lijst Griffels en Penselen 2013

De keuze van de griffeljury 2013

Geplaatst 30 sep. 2013 02:06 door susan *   [ 30 sep. 2013 02:06 bijgewerkt ]


Wat moeten we met de Griffels van 2013? Het is de keuze van een jury die ´doelgroep´een vies woord noemt en geen (denkbeeldige) kinderen aan de jurytafel duldde. Dat is te zien. De boeken voor kinderen onder de zes jaar zijn alleen geschikt voor wonderkinderen die een grote voorsprong in hun natuurlijke ontwikkeling hebben. In Zondag moeten ze geen moeite hebben met complex samengestelde zinnen, in Zoveel als de wereld hou ik van jou moet het kind zich kunnen identificeren met een filosofische muis, in Wie klopt daar? wordt van de lezer die nog maar net (of net niet) van zijn sinterklaasgeloof is gevallen verwacht een ruwe versie van een sinterklaaslegende te waarderen en Springdag is een raar onsamenhangend verhaal voor een kind dat de werking van metaforen en beeldspraak nog niet kent. 

De negen-tot twaalf jarige kan enigszins opgelucht ademhalen. De jury, die deze leeftijdsgroep overigens als ´jeugd´ bestempelt en niet als kinderen, geeft aan hier te hebben gekozen uit een ruim aanbod. Spinder is waarschijnlijk het enige boek tussen de Zilveren Griffels waar geen discussie over is. Het is een goed geschreven origineel verhaal dat zeker geschikt is voor kinderen vanaf een jaar of negen. De tweede keuze is wél omstreden omdat Zwarte Zwaan ook genomineerd werd voor de 12+ prijs De Gouden Lijst. Opmerkelijk is dat er nu wel (denkbeeldige) kinderen aan de jurytafel lijken te zitten als deze keuze als volgt wordt verdedigd:´De hoofdfiguren uit Zwarte Zwaan zitten nota bene nog op de basisschool – mogen hun leeftijdsgenoten van vlees en bloed, de lezers, geen kennis van hen nemen? Dat zou lichtelijk belachelijk zijn, of, zoals een bekend Argentijns gezegde luidt: ´Een beetje dom.´ Zwarte Zwaan is een grensgeval, een boek dat aan de bovenkant van de categorie negen tot twaalf jaar zit. Geen makkelijk boek, want het is een heftig verhaal met een complexe vertelstructuur. Waarom hecht de griffeljury er aan dit boek óók voor een Gouden Griffel in aanmerking te laten komen terwijl er zoveel andere kwalitatief goede boeken waren om uit te kiezen, boeken die níet genomineerd werden voor de 12+ prijs; kinderboeken, geen jeugdboeken. 
En dan is er dat gapende gat in de categorie poëzie. We kunnen alleen gissen waarom de jury de poëzie van Bette Westera en Jaap Robben niet goed genoeg vond voor een Griffel. Zou dat zijn omdat de verhalende ritmische poëzie van Westera als minder te waarderen ´versjes´ is afgedaan? Graaft de originele op meerdere manieren te lezen poëzie van Robben niet diep genoeg? Of staat toegankelijkheid voor de jury gelijk aan minderwaardigheid, iets dat een kinderjury beloont maar een vakjury negeert? 
Tot slot staat eenzaam in de categorie informatieve boeken een mooie museumgids. Prachtige uitgave, fijne fotografie, originele insteek, maar vooral toch een museumgids. 

Is het erg dat de griffeljury kiest voor ´moeilijke boeken´? Zelf relativeren ze dat in het juryrapport : ´Overigens zijn begriffelde en bevlagenwimpelde boeken niet meer en niet minder dan titels die vijf verschillende professionals uit het boekenvak met vijf verschillende achtergronden het bekronen waard vonden. Laten we het niet interessanter maken dan het is.´ 
Mij steken deze woorden, het gaat hier om de belangrijkste en bekendste kinderboekenprijs van Nederland, een prijs waarvan veel mensen denken dat een vakjury het mooiste boek geselecteerd heeft dat ze blind kunnen kopen; een boek dat in de voetsporen kan treden van illustere voorgangers zoals OorlogswinterDe kleine kapiteinKruistocht in spijkerbroekKrassen in het tafelbladBrief voor de koning en Het sleutelkruid. Laten we daarom hopen dat Spinder van Simon van der Geest de Gouden Griffel wint, het enige kinderboek in deze lijst dat zich probleemloos in dit rijtje kan voegen. 

