lijst Rondom

Wie krijgt de Woutertje Pieterse Prijs 2017?

Geplaatst 6 apr. 2017 09:00 door susan *   [ 6 apr. 2017 09:00 bijgewerkt ]



Zaterdag 8 april wordt in Amsterdam voor de 30e keer de Woutertje Pieterse Prijs uitgereikt. De prijs gaat naar ‘het beste oorspronkelijk Nederlandstalige jeugd-of kinderboek’ uit 2016. De jury, bestaande uit Noraly Beyer, Anne-Gine Goemans, Jen de Groeve, Mirjam Noorduijn en Peter de Kan nomineerde eind februari bovenstaande zes boeken. Gekozen werd ‘voor boeken met een universele en tijdloze waarde, waarin tekst en beeld elkaar op bijzondere wijze versterken.’ 

Laten we de kanshebbers eens wat nader bekijken. De afbeeldingen bij de tekst zijn afkomstig uit de genomineerde boeken.

Aap Beer Zebra
 van Bette Westera en Henriëtte Boerendans is een alfabetboek. Boerendans maakte 26 houtsneden van uiteenlopende dieren, Westera schreef daar informatieve versjes bij. Het fraaie werk van Boerendans valt op en werd al diverse keren bekroond. Westera, die eerder de Woutertje Pieterse Prijs won, maakte leuke en soms heel goede versjes bij de illustraties. Toch bereikt de tekst niet het niveau van het prijswinnende Doodgewoon waar alle gedichten raak waren. 







Het grootste en leukste beeldwoordenboek ter wereld van Tom Schamp doet zijn naam eer aan. Het groot uitgegeven boek staat bomvol tekeningen en tekst. De indeling laat het vaste stramien van een woordenboek helemaal los en laat in plaats daarvan een bonte selectie onderwerpen de revue passeren, van ‘wat eten we’ tot ‘olifantengeheugen’. Vaste figuren (zo’n vijftien stuks) bevolken de pagina’s die gevuld zijn met talrijke tekeningen. De klein gedrukte tekst, meestal een verklarend woord en soms een enkele regel, vult het beeld aan. Schamp speelt met tekst en beeld en stort zo een duizelingwekkende hoeveelheid informatie over de lezer uit. Het levert een boek op waar altijd weer nieuwe dingen in te ontdekken zijn. 

Met Stella wordt Gerda Dendooven alweer genomineerd voor een belangrijke prijs. Voor dit prentenboek maakte ze zowel de tekeningen als de tekst. Dendooven vertelt over Stella die als baby wordt opgevist uit zee en uitgroeit tot een reuzin. Ze past letterlijk niet meer in haar omgeving en wordt steeds eenzamer. Daarom besluit ze op een dag weg te gaan, op zoek naar een plek waar ze gelukkig kan zijn. Dendooven schrijft verdienstelijk, maar haar schrijfstijl kan niet tippen aan de teksten van (de ook genomineerde) Toon Tellegen, Benny Lindelauf of Lida Dijkstra. Haar illustraties zijn, zoals altijd, van hoog niveau. 

Zowel Toon Tellegen als Sylvia Weve mogen zich opnieuw verheugen op een kans de Woutertje Pieterse Prijs te winnen. Weve kreeg in 2015 (met Bette Westera) de prijs voor het al eerder genoemde boek Doodgewoon. In Op een ochtend vroeg in de zomer laat ze een andere kant van haar talent zien. Dat kunnen we niet zeggen over de tekst van Toon Tellegen, die al twee keer de Woutertje Pieterse Prijs won. Het in 1994 bekroonde boek Bijna iedereen kon omvallen is vergelijkbaar met het nu genomineerde boek. De kwaliteit van Tellegens werk is onomstreden, maar het is de vraag of meer van hetzelfde een dubbele bekroning waard is. De combinatie Weve/Tellegen vind ik minder geslaagd. Weve vult de verhalen van Tellegen gedetailleerd in en laat zo weinig ruimte voor de lezer om de enigszins vervreemdende verhalen van Tellegen met eigen beelden aan te vullen. 

