lijst Jacques

Willem en Dikke Teun - Jacques Vriens

Geplaatst 30 nov. 2016 02:20 door susan *   [ 30 nov. 2016 02:21 bijgewerkt ]


Willem is vijf jaar en niet zo´n held. Gelukkig heeft hij Dikke Teun, een grote dikke rode kater die kan praten. Dikke Teun is een kat met karakter. Hij praat alleen als hij er zin in heeft en hij praat alleen met Willem, verder mag niemand weten van zijn bijzondere gave. Willem moet beloven het geheim goed te bewaren en dat is soms best moeilijk.
Dikke Teun helpt Willem met dingen die hij niet zo goed durft: hij loopt mee naar de winkel als Willem alleen een boodschap moet doen, hij helpt Willem als hij met grote jongens verstoppertje gaat spelen en Dikke Teun grijpt in als ´stomme Frankje´ Willems trein afpakt. Ondertussen blijft hij ook een heel gewone kat die trek heeft in een verse kikker en achter de poezen aangaat. 

De verhalen over Willem en Dikke Teun verschenen oorspronkelijk in het kleuterblad Bobo en werden in 1985 voor het eerst in boekvorm uitgegeven. Inmiddels is het boek aan de tiende druk toe. Het verhaal van Willem en zijn kat is tijdloos. Dat komt omdat het zo goed aansluit bij de belevingswereld van kleuters. De hobbels die Willem in zijn kleuterleven moet nemen zullen herkenbaar zijn. Zo vinden veel kinderen het eng om alleen een boodschap te doen (zeker als er ook nog iemand voordringt) of even alleen thuis te zijn. De nuchtere Dikke Teun leert Willem bijna ongemerkt om minder bang en verlegen te zijn. 
Ook het taalgebruik sluit aan bij de kleuterleeftijd. De zinnen zijn kort met veel dialoog; heerlijk om voor te lezen. Vriens verwerkt ook grapjes in het verhaal die leuk zijn voor kleuters, zoals het vermeende uitschelden van een dikke onaardige vrouw voor ´Dikke Teun´. Het verhaal is overzichtelijke opgedeeld in afgeronde hoofdstukken. De kleurige illustraties van Alex de Wolf maken het geheel af. Ze ondersteunen de tekst en geven de emoties goed weer, zowel van de kat als van Willem.

Willem en Dikke Teun is een heerlijk boek om voor te lezen en mag in geen enkele kleuterboekenkast ontbreken. 

Willem en Dikke Teun
Jacques Vriens (tekst) en Alex de Wolf (illustraties)


Van Holkema & Warendorf, 2016      € 12,99

Smokkelkinderen - Jacques Vriens

Geplaatst 12 okt. 2016 03:28 door susan *   [ 12 okt. 2016 04:09 bijgewerkt ]


Het is 1934. De twaalfjarige Arie woont in de grensstreek. Aan het begin van het verhaal ligt hij in bed en wacht tot zijn vader Corneel thuis komt. Vader smokkelt met zijn vaste maten boter over de grens om wat bij te verdienen. Corneel is werkloos en van het geld van de steun kunnen ze niet rondkomen. Arie hoopt dat hij snel een keer mee mag met de smokkelbende, maar zijn oma wil daar niets van weten. Arie en Corneel wonen bij oma, samen met Arie´s veertienjarige zusje Nelleke die verstandelijk gehandicapt is. Arie heeft zijn moeder nooit gekend en ook zijn opa niet, over hen wordt niet gesproken. 
Het smokkelen is niet zonder gevaar, zeker niet sinds er een nieuwe grenswachter uit Holland is gekomen die voorgoed een einde aan het smokkelen wil maken. Op een dag wordt Corneel verraden en opgepakt. Oma neemt het heft in handen en stelt Arie een gewaagd plan voor. 