Alle ´begriffelde en bevlagwimpelde´ boeken zijn op kinderboekenpraatjes besproken. Ze zijn te vinden onder de rubriek Griffels en Penselen 2013

Vriendjes - Mies van Hout

Geplaatst 21 sep. 2013 02:47 door susan *   [ 21 sep. 2013 02:47 bijgewerkt ]


Vriendjes is een kijkboek, een mooi groot kijkboek. Tegen een zwarte achtergrond tekent Mies van Hout met kleurig pastelkrijt vriendjes. Die vriendjes zijn fantasiewezens die op de achterkant van het boek monsters worden genoemd. Er zijn grote en kleine monsters en ze zijn niet eng. 
Het thema van Vriendjes is vriendschap en alles wat dat met zich mee brengt: spelen, vervelen, klieren, vechten, huilen, lachen en ruziemaken. In twaalf spreads brengt Van Hout dit in beeld. Bijvoorbeeld ´vervelen´. We zien een groot monster met hoorns en prachtige paarse vlekken op zijn rug. Op zijn staart hangt een klein monster: poten, hoofd en staart hangen naar beneden, de gezichtsuitdrukking verveeld. Bij de vechtende vriendjes is de illustratie krasserig en de monsters hebben open bekken met grote tanden, die overigens subtiel worden aangegeven. 
Van Hout is sterk in het weergeven van emoties. Dat is goed te zien bij de spread ´ruziemaken´. De ruzie is blijkbaar onoplosbaar want een van de strijdende partijen loopt weg. Op de illustratie zien we de achterblijver met een boze blik en de handen in de zij. De wegloper, een reuzemonster met zes poten, steekt zijn neus in de lucht, duidelijk overtuigt van zijn gelijk. Ook lastige begrippen als ´schamen´ en ´hopen´ weet Van Hout prachtig te verbeelden. Mijn favoriete spread is ´lachen´ waar twee monstertjes met de handen op de buik over de pagina´s buitelen. 

Van Hout weet de verschillende facetten van vriendschap verbluffend goed, mooi, ontroerend en grappig te tekenen. Volkomen terecht kende de Penseeljury van 2013 dit boek een eervolle vermelding toe (een Vlag en Wimpel):´ een prentenboek gemaakt vóór kinderen, een boek dat (voor)gelezen en gebruikt moet worden, waarin tegelijkertijd Van Houts artistieke eigenheid en kracht ten volle tot zijn recht komen.´ 

Vriendjes 
Mies van Hout 

Lemniscaat, 2012     € 14,95

Andere boeken van Mies van Hout op kinderboekenpraatjes:


Takkenkind - Gerda Dendooven

Geplaatst 8 sep. 2013 05:18 door susan *   [ 8 sep. 2013 05:19 bijgewerkt ]


In Takkenkind kiest Gerda Dendooven voor een vaak verteld sprookje waaraan ze natuurlijk wel haar eigen draai geeft: Een man en vrouw liggen in bed. De vrouw wordt plotseling wakker en eist een kind. De man besluit er een te gaan halen. Hij laat de verbijsterde vrouw achter in bed en verdwijnt in de donkere nacht op zoek naar een kind. Waar kan de man een kind vinden en wat voor kind wil zijn vrouw eigenlijk:´Wilde ze een jongen of een meisje? Eentje van één, twee of twaalf jaar? Een blond of een bruin, een zwart of een blank, een Chineesje of een Mexicaantje, een dik of een dun, met krulletjes of stekeltjes, een muzikaal kind of liever een sportief´. Hij komt er niet uit en wijst verschillende kinderen af die hij in treurige omstandigheden achter laat, Dendooven schuwt een zwart randje in haar verhalen niet. De man komt uiteindelijk thuis met een stuk hout dat op een kindje lijkt. Aanvankelijk wil de vrouw niets weten van dit ´takkenkind´, maar als er blaadjes aan zijn takkenhandjes groeien en het kindje naar haar lacht is ze verkocht. Het kind krijgt een naam en groeit voorspoedig op. Het krijgt zelfs een broertje of zusje. 