In 2012 kreeg Lida Dijkstra al een eervolle vermelding van de Woutertje Pieterse jury voor haar boek Verhalen voor de vossenbroertjesDe ring van koning Salomo heeft raakvlakken met dit boek. Ook nu baseert Dijkstra zich op bestaande verhalen waar ze haar eigen draai aan geeft. De tekst van het boek is veelzijdig, evenals de illustraties van Martijn van de Linden die het verhaal ondersteunen. Van der Linden won vorig jaar de Woutertje Pieterse prijs samen met Edward van de Vendel voor het boek Stem op de Okapi. In vergelijking met dit boek zijn de illustraties minder veelzijdig en origineel. 





Het laatste genomineerde boek is Hoe Tortot zijn vissenhart verloor van Benny Lindelauf en Ludwig Volbeda. Ook Lindelauf won al eerder de Woutertje Pieterse Prijs voor zijn boek De hemel van Heivisj. In het genomineerde boek zien we opnieuw de meesterverteller aan het werk. Hij vertelt weer een meeslepend verhaal, maar de cynische hoofdpersoon vraagt om een andere stijl dan zijn eerdere boeken. In het gelaagde verhaal speelt de schrijver met absurditeit en serieuze emoties. De rijke volle illustraties van Volbeda passen goed bij Lindelaufs stijl. De gedetailleerde tekeningen ondersteunen niet alleen het verhaal, maar vullen het ook op een unieke manier aan. Het resultaat is een enerverende lees-en kijkbeleving. 

Mijn Woutertje Pieterse Prijs gaat naar Lindelauf en Volbeda voor hun unieke persoonlijke stijl én voor de meerwaarde die hun samenwerking oplevert. 

De kerntitels voor de Kinderboekenweek 2017

Geplaatst 9 mrt. 2017 03:04 door susan *   [ 9 mrt. 2017 03:04 bijgewerkt ]




De Kinderboekenweek 2017 (4 t/m 15 oktober) heeft dit jaar griezelen als thema. 
Het kinderboekenweekgeschenk wordt geschreven door Janneke Schotveld en het prentenboek van de Kinderboekenweek wordt gemaakt door Martijn van der Linden en Maranke Rinck. 

Voor de Kinderboekenweek worden jaarlijks ook de zogenaamde kerntitels geselecteerd. De 20 kerntitels sluiten aan op het thema van de Kinderboekenweek en staan centraal in het lesmateriaal voor scholen. De kerntitels zijn gekozen door een commissie, samengesteld uit twee docenten, een boekhandelaar, een bibliothecaris en een recensent. 

Dit zijn de kerntitels voor Kinderboekenweek 2017 
(De onderstreepte titels zijn besproken op kinderboekenpraatjes)

Groep 1 & 2 

Dit is een boek vol monsters van Guido van Genechten, geïllustreerd door Guido van Genechten verschenen bij Clavis Uitgeverij 
Klein monster Motta van Yvonne Jagtenberg geïllustreerd door Yvonne Jagtenberg verschenen bij Rubinstein. 
Aaa-woe! Wie maakt dat geluid? van Jonny Lambert geïllustreerd door Jonny Lambert verschenen bij Veltman Uitgevers 
De grote gevaarlijke Grompel van Claire Freedman geïllustreerd door Kate Hindley verschenen bij Querido Kinderboeken 
Joke wil spoken van Jeroen Schipper geïllustreerd door Cindy van de Ven verschenen bij C. de Vries-Brouwers 

Groep 3 & 4 

De broers Grombek van Jozua Douglas geïllustreerd door Hugo van Look verschijnt bij Uitgeverij Zwijsen 
Bert en Bart en de zoen van de zombie van Tjibbe Veldkamp geïllustreerd door Kees de Boer verschenen bij Lemniscaat 
Draak van Nils Pieters geïllustreerd door Nils Pieters verschenen bij De Eenhoorn 
Knekelstad van Jean-Luc Fromental geïllustreerd door Joelle Jolivet verschenen bij Uitgeverij De Harmonie 
De sprookjesverteller. Sprookjes van Andersen door Thé Tjong Khing verschenen bij Gottmer 