In zijn vijfde historische kinderboek brengt Jacques Vriens een bijzondere periode tot leven. Smokkelen werd in de grensstreek lange tijd niet als misdaad gezien, het was meer een soort sport waarbij de smokkelaar uit handen van de grenswachters moest blijven. Die grenswachters waren veelal dorpsgenoten. Maar mensen van buiten, in het boek is dat de nieuwe commandant uit Holland, denken daar anders over. Daarmee komen niet alleen de smokkelaars in de problemen, maar ook de plaatselijke grenswachters die eigenlijk niet hard willen optreden, maar ook hun baan niet willen verliezen. Het is een ongeschreven wet dat er onderling niet over het smokkelen gepraat wordt. Arie kan dan ook zonder problemen bevriend zijn met de zoon van een grenswachter. Maar als de jacht op de smokkelaars verhardt wordt dit moeilijker, zeker als er een verrader in het spel is. Arie heeft een vermoeden wie dat is, maar weet niet goed wat hij met deze kennis aanmoet. 
De zoektocht naar de verrader is slechts een van de thema´s uit het boek, Vriens snijdt ook andere thema´s aan. Zo worstelt Arie met zijn tegenstrijdige gevoelens ten opzichte van zijn gehandicapte zusje. Hij houdt van haar, maar hij haat haar als hij uitgelachen wordt omdat ze in haar broek heeft gepoept. Van het meisje waar hij verliefd op is leert hij hier beter mee om te gaan. Gaandeweg komt Arie ook meer te weten over zijn opa en zijn moeder en de redenen waarom er over hen niet gesproken wordt. Het verhaal heeft, zoals we dat gewend zijn in 
Vriens´ boeken, een mooi slot. 

Smokkelkinderen 
Jacques Vriens 


Van Holkema & Warendorf, 2016     € 13,99 

Klik hier voor besprekingen van andere boeken van Jacques Vriens op kinderboekenpraatjes

Grootmoeders grote oren... - Jacques Vriens

Geplaatst 13 apr. 2016 02:24 door susan *   [ 13 apr. 2016 02:24 bijgewerkt ]


In grootmoeders grote oren… vertelt Jacques Vriens in zijn eigen stijl dertig bekende sprookjes na. Het boek is een bundeling van twee eerdere boeken: Grootmoeder wat heb je grote oren en O, mijn lieve AugustijnAanleiding voor het maken van dit boek waren Vriens eigen ervaringen als vader en opa. Hij ontdekte dat kinderen niet altijd goed uit de voeten kunnen met het wat ouderwetse taalgebruik in de traditionele sprookjesuitgaven en dan niet goed snappen waar het verhaal over gaat. Vriens besloot in eigen woorden de sprookjes tot leven te brengen. 

In een korte inleiding vertelt Vriens iets over de achtergrond van de sprookjesverzamelaars. De oudste verzameling is van de Fransman Perrault, zijn Sprookjes van moeder de Gans kwam rond 1700 uit. Uit deze bundeling zijn bijvoorbeeld Klein Duimpje en De gelaarsde kat bekend. Ruim 100 jaar later verzamelden de gebroeders Grimm in Duitsland oude verhalen die mondeling al generaties lang werden doorgegeven. Bekende sprookjes die zij op schrift stelden zijn onder andere RoodkapjeRepelsteeltje en Vrouw Holle. Nog iets later (rond 1850) gaat Hans Christian Andersen sprookjes verzamelen in Denemarken. Hij is vooral bekend van de sprookjes die hij zelf schreef, zoals De nieuwe kleren van de keizer en het Lelijke jonge eendje.

In de bewerkingen van de sprookjes blijft Vriens dicht bij het origineel. In bijna alle sprookjes geeft Vriens de hoofdpersonen een naam. Zo heet het lelijke jonge eendje Thomas, Roodkapje heet eigenlijk Liesje en de heren die de keizer zijn nieuwe kleren aansmeren Simon Singer en Peter Pfaff. Ouderwetse woorden vervangt Vriens: ´een ransel op den rug en een sabel aan zijn zij´ worden bij Vriens een soldaat met over zijn schouder een rugzak en aan zijn riem een zwaard voor ´je-weet-maar-nooit-wat-er-gebeurt.´
De typisch sprookjessfeer blijft in het boek overeind: het taalgebruik is beeldend, alles gebeurt keurig drie keer en aan het einde leven prinsen en prinsessen nog lang en gelukkig. Wel gebruikt hij af en toe speels en eigentijds taalgebruik, bijvoorbeeld als de zeven dwergen Sneeuwwitje voor de tweede keer bewusteloos vinden met een giftige kam in haar haar:

´Houdt dat mens dan nooit op,´riep de dikste dwerg.
´Wat een valse heks!´riep de dunste dwerg.
´Wat een loeder!´riep de grootste dwerg.
´Wat een kreng!´riep de kleinste dwerg.
´Wat een gemeen wijf!´riep de jongste dwerg.
´Heren, heren,´ riep de oudste dwerg,
´we gaan niet weer schelden. Er is een dame bij.´

Een sprookjesboek is alleen een sprookjesboek als het ook mooie plaatjes heeft. Daarin is ruimschoots voorzien door vier bekende illustratoren: Philip Hopman, Thé Tjong-Khing, Klaas Verplancke en Alex de Wolf.  De eigen stijlen van de diverse illustratoren zijn herkenbaar, maar ze wijken niet dusdanig af dat het storend is. Ze zijn alle vier goed in het weergeven van gelaatsuitdrukkingen en het scheppen van een sprookjessfeer. Ook de illustratoren weten het midden te vinden tussen traditie en eigentijdsheid en tussen romantiek en humor.