Dendooven schrijft in mooie beeldende taal die goed aansluit bij haar illustraties. In haar typerende expressieve stijl vormen de tekeningen een belangrijk onderdeel van het boek. Haar mensfiguren hebben grote handen, knobbelneuzen en zijn wat hoekig. De gezichtsuitdrukkingen zijn goed getroffen, zoals op de kaft al te zien is waar de man en vrouw zich liefdevol over hun takkenkind ontfermen. In de zoektocht naar het kind is de belofte zichtbaar door bruine, roze, rode , blauwe en gele kinderen rond de man en de vrouw te laten zweven. Als de vrouw woedend is heft ze een bijl op naar haar man, maar alle dreiging is weg als ze zich liefdevol over haar takkenkindje in zijn bedje buigt. 
De Penseeljury 2013 gaf Dendooven voor dit boek een Zilveren Palet ( te vergelijken met een Zilveren Penseel, maar dan voor een niet Nederlandse illustrator). De jury roemt dat Gerda Dendooven geen enkele artistieke concessie heeft gedaan en toch een prentenboek met het oog op kinderen heeft gemaakt:´Het is daarmee een nieuw hoogtepunt in haar stevige oeuvre, en een uitschieter in het prentenboekenaanbod van het jaar.´ 

Takkenkind 
Gerda Dendooven 


Querido, 2012     € 14,95 

Andere boeken van Gerda Dendooven op kinderboekenpraatjes:

Waar was Hans? - Ienne Biemans

Geplaatst 6 sep. 2013 02:58 door susan *   [ 6 sep. 2013 02:58 bijgewerkt ]


Hans gaat de lezer, ´best stoer´, vertellen wat hij heeft meegemaakt toen hij ´nog acht of negen jaar was´. Het gebeurde op de dag dat hij voor het eerst alleen thuis mag blijven. Als hij dorst krijgt vindt hij in de keuken een knaloranje fles limonade. Het is ´superlekker! Zalig zacht en zalig zoet´. Al snel merkt Hans dat hij toverdrank op heeft:´Ik zag de muren om me heen draaien. Ze kwamen op me af. Ze deinsden achteruit.´ Hans´ benen worden ineens slap en hij wordt erg moe. Hij sleept zich de trap op en naar zijn bed. En dan gebeuren er pas echt rare dingen: er verschijnt een schildwacht gemaakt van snoepspek, Hans valt in een put, hij komt terecht in het land Penarie waar hij een jongen ontmoet die ook Hans heet en hij krijgt te maken met twee identieke meisjes die hem benoemen tot jury van hun schoonheidswedstrijd. Gelukkig kruist een fee zijn pad die hem weer op de goede weg zet. Uiteindelijk is hij ineens weer in zijn bed. 


Ienne Biemans, die vooral bekend is van haar kindergedichten, schreef dit boek in proza. Ook haar proza leest als een gedicht. Ze schrijft in korte zinnen en gebruikt beeldende woorden zoals ´putspinnen´ en ´schildwachtpak´ en poëtische taal waarmee ze de wonderlijke omgeving van Hans schetst:´Bloemen waaiden open. Bomen zwaaiden. Blaadjes begonnen te ritselen. Beekjes te stromen.´ Biemans verwerkt ook veel dialoog in haar tekst, waarin Hans´ stopwoordje ´Mozes´ veelvuldig voorkomt. 
De beeldende tekst past goed bij de illustraties van Ceseli Josephus Jitta. Haar kleurrijke werk in gemengde techniek is speels en gedurfd. Als de wereld rond Hans begint te bewegen, brengt zij dit in beeld door de tafel waaraan Hans zit te laten dansen op elegante rode schoentjes. Hans als zeemeerman die zich de trap op sleept sluit rechtstreeks aan op de tekst, maar Jitta laat haar fantasie gaan als ze Hans als walrus afbeeldt als de tekst beschrijft hoe hij op zijn buik op het spiegelgladde zeil naar zijn kamer glijdt. 
Het verhaal van Hans laat zich op twee niveaus lezen. Als het verhaal dat Hans aan de lezer toevertrouwt, zijn wonderlijke avonturen na het drinken van een toverdrank, of de lezer kan het verhaal interpreteren als de gevolgen van het drinken van alcohol. 
Het verhaal is bedoeld voor de beginnende lezer, maar niet iedere onervaren lezer zal uit de voeten kunnen met dit onsamenhangende wonderlijke avontuur waar de gebeurtenissen los van elkaar lijken te staan. 
Het boek kreeg een eervolle vermelding van de Griffeljury 2013 (een Vlag en Wimpel) die het verhaal surrealistisch en overrompelend noemt. 

