Lijst Home‎ > ‎

In gesprek met Selma Noort

Geplaatst 10 apr. 2012 04:04 door susan *   [ 11 apr. 2012 03:48 bijgewerkt ]
Boven alles ben ik in de eerste plaats kinderboekenschrijver
Ruim dertig jaar is Selma Noort kinderboekenschrijver. Ze won belangrijke prijzen, waaronder twee keer een Zilveren Griffel. Haar oeuvre werd omschreven als ´een verrijking voor de kinderboeken´. Selma zit momenteel niet lekker in haar vel ´ik ben boos en verdrietig´. Ze is boos dat haar serie Donders moet stoppen en erg verdrietig omdat steeds minder mensen haar werk kennen en/of waarderen. 
Ik sprak uitgebreid met Selma over haar emoties, over haar werk en over haar wensen. 

´Ik ben in 1978 begonnen met schrijven als meisje uit een arbeidersgezin met realistische jeugdboeken over het milieu waarin ik geworteld was. Dat soort boeken waren er niet zoveel en omdat ik zelf nog dicht bij die jeugdleeftijd zat kon ik er heel herkenbaar over schrijven. Die boeken kregen veel belangstelling en recensies en werden goed gewaardeerd. Mijn tweede er derde boek werden allebei bekroond met een Vlag en Wimpel. Ook werd al mijn werk vertaald, o.a. in het Duits.´
 
Het succes van haar boeken stelde Selma voor de keuze om te stoppen met werken of om zich volledig op het schrijven te concentreren.
´Ik moest richting aan mijn leven geven en ik heb na ruim tien jaar werken een jaar lang een soort sabatical genomen. Na dat jaar heb ik Eilandheimwee geschreven dat in 1992 uit werd gegeven. Ik kreeg er een Zilveren Griffel voor. Eilandheimwee was het eerste boek waar fantasie in voor kwam, het was een sprookje. Ik had afstand genomen van de realiteit, het boek was een beetje magisch-realistisch, wat mij ook heel goed ligt en past bij mijn belevingswereld. Nog jarenlang heb ik fanmail over Eilandheimwee gehad. Mijn streven was een boek te schrijven dat de Kinderjury en de Griffel zou kunnen winnen.´ 
 
Wat vind Selma belangrijk voor een kinderboek?
´Sfeer, humor, een lach en een traan, en verwondering. Er is ook altijd liefde in mijn boeken, soms onvoorwaardelijk, soms onbeholpen. Ik vind beeldend schrijven belangrijk, veel sfeer, en voor jonge kinderen identificatie - dat je zou willen dat de hoofdpersoon een vriendje van je was. Als ik voor de klas sta bij een schoolbezoek en over mijn boeken vertel, dan wil ik dat kinderen denken: ´Hé, dat gaat over iemand zoals ik´.
Ik beoogde met mijn lopende serie voor 6 t/m 10 jaar, Donders, dat het voor alle kinderen zou zijn: voor autochtonen, allochtonen, voor jongens en meisjes. Het moesten toegankelijke boeken zijn om zelf te lezen en grappig en pakkend om voor te lezen voor de hele klas en thuis, met de nodige spanning over de afloop. Alles zit erin: gestudeerde ouders, volkse ouders, een strenge schooljuffrouw, leuke kinderen, vervelende kinderen, maffe honden, ernst en zottigheid. Ook de omgeving, die steegjes en grachtjes (altijd in mijn liefste stad Leiden). Ik zie het voor me, en het past bij me om er zo over te schrijven. Zo zit ik in elkaar en zo zie ik de wereld en dat probeer ik, al schilderend met woorden, met mijn lezers te delen.´

´Wanneer ik voor Stichting Schrijvers, School, Samenleving in de klas kom, merk ik aan de kinderen dat ze allemaal ook wel met een hondje met de Donders kinderen mee naar het park zouden willen. De leerkrachten zijn ook enthousiast over het voorlezen van de boeken in de klas, hoewel ze er meestal in eerste instantie vaak niet mee bekend zijn. Ze geven aan het jammer te vinden niet eerder van (mijn) bestaan te hebben geweten en ze geven aan doorgaans boeken aan te schaffen die zij en de kinderen kennen uit de commercie er omheen. Zo spelen zij voor hun gevoel op veilig, en blijven zij bij wat hen bekend is, waardoor de variatie in de boeken die de kinderen bereiken, enorm afneemt. Toen ik van de uitgeverij te horen kreeg dat de serie in het huidige boekenklimaat te weinig levensvatbaar is gebleken, was ik een poos erg verdrietig, om niet te zeggen, verslagen.´ 