Veel kinderen en voorlezers zullen genieten van dit heerlijke sprookjesboek.

Grootmoeders grote oren…
Jacques Vriens (tekst) en Philip Hopman, Thé Tjong-Khing, Klaas Verplancke en Alex de Wolf (ill)
 
Van Holkema & Warendorf, 2006     € 25,99

Baron 1898 - Jacques Vriens

Geplaatst 1 okt. 2015 02:44 door susan *   [ 1 okt. 2015 02:44 bijgewerkt ]


Als in de Efteling een nieuwe attractie geopend wordt dan hoort daar een verhaal bij. Dus ook bij de nieuwe dive coaster Baron 1898. Het verhaal speelt zich af rond een goudmijn gebouwd in 1898 door baron Hooghmoed. De baron doet zijn naam eer aan want hij negeert de verhalen over de Witte Wieven, de spookachtige dames die de rust in de natuur bewaken. Zelfs als de mijn keer op keer getroffen wordt door tegenslag en er regelmatig kompels naar boven komen die de Witte Wieven hebben gezien en voor geen goud meer naar beneden willen, stopt hij niet. De baron gaat altijd weer op zoek naar nieuwe mijnwerkers die de moed hebben af te dalen in zijn goudmijn. 
Voor de verdere invulling van het verhaal werd Jacques Vriens gevraagd, een begrijpelijke keuze want Vriens is niet alleen een bekend en geliefd kinderboekenschrijver, ook het onderwerp past bij hem. Hij schreef al eerder een prachtig boek over het leven in en rond de Limburgse mijnen in de jaren vijftig (Tien torens diep, 2009) 
Vriens geeft de personages een geschiedenis. Zo is de baron aanvankelijk een aardige avonturier die veel van de wereld heeft gezien. Hij bezoekt het dorp Heikant op doorreis naar de haven van Antwerpen. Hij zal vandaar naar Zuid-Amerika vertrekken waar zijn verloofde Dolores wacht. In het dorp logeert hij in de plaatselijke herberg. Daar leert hij de herbergierzoon Jochem kennen en Doortje, die kookt voor de gasten. Zij zijn onder de indruk van de man die zichzelf Gustave noemt. 
Om op tijd in de haven te kunnen zijn gidst Jochem Gustave veilig over de verraderlijke heide. Als ze afscheid nemen reist Gustave echter niet rechtstreeks door, maar loopt naar de Heksenbult, het terrein van de Witte Wieven. Daar vindt hij een klompje goud en hij neemt het mee. De zachte stem die hij hoort en de plotselinge wind die opsteekt negeert hij. 
In het tweede deel van het verhaal, dat vier jaar later speelt, vertelt Vriens hoe het de baron is vergaan in Zuid-Amerika en waarom hij terugkeert naar Heikant. Ook het wel en wee van Jochem en Doortje wordt beschreven en daarmee krijgt het verhaal een romantisch tintje. Lange tijd houden de twee vol dat ze slechts vrienden zijn, maar jongens en meisjes kunnen rond 1900 niet ´zomaar´ vrienden zijn, zoals de grootvader van Jochem uitlegt:´Jullie worden eigenlijk te groot. Dan gebeuren er dingen tussen jongens en meisjes die nog niet mogen. Pas als je getrouwd bent, is dat geoorloofd´ Doortje en Jochem vinden het lastig om rekening te houden met de mores van het dorp en beide dromen over een bestaan waarin hun toekomst niet vastligt. 
Het verhaal over de baron en zijn mijn is spannend en schetst ook een mooi tijdsbeeld. Tussen de regels door wordt bijvoorbeeld de armoede in het dorp beschreven en hoe de komst van de mijn het dorpsleven verandert. 