Waar was Hans? 
Ienne Biemans (tekst) en Ceseli Josephus Jitta (ill) 

Gottmer, 2012     € 12,95


Verschoppelingen - Suzanne Wouda

Geplaatst 1 sep. 2013 08:36 door susan *   [ 1 sep. 2013 08:36 bijgewerkt ]


Daniel is elf en woont met zijn ouders, zijn negenjarig blinde zusje Saartje en baby Thomas in Amsterdam. Het is 1664 en de pest is in aantocht. Daniels familie wordt hard getroffen: vader, moeder en de baby overlijden en Daniel komt in het pesthuis terecht. Als hij het pesthuis kan verlaten weet niemand waar Saartje verblijft; ze is meegenomen door een onbekende man en is waarschijnlijk in Haarlem. Daniel gaat naar haar op zoek. Onderweg ontmoet hij de Italiaanse Ciro, een vaardige kippendief die toch op een dag wordt gesnapt door een groep kermisklanten. De jongens worden gevangen genomen en moeten werken om de schade te vergoeden. Daniel is ten einde raad, hij móet zijn zusje zo snel mogelijk vinden. 


Dit tweede historische kinderboek van Suzanne Wouda schetst een mooi tijdsbeeld. Bijna ongemerkt komt de lezer in de zeventiende eeuw terecht waar de hardheid van het bestaan al snel duidelijk wordt. Wouda legt in het verhaal weinig uit en dat is ook niet nodig. De lezer ziet door Daniels ogen de steden en het platteland en ervaart zijn verdriet en zijn hoop. 
Verschoppelingen is in de eerste plaatst een spannend verhaal. Terwijl Daniel zoekt naar Saartje weet de lezer waar ze is. In korte stukken tekst worden haar indrukken beschreven en daaruit kan de lezer opmaken dat het niet goed met haar gaat en Daniel haar zo snel mogelijk moet vinden.
Daniel ontmoet op zijn weg behulpzame eerlijke mensen, maar ook bedriegers zonder geweten. Het is voor hem, en dus ook voor de lezer, moeilijk in te schatten wie hij kan vertrouwen en wie niet.
Thema´s als goed en kwaad, berusten of vechten, vertrouwen en wantrouwen spelen een belangrijke rol. 
Wouda is geen schrijfster van mooie zinnen en ook haar karakters worden niet erg uitgediept. Haar sterke kant is dat ze een spannend historisch kinderboek kan schrijven dat je in één keer uit wilt lezen. Ze kreeg voor dit boek in 2013 een eervolle vermelding, een Vlag en Wimpel, van de griffeljury. 

Verschoppelingen 
Suzanne Wouda 

Ploegsma, 2012     € 16,95

Camping Zeevos - Hilde Vandermeeren

Geplaatst 25 aug. 2013 05:56 door susan *   [ 25 aug. 2013 05:56 bijgewerkt ]


In Camping Zeevos vertelt de Vlaamse Hilde Vandermeeren over een aantal moeilijke dagen uit het leven van de tienjarige Will en zijn vierjarige broertje Harry. De jongens wonen met hun moeder in een caravan op een camping. Eigenlijk mogen zij, en nog een aantal andere mensen, daar niet wonen, maar de gemeente knijpt een oogje dicht. Sommige van de vaste bewoners zijn aardig, anderen niet. Als mijnheer Richard plotseling overlijdt treurt er niemand. Maar zijn overlijden brengt wel onrust: Mijnheer Richard zou vlak voor zijn dood een prijs in de lotto hebben gewonnen en niemand kan het winnende loterijbriefje vinden. 