Groep 5 & 6 

Gruwelijk Grappige Griezelverhalen van De Lachende Zaag (Jozua Douglas, Tosca Menten en Manon Sikkel) verschijnt bij Luitingh Sijthoff ism De Fontein en Van Goor 
Trubbel de trol: De Griezels van Bakstein van Reggie Naus geïllustreerd door Kees de Boer verschenen bij Ploegsma. 
Ben niet bang voor de wilde dieren van Geert-Jan Roebers, geïllustreerd door Wendy Panders verschenen bij Gottmer. 
De ongelooflijke avonturen van Merel Jansen van Will Mabbit, geïllustreerd door Ross Collins verschenen bij Kluitman. 
De Vloek van Woestewolf van Paul Biegel, geïllustreerd door Carl Hollander verschijnt bij Lemniscaat. 

Groep 7 & 8 

Spookschrijvers van Henk Hardeman, verschenen bij Holland. 
De Griezelbus 1 van Paul van Loon geïllustreerd door Ien van Laanen en Caren Limpens verschenen bij Leopold. 
Stranders van Iris Stobbelaar geïllustreerd door Maaike Putman verschenen bij Ploegsma. 
Dulle Griet van Geert de Kockere, geïllustreerd door Carll Cneut verschijnt bij De Eenhoorn. Spuitende slagaders van Jesse Goossens geïllustreerd door Linde Faas verschijnt bij Lemniscaat.

Deze dag, een leven De biografie van Astrid Lindgren - Jens Andersen

Geplaatst 23 jan. 2017 04:27 door susan *   [ 23 jan. 2017 04:28 bijgewerkt ]


De Zweedse kinderboekenschrijfster Astrid Lindgren is nog altijd een grote naam binnen de kinderliteratuur. Ze werd in 1907 geboren en stierf, vierennegentig jaar oud, in 2002. Ze leefde in een enerverende eeuw en dat had zijn weerslag op haar leven en werk. 
Je zou denken dat alles over deze beroemde schrijfster wel zo´n beetje bekend was, maar dat is niet het geval. De Deense biograaf Jens Andersen is de eerste die gebruik kon maken van het materiaal dat opgeslagen ligt in de Zweedse Koninklijke Bibliotheek en ook kon hij rekenen op de medewerking van Astrids dochter Karin Nyman. Andersen en Nyman wilden met dit boek een waarheidsgetrouwe biografie presenteren. Het is natuurlijk de vraag of de dochter van Astrid met een open eerlijke blik naar haar moeder kan kijken, maar gelukkig baseert Andersen zich voornamelijk op objectieve bronnen zoals de vele brieven die Astrid                                      schreef. 