De boeken die in samenwerking met de Efteling worden uitgegeven zijn altijd aantrekkelijk vormgegeven. Bruin, goud en groen zijn ditmaal de overheersende kleuren 
en zij roepen de juiste sfeer op. De illustraties zijn veelzijdig: naast tekeningen van onder andere de baron, Jochem en Doortje, zijn er ook sfeervolle vergeelde foto´s en bouwtekeningen te zien. Zo komt de lezer ook nog wat te weten over de aanleg van een mijn. Wie de illustraties heeft gemaakt wordt niet vermeld. 

Baron 1898 is een spannend en sfeervol boek, zoals we van Jacques Vriens gewend zijn. Heerlijk om op een veilig plekje in één keer uit te lezen, of om nog eens lekker mee na te genieten als je bekomen bent van een enerverende duik in de Baron 1898. 

Baron 1898 
Jacques Vriens 


Van Holkema & Warendorf/ Efteling 2015      € 14,99 



Meer weten over de boeken van Jacques Vriens? Klik dan hier.

Max en de ontplofte vriendschap - Jacques Vriens

Geplaatst 9 jun. 2014 04:53 door susan *   [ 9 jun. 2014 04:53 bijgewerkt ]


Jacques Vriens behoeft nauwelijks nog introductie. Hij zit al 38 jaar´in het vak´en schreef tientallen geliefde kinder-en jeugdboeken. Als kinderboekenambassadeur timmert hij vol enthousiasme aan de weg om het belang van (voor)lezen onder de aandacht van een breed publiek te brengen. Inmiddels is hij de pensioengerechtigde leeftijd gepasseerd maar dat weerhoudt hem niet nog altijd nieuwe titels aan zijn oeuvre toe te voegen. Vorig jaar startte hij de serie De kinderen van het Kattenpleintje. 
Zeven kinderen en drie´kleintjes´wonen met hun ouder(s) aan het Burgemeester B.H. Janssen van Kattenplein. In elk deel van de serie speelt een ander kind van het ´Kattenpleintje´ de hoofdrol. In het eerste deel was dat Steffie die heel wat te stellen had met haar gescheiden ouders, maar toch samen met de buurt de zorg voor opa wist te regelen zodat hij in zijn huis aan het pleintje kon blijven wonen. 
In het tweede deel van de serie, Max en de ontplofte vriendschap, is de hoofdrol weggelegd voor Max. Zijn vriendschap´vanaf de zandbak´met Sjoerd komt onder druk te staan als Sjoerds ouders de mogelijkheid onderzoeken om van het pleintje een parkeerplaats te maken. Zij hopen zo meer klanten voor hun supermarkt te krijgen. Daarnaast hebben de kinderen van het pleintje hun handen vol aan de kat van Féline die wegloopt, weer opduikt en dan weer wegloopt. 

Vriens blijft een meester in dit genre. Ook nu weer vertelt hij schijnbaar moeiteloos een verhaal waarin veel personages een rol spelen. Voor wie even de kluts kwijtraakt staat voor in het boek een overzicht waarin de hoofdpersonen uitgebreid worden voorgesteld. Ieder kind heeft zijn eigen karakter maar niemand is een karikatuur. 
Zoals meestal oogt het boek vrolijk door de vertrouwde tekeningen van Annet Schaap. Zij geeft de bewoners van het Kattenpleintje een gezicht en weet met haar goed getroffen gelaatsuitdrukkingen de stemmingen in het verhaal te benadrukken. 
Het verhaal heeft ook een serieuze kant. Zo zit Sjoerd klem tussen zijn ouders en zijn beste vriend. Als zijn ouders niet meer klanten krijgen gaat de winkel failliet en moeten ze verhuizen, maar natuurlijk wil Sjoerd ook niet dat het pleintje verandert is een parkeerplaats. De oplossing wordt, net als in het eerste deel, gevonden als de buurtbewoners de handen ineen slaan. Daarbij hebben de ´boze buurman´ en zijn vrouw het nakijken en dat geeft de lezer een heerlijk lekker-puh-gevoel. Er is ook oog voor het goedmaken na een heftige ruzie; de ruzie tussen de vrienden is niet over als het probleem is opgelost want er zijn pijnlijke dingen voorgevallen die niet zomaar vergeten zijn. 
Baanbrekende nieuwe kinderliteratuur is dit boek niet, maar er is geen enkele reden met minachting over het vakmanschap van Jacques Vriens te spreken. Vriens schreef weer een boek dat zich prima laat voorlezen, vol staat met grappige dialogen en bevolkt wordt met personages en gebeurtenissen waarin de lezer kan geloven. Veel kinderen zullen alweer uitkijken naar naar het volgende deel; wie daarin de hoofdrol gaat spelen wil Vriens nog niet prijs geven. 