Will heeft echter iets anders aan zijn hoofd: zijn ´op-en-neer-mama´ is verdwenen. Op sommige dagen denkt zijn mama dat ze alles kan en ´vliegt ze zo hoog dat ze de hemel ziet´. Op andere dagen stort ze ´zomaar´ naar beneden en huilt dan dagen achtereen. Will is bang dat hij en zijn broertje ´weggehaald´worden als iemand erachter komt dat zijn moeder weg is. Hij besluit daarom niemand iets te vertellen en zelf zijn moeder te gaan zoeken. 

Hilde Vandermeeren verstaat de kunst mooi te schrijven en daarbij haar beoogde publiek, kinderen vanaf een jaar of negen, niet uit het oog te verliezen. Ze gebruikt daarvoor beproefde literaire middelen. Zo begint ze haar boek met een goed geplaatste tegenstelling die direct de toon zet:´ De dag dat mijn moeder verdween, was dezelfde dag dat mijnheer Richard de lotto won (en daarna het loodje legde)´. Vandermeeren schetst haar kleurrijke karakters met weinig woorden en slaagt erin de stem van de verteller, de tienjarige Will, daarin door te laten klinken: ´Malika komt uit Afrika, ze is een jaartje ouder dan ik en driedubbel zo slim. Haar papa zegt dat ze bij haar geboorte een encyclopedinges heeft ingeslikt´. Ook haar beeldspraken zijn mooi en origineel. Zo schrijft ze over de knalgele koffer die mama op een van haar ´vliegdagen´ koopt als ze even vergeten is dat op reis gaan geld kost. Hoopvol blijft de koffer nog een paar dagen in de kamer staan´als een zon die niet wilde ondergaan´. 
De lezer leeft met Will mee, die niet voor het eerst met een plotseling verdwenen ouder te maken krijgt. Zijn vader was ook opeens weg en liet alleen een scheepje in een fles achter en de raad nooit iemand te vertrouwen.
Vandermeeren schetst in Camping Zeevos de onderkant van de samenleving waar allerlei problemen samenkomen. Toch blijft de toon van het verhaal licht en gelukkig loopt het goed af met Will, Harry en hun mama.

Camping Zeevos kreeg van de griffeljury 2013 een eervolle vermelding (een Vlag en Wimpel); dat had van wat mij betreft wel een Griffel mogen zijn. 

Camping Zeevos 
Hilde Vandermeeren (tekst) en Harmen van Straaten (ill) 

Davidsfonds, 2012     € 15,95


Het hanengevecht - Hans Hagen

Geplaatst 23 aug. 2013 03:06 door susan *   [ 23 aug. 2013 03:07 bijgewerkt ]


Veel bekroond kinderboekenschrijver Hans Hagen neemt in zijn boek Het hanengevecht zijn lezers mee naar een onbekende wereld waarin de strijd tussen twee hanen op leven en dood niet gezien wordt als een wrede sport, maar als spannend volksvermaak. 
Het verhaal speelt zich af op de dag dat Pio zijn haan voor het eerst laat vechten in de ´cockpit´, de arena voor hanengevechten. Pio is straatarm en sinds zijn vader zijn taxi-motor bij de hanengevechten heeft vergokt kan hij niet meer naar school. Er is geen geld voor schoolspullen en Pio moet geld verdienen om bij te dragen aan het gezinsinkomen. 
Op een dag vindt hij een jonge haan die hij opleidt tot vechthaan. Als zijn haan wint kan hij het dier voor veel geld verkopen en weer naar school. Maar of zijn haan wel een kans heeft tegen de haan van zijn tegenstander is de vraag. 