Astrid wordt geboren op het Zweedse platteland als tweede kind van Samuel en Hanna Ericsson. Ze groeit op in een warm gezin op een idyllische plek. Als Astrid vijftien is wordt ze leerling-journaliste bij de plaatselijke krant, een niet alledaagse keus voor een meisje. Astrids schrijftalent valt al snel op. Maar de carrière wordt bruusk onderbroken als ze zwanger wordt van haar baas, de bijna vijftig jaar oudere Reinold Blomberg, vader van zeven kinderen en verwikkelt in een echtscheidingszaak. Ze is dan negentien. Astrid verhuist naar Stockholm. Ze bevalt in Denemarken omdat daar de geboortegegevens veilig zijn. Haar zoon Lasse (Lars) wordt ondergebracht in een liefdevol pleeggezin in Kopenhagen. Over deze ingrijpende periode in Astrids leven heeft ze lang gezwegen en dat zal de reden zijn dat er veel aandacht voor is in de biografie. Gedetailleerd wordt beschreven hoe het Lasse vergaat in het pleeggezin, hoeveel moeite Astrid heeft met de scheiding van haar kind, hoe ze uiteindelijk niet met de vader van Lasse wil trouwen en hoe ze zich over haar zoon ontfermt als zijn pleegmoeder niet langer voor hem kan zorgen. Als ze in 1931 met Sture Lindgren trouwt komt het kind bij hen wonen. In 1934 krijgt Astrid nog een tweede kind, Karin. 
Tijdens de oorlogsjaren werkt Astrid bij de Zweedse inlichtingendienst. In deze periode houdt ze een oorlogsdagboek bij, dat in ook in Nederlands werd uitgegeven (Oorlogsdagboek, Ploegsma 2015). 
Op de helft van de biografie komen we eindelijk toe aan de periode dat Astrid kinderboekenschrijfster wordt. Als ze noodgedwongen thuis zit met een verstuikte enkel besluit ze de verhalen over Pippi Langkous die ze schreef voor haar dochter te bewerken en aan te bieden aan een uitgever. Wat volgt is het klassieke verhaal over de grote uitgever die het boek afwijst en de kleine uitgever die het aandurft en daarmee zijn bedrijf redt. Pippi Langkous werd een enorm succes, mede omdat redactrice (en goede vriendin) Elsa Olenius een invloedrijke persoon binnen de kinderliteratuur was en zij het werk van Astrid onvermoeibaar overal onder de aandacht bracht. De uitgeverij bood Astrid een parttime baan aan als redactrice en gaf daarnaast al haar boeken uit. Astrid werd een invloedrijke persoon die als schrijfster en redactrice een groot stempel op de naoorlogse Zweedse kinderliteratuur drukte. In 1970 gaat Astrid met pensioen als redactrice, maar ze blijft wel kinderboeken schrijven. 
Astrid kreeg in de jaren zeventig, net als Annie M.G. Schmidt en Paul Biegel in Nederland, te maken met een realistische stroming die de westerse kinderliteratuur in die periode dicteerde. Fantasie werd in de ban gedaan:´Een goed boek is een boek dat vragen stelt vanuit de situatie van het kind en dat socialistische antwoorden geeft´ was het devies. Ze trok zich er niet veel van aan. In 1973 brengt ze haar meest omstreden boek uit: De gebroeders Leeuwenhart
In de jaren zeventig wordt Astrid politiek actief, volgens haar is de sociaal democratie ontaardt in een eigenmachtige, bureaucratische onrechtvaardige betuttelingsmaatschappij. Haar politieke invloed is aanzienlijk. In de jaren negentig wordt ze een stuwende kracht in de Zweedse milieubeweging. Het levert een dierenbeschermingswet op die haar naam draagt. 
Astrid overlijdt op 28 januari 2002, om tien uur in de ochtend in haar eigen huis. Ze wordt begraven op 8 maart. Honderdduizenden bewijzen haar de laatste eer. 

Deze dag een leven
 is een omvangrijke biografie. De biograaf besteedt veel aandacht aan Astrids boeken en zoekt naar raakvlakken tussen Astrids werk, haar persoonlijk leven en haar pedagogische en politieke ideeën. 
Soms kleurt Andersen dingen in door een bloemrijke omschrijving te geven van een scène uit het leven van Astrid. Hij doet dat bijvoorbeeld in zijn beschrijving van de eerste ontmoeting tussen Astrid en Carl, de zoon van Lasse´s pleegmoeder. Gelukkig is dat niet de overheersende stijl, de meeste informatie is objectiever en wordt onderbouwd met citaten uit brieven. Deze brieven laten vaak Astrids gevoel voor humor zien en natuurlijk ook haar weergaloze schrijftalent. 

Deze dag een leven is een prettig leesbare, goed gedocumenteerde en rijke biografie. Een mustread voor iedereen die nieuwsgierig is naar het leven en de gedachten van de nog altijd populaire kinderboekenschrijfster Astrid Lindgren. 