Max en de ontplofte vriendschap 
deel 2 in de serie De kinderen van het Kattenpleintje
Jacques Vriens (tekst) en Annet Schaap (ill) 


Van Holkema & Warendorf, 2014     € 12,99 

Andere boeken van Jacques Vriens op kinderboekenpraatjes in de rubriek:


O dennenboom - Jacques Vriens

Geplaatst 13 dec. 2011 02:28 door susan *   [ 13 dec. 2011 02:28 bijgewerkt ]

Ik schreef al eerder over de paastijd en de sinterklaasbelevenissen van broer en zus Wouter en Mieke. Omdat de verhalen zo leuk zijn toch ook nog maar aandacht voor het derde deel in de serie O, dennenboom.

Ook nu weer blijft Jacques Vriens dicht bij de belevingswereld van het jonge kind,  de (voor)lezer zal weer regelmatig in de lach schieten om die eigenwijze Wouter en nog steeds hebben Wouter en Mieke geen ideale, maar wel fijne ouders.

Het boek begint met een verhaal over ruzie. Mieke wordt boos op Wouter omdat hij het woord ´juffie´ tot ´suffie´ verbastert en opa Bos wordt boos omdat zijn hondje Flip volgens Wouter zo dik als een worst is. Een passerende dame wijst opa Bos op de kerstgedachte: ´Vrede op aarde´, maar de kerststemming verdwijnt al snel als Flip haar kerstboom onderplast.
´Kersumus´ is een lastig feest om te begrijpen voor de tweejarige Wouter. Het heeft in ieder geval iets te maken met een baby’tje dat lang geleden geboren werd. Mama legt het geduldig uit en vertelt de kinderen het verhaal van ´het baby’tje in het schuurtje´. ´Is het allemaal echt gebeurd?´ wil Mieke weten, na enig nadenken antwoordt mama:´Er zijn mensen die zeggen dat het echt waar is. En andere mensen zeggen dat het een heel oud verhaal is.´
Het verhaal heeft indruk gemaakt op de kinderen en Wouter en Mieke spelen het na; Wouter is Maria die op zijn driewieler´ezel´ boodschappen gaat doen samen met Jezus.
De voorbereidingen voor Kerstmis gaan door, de boom wordt versierd en het kerstdiner wordt voorbereid. Wouter heeft er niet veel vertrouwen in, mama maakt rare soep en hij heeft liever spruitjes, net als opa Bos. Wouter en Mieke willen opa Bos graag uitnodigen voor het kerstdiner; papa, mama en opa Bos zijn niet erg enthousiast, maar met kerst ´moeten alle mensen vrienden zijn, dus vooruit dan maar.´ Opa Bos neemt cadeautjes mee, maar het eten blieft hij niet. Gelukkig zijn er nog spruitjes en wordt het toch nog gezellig.

O, dennenboom is een voorleesverhaal voor in de kersttijd waar naast het vrolijke verhaal ook de oorsprong en de gewoontes rond het kerstfeest aan de orde komen. In de tekst zijn diverse bekende kerstliedjes verwerkt die met de voorlezer meegezongen kunnen worden.

O, dennenboom is momenteel niet als los boek te koop. Het is opgenomen in:

Nog één nachtje slapen….
Jacques Vriens (tekst ) en Dagar Stam (ill)

Van Holkema & Warendorf, 1996 jubileumuitgave € 7,50

 
 
 

Dag Sinterklaasje - Jacques Vriens

Geplaatst 14 nov. 2011 06:15 door susan *   [ 14 nov. 2011 06:15 bijgewerkt ]

Het exemplaar van het boekje Dag, Sinterklaasje van Jacques Vriens dat voor mij op het bureau ligt is een smoezelig en uit elkaar vallend exemplaar. Het is letterlijk stukgelezen, zo vaak heb ik het voorgelezen aan mijn drie kinderen. Nu ze het boek weer zien liggen komt er vanzelf weer een glimlach op hun gezicht,´O ja, dat boek over dat jongetje dat steeds alles fout zegt´.
´Dat jongetje´ is de tweejarige Wouter die inderdaad wel eens iets verhaspelt. Zijn zusje is Mieke en zij is vier jaar oud. De verhalen draaien om deze twee. Het stramien is bekend: we leren Wouter en Mieke in het eerste hoofdstuk kennen, dan komt Sinterklaas aan, de kinderen mogen hun schoen zetten, Sinterklaas komt op bezoek, zowel thuis als op school en het wordt pakjesavond.
 