Hagen vertelt het verhaal in korte zinnen in honderd bladzijden. Het is knap dat hij in zo weinig woorden zo veel vertelt. Hij laat de lezer meeleven met een jongen die op het punt staat zijn geliefde haan te laten vechten op leven en dood. Het is voor de lezer niet moeilijk om mee te leven met Pio en te begrijpen wat hij voelt en wat hij hoopt: ´Pio masseert de borst van zijn haan. Winnen, denkt hij. Vecht voor je leven. Win. Win. Winnaar! Na het gevecht lig je weer veilig in mijn armen. Dat beest van Nonoy eindigt daar in die pot. Jij niet! ´ 
Philip Hopman draagt met zijn zwart/wit tekeningen veel bij om de wereld van Pio te begrijpen. Niet alleen ziet de lezer hoe het stadion en de cockpit eruit ziet, hij ziet nog veel meer: de spanning voor de wedstrijd die van de gezichten is af te lezen, de armoede van Pio die geen schoenen draagt en de felheid waarmee de hanen het gevecht aangaan. 

Hagen heeft met Het hanengevecht een kinderboek geschreven dat kinderen laat zien, voelen en ruiken wat hun leeftijdgenoot Pio in een onbekende cultuur meemaakt. Het is zeker geen informatief boek waarin dingen worden uitgelegd of vergoelijkt. Integendeel. Hagen beschrijft zonder commentaar gruwelijke, spannende, ontroerende en mooie momenten. Hij kreeg er een eervolle vermelding van de griffeljury 2013 voor (een Vlag en Wimpel). Van mij had hij een Griffel gekregen omdat hij in toegankelijk mooi taalgebruik voor de jonge lezer een onbekende wereld weet te openen en daarbij een grote indruk achterlaat. Het hanengevecht is een van de mooiste kinderboeken uit 2012. 

Het hanengevecht 
Hans Hagen (tekst) en Philip Hopman (ill) 


Querido, 2012     € 12,50 

Hans Hagen vertelt meer over de achtergrond van het boek (en geeft schrijftips) in dit filmpje 



De slipper van Maria Bonita - Liesbet Ruben en Babette van Ogtrop

Geplaatst 18 aug. 2013 03:32 door susan *   [ 18 aug. 2013 03:32 bijgewerkt ]


De slipper van Maria Bonita
 is een informatief foto-verhalenboek voor kinderen vanaf zes jaar. Het boek is gemaakt bij de´doe-tentoonstelling´ MixMax Brasil die nog tot het voorjaar 2015 te zien is in het Tropenmuseum Junior in Amsterdam. Met deze tentoonstelling wil het Tropenmuseum de kracht van de Braziliaanse mixcultuur laten ervaren en laten zien dat traditioneel erfgoed, hedendaagse straatkunst en afvalmateriaal ´een spannende symbiose´ aangaan. 

Het boek heeft een verrassende en mooie vormgeving. Het verrast omdat het eigenlijk twee boeken lijken met twee verschillende verhalen en twee verschillende voorkanten, die wel dezelfde titel hebben. Het maakt niet uit aan welke kant je het verhaal begint te lezen, halverwege het boek wordt duidelijk dat beide verhalen samen komen. De hoofdpersonen in de verhalen zijn Maria Bonita en Nino Break. Maria speelt de grote trom in een maracatogroep. Zij spelen traditionele muziek. Maria wil een paar dagen de stad uit om op zoek te gaan naar de roots van de maracato. In het binnenland bezoekt ze diverse plaatsen en kunstenaars. Nino is breakdancer en woont in de stad Recife. Hij neemt de lezer mee naar diverse kunstenaars in de stad. 

In de korte teksten bij de foto´s komt veel aan de orde. De sfeer van het platteland of de stad wordt knap neergezet in deze combinatie, vooral aan het begin van beide verhalen waar een enkele zin aan een prachtige foto wordt verbonden. Na deze sfeerimpressie begint het verhaal van Maria of van Nino. De tekst beschrijft wat de vertellers doen, zien en denken en soms wordt iets toegelicht door een inzet in de tekst. De tekst bevat veel informatie maar komt hier en daar wel schools over, bijvoorbeeld als rietkapper Marcos gaat zitten en ´plechtig´ begint te vertellen: ´Wij zijn de lansdragers in de maracatu. Wij zijn de beschermers van de oude tijd. De tijd waarin indianen en zwarten als slaven werkten op de rietvelden´. Een inzet in de tekst legt nog even uit wat slaven zijn. Of als Nino gaat vertellen over voetballen:´verderop zijn jongens aan het voetvallen. Misschien kan hij een balletje meetrappen. Nino is gek op voetbal. ´Ik ben voor de club Santa Cruz. In mijn buurt is iedereen voor Santa Cruze. De andere twee voetbalclubs van Recife zijn...´ 