Maar gelukkig, een andere serie loopt nog, de verhalen over de kleuters Roel en Noor. De lezer maakte kennis met dit tweetal in Het grote voorleesboek van Sinterklaas, een Sinterklaas-themaboek dat (kleuterleidster) Selma schreef op verzoek van uitgeverij Leopold:
´Een leuke opdracht! Ik ben gek op het Sinterklaasfeest, het hangt van gekkigheid en onzin aan elkaar. Het boek ziet er echt prachtig uit met de tekeningen van Tineke van der Stelt. Ik ben apetrots op dat boek´.
Een vervolg kon niet uitblijven, Het grote voorleesboek van de kerst/oud en nieuw lag voor de hand, vond de uitgever. ´Maar met kerst blokkeer ik altijd. Dat gezwijmel en al dat gevreet, daar heb ik niks mee.´ Het werd dus geen kerstboek maar Het grote voorleesboek van de winter. ´Het hield op een themaboek te zijn en de persoontjes Roel en Noor werden de rode draad. Ik heb met ontzettend veel plezier aan het boek gewerkt. Tineke heeft het prachtig geïllustreerd. Ik vond het heel leuk om voor het boek een aantal versjes te schrijven, knutselpagina’s te verzinnen, en recepten en liedjes op te zoeken. In dit boek kon ik mijn vakmanschap en creativiteit optimaal benutten en voelde ik me weer even de kleuterleidster die ik heel lang geleden was. Als ik nu de kinderen op de kleuterschool naast mijn huis met hun juf de winterliedjes uit het boek hoor zingen, dan denk ik: YES!.´
´In juni komt een derde voorleesboek over de belevenissen van Roel en Noor uit: Het grote voorleesboek van zomer, zand en zee. Een idee waar ik zelf mee ben gekomen omdat ik met zoveel plezier aan de eerste twee boeken werkte. Het is leuk dat de lezers Roel en Noor al kennen en ook hun katertje Dropje, die zorgt voor nachtverhalen. Want als alle kinderen in bed liggen mag de poes nog naar buiten, ook al is hij nog maar een jaar oud. Dat zorgt voor spannende momenten. Roel en Noor komen steeds meer uit de verf, het derde boek is dan ook veel meer geworden dan een themaboek. Het is een boek voor voorlezers en kinderen samen.´ 

Voor schrijfster Selma Noort is het geen makkelijke periode. ´Bij boekhandels en in de wereld van het kinderboek lijk ik niet meer mee te tellen. Daardoor is iets essentieels voor mij verloren gegaan, het fijne gevoel bij te dragen en van toegevoegde waarde te zijn. Het voelt alsof mensen mij persoonlijk afwijzen want boven alles ben ik in de eerste plaats kinderboekenschrijver en de boeken die ik schrijf en schreef, zijn een stukje van mijzelf. Ik schrijf ook al vanaf mijn achttiende, mijn hele werkende leven, en ben altijd Selma Noort, de kinderboekenschrijfster geweest. Het is bepalend geweest voor hoe ik in het leven sta, en voor mijn gevoel van identiteit en eigenwaarde. Het gevoel niet nodig meer te zijn, dat er niemand meer op mijn werk zou zitten wachten – of dat nu echt zo is of niet – ik kan dat nu nog heel moeilijk relativeren. En het besef dat er zoveel anderen zijn die ook kunnen en willen schrijven. Voor mij toch geen 50 jarig jubileum aan de verre horizon, zoals ik me altijd voorstelde? Voor mij een ander? Ik dobber even en er lijkt geen land in zicht. Wat ik doe, doe ik op dit moment voor de bibliotheken, waar het nog gaat om de verhalen en de boeken, en niet om wie-wie-kent of om de schrijver als BNer. En ik doe het voor de kinderen, bibliotheekmedewerkers, (groot)ouders en leerkrachten die de boeken in handen hebben gekregen, zich door het verhaal hebben laten pakken, en er enthousiast over waren. Hoe ik verder moet en wil weet ik niet goed. Wel weet ik dat het ook een enorm moeilijke tijd is voor mijn uitgeverijen – maar dat we samen verder willen gaan. En dat is goed om te weten.