Dit boekje onderscheidt zich van vergelijkbare boeken door de prettige vlotte schrijfstijl van Jacques Vriens en de humor waarmee hij  het verhaal brengt. Als Wouter Sinterklaas voor het eerst ziet stelt hij vast dat ´Klaas´ een muts draagt, zijn zus verbetert hem ´dat is een mijter joh.´´Wouter knikt. ´Smijter.´ ´Nee, Wouter, Sinterklaas heeft een mijter en een baard.´Kleine Wouter wijst naar Sinterklaas en zegt: ´Een smijter en een staart.´ Wouter drijft Mieke tot wanhoop en dat doet hij wel vaker, bijvoorbeeld als hij haar suikerbeest op eet, of alle Sinterklaasmutsen al heeft gekleurd op de afteltekening naar pakjesavond. Gelukkig zijn er ook veel leuke momenten tussen broer en zus.
Het verhaal draait voornamelijk om de kinderen, de ouders en anderen spelen een bijrol. Wel laat Vriens deze volwassen enkele malen iets over de bedoelingen en achtergronden van het sinterklaasfeest vertellen op een voor kleuters toegankelijke wijze. Zo is het ´kletskoek´dat je voor straf in de zak moet als je stout bent en ook er wordt uitgelegd dat Sinterklaas van zwarte, witte en gele mensen houdt.

De tekeningen zijn van Dagmar Stam, die ook Het Sinterklaasboek voor peuters en kleuters van Busser en Schöder illustreerde. Er zijn veel overeenkomsten in de tekeningen, ze tekent in beide boeken dezelfde Sinterklaas. Een leuke eigentijdse tekening is die waar Wouter al zijn schoenen voor de centrale verwarming zet.

Dag, Sinterklaasje/ O, denneboom
Jacques Vriens (tekst) en Dagmar Stam (ill)
 
Van Holkema en Warendorf, 2009   € 8,99
 
 
 

Meester Jaap is een held ...(op sokken!) - Jacques Vriens

Geplaatst 13 sep. 2011 02:24 door susan *   [ 13 sep. 2011 02:26 bijgewerkt ]

Meester Jaap gaat al heel wat jaartjes mee. Hij stapte in 1996 voor het eerst de klas in met het verhaal ´Meester Jaap heeft kuren´ en de toon was gezet: meester Jaap is een leuke fantastische meester, maar af en toe heeft hij ´kuren´.
De verhalen over meester Jaap zijn altijd populair geweest en vele malen bekroond door de kinderjury. Het is een aangename verrassing dat Jacques Vriens in dit feestjaar een fonkelnieuwe Meester Jaap het licht heeft doen zien: Meester Jaap is een held…(op sokken!)

Hoewel dit boek vijf jaar na het laatste boek over de avonturen van ´Japie´ verschijnt heeft hij dezelfde klas gehouden, groep 5/6 is groep 6/7 geworden. We zien Bobbie en Dominique terug die ´weer gewoon´ ruzie met elkaar maken, Rikst rolt de klas weer binnen in haar rolstoel, Quinten wordt nog steeds snel afgeleid en Aysel draagt nog altijd haar hoofddoek. Nieuw in de klas is Kjell, die zich soms ´raar´ gedraagt, hij gaat onder zijn tafeltje zitten als er veel rumoer is en hij kan er slecht tegen als andermans spullen op ´zijn´ plek liggen. Maar een van de gouden regels van meester Jaap is: in onze klas heeft iedereen recht op zijn eigen afwijking.
Meester Jaap heeft het maar weer druk: hij lost ruzies op, verzint oplossingen voor allerlei problemen, gaat schaatsen met zijn klas en hij gaat op kamp.
Meester Jaap heeft zo zijn eigen aanpak waarbij er altijd een zak spekkies klaar staat voor noodgevallen, bijvoorbeeld als meester heel diep moet nadenken en de klas stil moet zijn, ´wie het allerstilst is, krijgt een spekkie´. Voor allelerei problemen verzint meester Jaap een oplossing, voor Quinten die snel afgeleid is maakt Meester Jaap ´een keigaaf hok´ en als de jongens de deur van de meisjeskleedkamer open hebben gegooid ´omdat ze blote meiden willen zien´gaat Meester Jaap met het digibord aan de slag en bespreekt de verschillen tussen de geslachten, waarbij het wel even zoeken is naar de juiste woorden.