De schrijfsters van het boek, beide al jarenlang verbonden aan het Tropenmuseum hebben bij hun tentoonstelling een origineel, aantrekkelijk en informatief boek gemaakt. Ze kregen er een Zilveren Griffel voor. 

De slipper van Maria Bonita 
Liesbet Ruben en Babette van Ogtrop
 

KIT Publishers, 2012     € 14,95


Springdag - Anne Provoost

Geplaatst 11 aug. 2013 04:44 door susan *   [ 11 aug. 2013 04:44 bijgewerkt ]


Op Springdag landt na een lange avontuurlijke val de verteller van het verhaal.´Wat een duik! Wat een smak!´. Er steekt wind op in het kale 
landschap waar het blote meisje is geland. De wind heeft niets om tegen aan te waaien, alleen een koffertje, dat het meisje heeft meegenomen. Uit de koffer klimt een vrouw.´Ik ben de vrouw van je leven´ zegt ze en ze pakt het meisje op, geeft haar melk en noemt haar Zsófi. Ook de vrouw heeft een koffer bij zich. Er zit van alles in, zelfs een man:´een hele mooi, op wollen sokken´. Hij blijkt de man van haar leven en ook hij heeft een koffer. Uit zijn koffer hangen twee vlassen staarten. Een is van een paard en de ander is van Kej, een oude vrouw. Zsófi volgt Kej waar ze ook gaat. Ook Kej heeft een koffer die goed gevuld is. Op een dag kondigt Kej aan dat haar Springdag nadert. Ze ordent haar spullen en maakt de koffer leeg. 

Anne Provoost wilde een boek maken waarin de gangbare kijk op het leven wordt omgekeerd. Het kind wordt niet geboren in een wereld die al bestaat, maar komt daarentegen terecht in een wereld die begint als het kind aankomt. Het werd een allegorische vertelling over leven en dood, met metaforen die het begin en het einde van het leven beschrijven. 
Provoost heeft intensief samengewerkt met illustratrice An Candaele. Met rietpen, inkt, wikkels en pakpapiertje schept Candaele de wereld van Zsófi. Een koude wereld die associaties oproept met Mongolië. De illustraties zijn onlosmakelijk verbonden met het verhaal, ze vullen het verhaal aan en verdiepen het. Ze laten onder andere zien hoe de wereld van Zsófi zich steeds meer vult en hoe de patronen van de koffers verbonden zijn met de mensen uit het verhaal. 
Zowel in de tekst als in het beeld valt veel te ontdekken. Het boek heeft een subtiele schoonheid die tot nadenken uitnodigt. Waarom is Zfófi bijvoorbeeld zolang bloot en krijgt ze pas haar luchtige kleding als Kej er is? Waarom kruipt Zfófi is de lege koffer van Kej en waarom neemt Kej haar koffer niet mee op haar Springdag? 

Springdag is geen makkelijke weglezer, maar een boek dat uitdaagt om meermaals te lezen en te overdenken. Of deze parabel over leven en dood kinderen tussen zes en negen jaar zal aanspreken betwijfel ik. Het boek kreeg een Zilveren Griffel in deze leeftijdscategorie. Voor wie het vermogen nog niet heeft ontwikkelend om metaforen te onderscheiden en te waarderen is het een ´raar´ verhaal over een bloot meisje dat een grote sprong maakt en allerlei mensen met koffertjes tegen komt. 

