond het eenzame boshuis een beest rondsluipt dat de vuilnisbak open weet te krijgen. Hij besluit het dier te bestrappen en dat lukt. Alleen is het geen dier, maar een trol. Hij kan praten en is beledigd voor een dier te worden aangezien:´Een dier? Echt niet! Ik ben Trubbel, zoon van Olle, zoon van Grubbel, zoon van Lasse, zoon van Grendel´. Pepijn stelt de jonge trol, hij is pas 200 jaar oud, aan zijn zusje voor. Trubbel leert interessante feiten over ´mensbeesten´ en op hun beurt ontdekken Pepijn en Sanne van alles over trollen, bijvoorbeeld dat trollen heel oud kunnen worden, dat volwassen trollen verstenen bij daglicht, maar kindertrollen slechts hoofdpijn krijgen van de zon en dat trollen alles eten.
Trubbels grootvader Grubbel is dol op mensenvlees en als hij de kans krijgt een mens te vangen dan lapt hij de trollenwet aan zijn laars en pakt zijn Mensbeestenkookboek om een lekker recept uit te zoeken. Als opa Grubbel Mendert te pakken krijgt moeten Pepijn, Sanne en Trubbel een manier vinden om hem te bevrijden voor hij wordt opgediend in een boomschorssaus op Trolse wijze.

Reggie Naus heeft een fijne vertellende stijl met sprankelende dialogen en veel humor. Trubbel de Trol is ingedeeld op aviniveau E5/M6 en leest makkelijk weg. Er is geen sprake van gekunsteld taalgebruik, iets dat menig een aviboek ontsiert. De tekst is soepel en ook geschikt om voor te lezen aan jonge lezers die wel van een spannend humoristisch trollenverhaal houden.
De humor zit vaak in het taalgebruik. Trubbel spreekt zijn talen goed, maar maakt desondanks grappige versprekingen. De humor zit ook in het wederzijds onbegrip. Mensen weten heel voor de hand liggende zaken over trollen niet, en Trubbel valt in het ´mensbeestenhuis´van de ene verbazing in de andere. Onder de humor schemert verdriet. Pepijn en Sanne hebben hun moeder verloren en dat thema duikt af en toe even in het verhaal op. 
Als kanariepiet Pietje, die via Trubbel met de kinderen kan praten, eigenlijk Gele Krijger blijkt te heten en graag uit zijn kooi bevrijd wil worden laat Sanne haar vogeltje vrij. Hij sterft echter direct een heldhaftige dood. Bij zijn begrafenis praten broer en zus over het graf van hun moeder dat ze nooit meer hebben bezocht. Het is duidelijk dat de kinderen haar missen. Aan het einde van het verhaal komen ze hierop terug in een gesprek met Trubbel, wiens ouders versteend zijn. Het is Trubbel die erop wijst dat ze overal aan hun moeder kunnen denken:´Ik hoef ook niet altijd naar de rotsen te gaan om aan mijn ouders te denken. Ze zijn altijd bij me.´Hij klopte op zijn knie.´Hier in mijn hart!´´ Ze staan niet lang stil bij dit moeilijke onderwerp, het avontuur lokt. Trubbel stelt voor om meermonsters te gaan kietelen, of draakjes wakker te maken. Blijkbaar zit het Nevelwoud vol met wonderlijke wezens die de kinderen nog niet kennen. Wellicht zullen we daar meer over lezen (en zien op de heerlijke tekeningen van Kees de Boer) in een vervolg; een boek om naar uit te kijken.

Trubbel de Trol
Reggie Naus (tekst) en Kees de Boer (ill)


Ploegsma, 2014      € 12,99

Andere boeken van Reggie Naus op kinderboekenpraatjes:
Zwaarden en zweefmolens