De beschrijvingen van de kinderen, hun problemen en de oplossingen van Meester Jaap zijn als vanouds  levendig en vol humor. En wat een geweldige meester is hij toch, een klas vol ´probleemkinderen´ deert hem niet, ieder kind wordt in zijn waarde gelaten. Toch is meester Jaap wel een man van vlees en bloed, hij schiet soms behoorlijk uit zijn slof en kan als jonge vader altijd en overal slapen, zelfs in de klas.
Ik ben benieuwd of meester Jaap (of zijn schepper) het risico lopen als oversekste gekken in een hoek te worden gezet. Een boekverkoper vertelde mij dat een klant met stoom uit de oren een boek van Vriens terug bracht naar aanleiding van een verhaal waarin Tommie en Lotje een gesprek met hun vader hebben over piemels. Wat moet deze klant wel denken van een opmerking van meester Jaap over een gouden piemel.

Ach, waren alle meesters maar zoals meester Jaap. Kunnen de hogescholen geen ´Meester Jaap module´ introduceren voor aankomende meesters en juffen? Als ze slagen mogen ze met een zak spekkies de klassen in.

Meester Jaap is een held… (op sokken)
Jacques Vriens (tekst) en Annet Schaap (ill)

Van Holkema & Warendorf, 2011     € 12,99
 

De vrolijkste avonturen van Tommie en Lotje

Geplaatst 26 jul. 2011 02:19 door susan *   [ 26 jul. 2011 02:20 bijgewerkt ]

Jacques Vriens bracht zijn eerste Tommie en Lotje boek uit in 1986 met zwart/wit illustraties van Ruud Bruijn. In 2001 werden de verhalen over deze twee opnieuw gebundeld en uitgegeven met kleurige illustraties van Harmen van Straaten. Zeven jaar later kregen Tommie en Lotje weer een make-over, Kees de Boer maakte nieuwe illustraties en Jacques Vriens bewerkte de tekst. Deze uitgave van De vrolijkste avonturen van Tommie en Lotje is ter ere van het 35 jarig jubileum nu in een goedkope editie verkrijgbaar.

Negen verhalen zocht Vriens uit voor deze bundel, waarvan er twee al in de allereerste bundel werden gepubliceerd.
Kleuter Tommie, hij viert in dit boek zijn vijfde verjaardag, en zijn grote zus Lotje, die al in groep drie zit, maken leuke en minder leuke allerdaagse dingen mee.
Als ze naar het circus zijn geweest willen ze ook zelf een voorstelling maken en ze zetten het groots op, iedereen wordt uitgenodigd en komt ook, de tuin puilt uit. Als leeuw Tommie en zijn vriendje niet te voorschijn durven komen lijkt alles even in het honderd te lopen, maar gelukkig heeft het circus een uitstekende goochelaar die de voorstelling redt. Als Tommie en Lotje later nog een keer circusje willen spelen gebeurt er iets heel onverwachts: er staat ineens een koe in de tuin.
Tommie en Lotje maken nog veel meer mee: ze verslapen zich en komen te laat op school, Tommie geeft een partijtje en in de uitverkoop gaan ze met hun ouders op zoek naar nieuwe kleren.
Tommie en Lotje schrikken als meneer Timmer gaat schelden op ´al die vieze buitenlanders´, ze verheugen zich als hun favoriete neef komt oppassen en Tommie is er nog niet zo zeker van dat Sinterklaas je beste vriend wil zijn.

Wat de Tommie en Lotje boeken zo tijdloos leuk maakt is de herkenbaarheid en de heerlijke vertelstijl van Vriens. Welke ouder springt er niet uit zijn vel als na het verslapen een kind maar blijft zeuren en welk kind voelt zich dan niet verongelijkt als de ouder hem niet helpt aan de juiste sokken? Tommie en Lotje hebben gewone ouders, die meestal heel aardig zijn, maar ook wel eens flink uit hun slof kunnen schieten.
Een belangrijk deel van de verhalen wordt door middel van dialoog verteld, waarbij een verbastering van een woord door Tommie als terugkerend grapje altijd weer leuk is, vooral omdat Vriens dit weet te doseren.
In deze bewerkte druk valt het op dat Vriens woorden als ´verdomme´en ´rotzak´ heeft afgezwakt tot bijvoorbeeld ´wat krijgen we nou´ en ´oen´. Verder is er nauwelijks iets aan de tekst veranderd, moeder is alleen met haar tijd meegegaan en typt niet meer op een schrijfmachine, maar op een computer.