Springdag 
Anne Provoost (tekst) en An Candaele (ill) 

De Eenhoorn, 2012     € 14,95

Zoveel als de wereld hou ik van jou - Imme Dros

Geplaatst 4 aug. 2013 05:33 door susan *   [ 4 aug. 2013 05:33 bijgewerkt ]


Op een dag wordt een lap een knuffel. Het is Muis en hij is de lievelingsknuffel van Luzily. Muis ziet Luzily opgroeien. Eerst kan ze alleen nog maar trappelen met haar voetjes, lachen en huilen. Dan krijgt ze tanden, leert ze praten en nog later leert ze klokkijken. Muis is altijd bij haar. Natuurlijk gaat hij mee als Luzily naar het ziekenhuis moet. Daar raakt hij kwijt en komt  bij een jongen terecht die koud in zijn bed ligt en knuffels kan verstaan. Gelukkig brengt een verpleegster hem weer terug naar Luzily. 

Op een dag wordt Luzily te groot voor knuffels en praat ze liever met haar vriendinnen dan met Muis. Tot de dag dat ze hem onder haar bed vandaan haalt en hem weer al haar geheimen toevertrouwt: ´Je blijft altijd bij me, hè Muis? O, Muis, ik hou zoveel van je, Muis. Zoveel als de wereld hou ik van jou.´ 

Het verhaal van Muis is een filosofisch getint verhaal waarin Muis met zijn lappen muizenogen naar de wereld kijkt en deze probeert te begrijpen. Vooral ontmoetingen met anderen geven hem stof tot nadenken. Het zijn geen eenvoudige onderwerpen waar Muis zijn gedachten mee vult en regelmatig spelen leven en dood daarin een rol. Wil hij wel oud worden als alles wat oud wordt een beetje stuk gaat? Kan Muis vergeten dat de merel een wormenmoordenaar is als hij geniet van zijn gezang? Kan een halve regenworm nog gelukkig zijn? En wat moet hij aan met zijn ontmoeting mevrouw Gniep. Zij vertelt hem prachtige verhalen over haar muggenleven ´boordevol moord en doodslag´. Maar juffrouw Gniep eindigt als een vlek op het behang. Is dat jammer, of moet Muis blij zijn dat Luzily geen muggenbeet heeft? 

Zoveel als de wereld hou ik van jou is bekroond met een Zilveren Griffel in de leeftijdscategorie´tot zes jaar´. De jury houdt daarbij geen rekening met het gebrek aan levens-en leeservaring van kleuters. Er is veel impliciete informatie in het boek verwerkt die moeilijk te begrijpen is voor jonge kinderen, bijvoorbeeld de beelden waarmee wordt aangegeven dat Luzily steeds ouder wordt. Bovendien kun je je afvragen in hoeverre een kleuter zich nog kan identificeren met de ouder wordende Luzily. 
Tijdens het vertellen van het verhaal wisselt het vertelperspectief vaak: de ene keer volgt de lezer de gedachtegang van Muis, de andere keer van degene die Muis ontmoet; een stijlkeuze die het tekstbegrip voor kleuters niet ten goede komt. 
De gedachten die Muis heeft gaan diep en de beelden die Imme Dros gebruikt hebben nogal eens een dubbele betekenis. Zoals de halve worm die zich afvraagt vraagt of dat wat gescheiden is ooit weer kan helen en of het geheelde dan hetzelfde is als het oude. Of neem de verwarring van een vlinder die na al zijn gedaanteverwisselingen zichzelf is kwijt geraakt. 
Voor oudere kinderen is het wellicht aantrekkelijk om eens met Muis en de dieren die hij ontmoet mee te denken. Maar het boek is toch vooral geschikt voor de volwassen lezer. Die kan volop genieten van de originele woordkeuze van Dros en haar beeldspraak op waarde schatten. 

Het verhaal is prachtig geïllustreerd door Harrie Geelen, al heeft hij voor een kleuterboek wel de onvergeeflijke fout gemaakt alleen Eendje, Muis en Beer te tekenen en de in de tekst genoemde Pop te vergeten. 

Zoveel als de wereld hou ik van jou is een prentenboek dat vooral door volwassenen gewaardeerd zal worden. Voor kleuters is dit prentenboek ongeschikt. 

Zoveel als de wereld hou ik van jou 
Imme Dros & Harrie Geelen 

Querido, 2012     € 14,95

1-10 of 21