De illustraties van Kees de Boer passen goed bij de sfeer van de verhalen. Het is opvallend hoe weinig Lotje en Tommie veranderen, de opeenvolgende illustratoren houden duidelijk rekening met hun voorgangers, zonder overigens hun eigen stijl tekort te doen. De illustraties van De Boer ondersteunen de verhalen en laten zien wat er gebeurt, ze voegen geen informatie toe. Soms zijn er slordigheden te ontdekken, zoals Tommie die geen jas aan heeft terwijl hij zojuist op uitdrukkelijk bevel van zijn moeder een jas heeft aangetrokken, of hij heeft ineens een heel ander ijsje in zijn hand dan de bladzijde daarvoor.

Ook na 25 jaar zijn de verhalen van Tommie en Lotje leuk, ze mogen dan uiterlijk wat veranderen en een typemachine voor de computer inruilen, maar ze zijn gewoon tijdloos!

De vrolijkste avonturen van Tommie en Lotje
Jacques Vriens (tekst) en Kees de Boer (ill)
 
Van Holkema & Warendorf, 2011     € 7,50 (jubileumeditie)
 
 

Oorlogsgeheimen

Geplaatst 6 apr. 2011 04:38 door susan *   [ 6 apr. 2011 04:39 bijgewerkt ]

´Wat doe je eigenlijk als je samen verkering hebt?´
´Gewoon samen spelen, voor elkaar opkomen als je gepest wordt, altijd eerlijk tegen elkaar zijn en elkaar geheimen vertellen. Echte grote geheimen, die je nooit mag verraden aan iemand anders, dat is pas echt verkering´.


De elfjarige Tuur en zijn klasgenootje Maartje krijgen verkering in een bijzondere tijd, najaar 1943. Tuur woont al zijn hele leven in Zuid-Limburg, Maartje is een half jaar geleden in het Limburgse dorp komen wonen bij haar oom en tante. Ze komt uit IJmuiden, maar daar werd het te gevaarlijk.
Tuur zit er een beetje over in of hij wel een goed geheim heeft om met zijn vriendinnetje te delen, kan hij met haar bespreken dat hij meer weet over de Engelse piloot die boven hun dorp is neergeschoten?
Hij is niet voorbereid op het grote geheim dat Maartje met hem deelt, ze is Joods en ternauwernood ontsnapt uit de Hollandse Schouwburg in Amsterdam. Waar haar ouders en haar broertje zijn weet ze niet.
De oorlog sluipt steeds meer het leven van Tuur in: er wordt partij gekozen en mensen zijn in levensgevaar, wie is te vertrouwen en wie niet? 

Oorlogsgeheimen is een realistisch boek over de Tweede Wereldoorlog bedoelt voor kinderen vanaf een jaar of tien. Vriens vlecht in het verhaal de nodige informatie om de lezers uitleg te geven over deze periode. Soms gebruikt hij daarvoor een terugblik en laat Tuur bijvoorbeeld mijmeren over ´de oorlog´, soms wordt er in een dialoog iets uitgelegd en Vriens laat het verhaal voor zich spreken, bijvoorbeeld als de kinderen onderling over NSB-ers en Joden praten.
Het boek heeft twee verhaallijnen, de ontluikende liefde tussen Tuur en Maartje en de invloed van de oorlog op het dorpsleven. Lange tijd lijkt het vooral een spannend oorlogsverhaal te zijn met wat uitleg over de historische achtergrond. Maar het verhaal grijpt je naar de strot als Leo, de oudere broer van Tuur, en Maartje echt gevaar lopen en ook de lezer met de grimmige werkelijkheid van de Tweede Wereldoorlog wordt geconfronteerd.
Het boek heeft een ontroerend einde en Vriens sluit af met een nawoord waarin hij waarschuwt: ´laat je vooral niet van de wijs brengen door domme opmerkingen over mensen die anders zijn. Anders van huidskleur, afkomst, geloof of in hun gedrag. Want daar beginnen alle oorlogen mee. Probeer vooral zelf na te denken.´

Oorlogsgeheimen
Jacques Vriens


Holkema & Warendorf, 2007 Eenmalige jubileumuitgave 2011 € 7,50
Het boek is ook als luisterboek verkrijgbaar, de voorlezer is Jacques Vriens zelf.
 
 

1-10 of 12