Deze dag, een leven 
De biografie van Astrid Lindgren 
Jens Andersen (vertaald door Lammie Post-Oostenbrink en Kor de Vries) 


Ploegsma, 2016     € 35,00 

Meer Astrid Lindgren op kinderboekenpraatjes: 
De gebroeders Leeuwenhart 

Het boekenboek - Mirjam Noorduijn en Veerle Vanden Bosch

Geplaatst 2 nov. 2016 04:29 door susan *   [ 2 nov. 2016 04:30 bijgewerkt ]


Het zal boekenliefhebbers niet zijn ontgaan dat Nederland en Vlaanderen een paar weken geleden gastland waren op de Frankfurter Buchmesse. Een mooie aanleiding om ook de Nederlandstalige jeugdliteratuur in het zonnetje te zetten en daarom benaderde gastheer Bart Moeyeart Mirjam Noorduijn en Veerle Vanden Bosch om een boek samen te stellen. Het moest een informatief, speels en toegankelijk overzicht van ´onmisbare jeugdboeken´ worden. 
Vanden Bosch, chef letteren van De Standaard en journalist/recensent Noorduijn, die onder andere recensies schrijft voor NRC Handelsblad, konden putten uit hun jarenlange ervaring en uitgebreide kennis van de jeugdliteratuur. 
Het boekenboek is geen encyclopedisch overzicht geworden en ook geen overzicht van de belangrijkste boeken uit de jeugdliteratuur. De auteurs hebben ervoor gekozen aan de hand van vijftig boektitels, vijfentwintig portretten van illustratoren en vijfentwintig thema´s een beeld te schetsen van de mooiste kinder- en jeugdboeken vanaf 1954, het jaar waarin voor het eerst de Kinderboekenweek werd georganiseerd. 
Voor de opzet van het boek diende de Gids voor de wereldliteratuur van Pieter Steinz (Nieuw Amsterdam, 2015) als voorbeeld. Er is niet gekozen voor een chronologische opsomming, er wordt een boekennetwerk gepresenteerd waarin boeken, schrijvers, thema´s en illustratoren naar elkaar verwijzen. Zo leidt de structuur van honderd hoofdstukken tot de bespreking van ongeveer duizend boeken uit allerlei genres en geschreven voor diverse leeftijden. 

De vijftig boeken die besproken worden zijn alle van gelauwerde schrijvers die Griffels, Boekenleeuwen en andere prestigieuze kinderboekenprijzen in de wacht sleepten. Ieder boek krijgt vier bladzijden waarop de lezer de begin- en de eindzin van het boek vindt, een korte beschrijving van de inhoud, een vlot geschreven biografie van de schrijver, welke boeken de schrijver hebben geïnspireerd, een ode aan de schrijver van een (min of meer) bekende persoon, een quote die de schrijver typeert, een korte beschrijvingen van andere boeken van dezelfde auteur, een leuke wetenswaardigheid en vijf tips om verder te lezen. 
De illustratoren krijgen wat minder ruimte, bij hen geen lofrede en ook komen we er niet achter wat op hun nachtkastje ligt. Wel wordt hun werk besproken en zeggen ze er ook zelf iets over. En natuurlijk worden er boeken besproken die ze hebben geïllustreerd. 
De vijfentwintig thema´s zijn niet voor niets verzameld onder het kopje Grabbelton, want de inhoud is divers. Er zijn overzichten in opgenomen, bijvoorbeeld van troostboeken, kinderdetectives, roemruchte beren, kunstprentenboeken, zoek-en kijkboeken of sinterklaasboeken. Ook worden de favoriete boeken van de Kinderjury op een rijtje gezet, zes scheppingsverhalen besproken, komt de kinderpoëzie aan de orde en is er een overzicht van aanstormend illustratietalent. 

De auteurs hebben zich bij hun keuze onder andere laten leiden door de verkrijgbaarheid van de boeken die ze bespreken. Toch zal het niet meevallen een aantal boeken te pakken te krijgen. Klassiekers als Zwart als inkt ( Wim Hofman) of Kleine Sofie en Lange Wapper (Els Pelgrom) zijn al jaren uit druk en boeken van voor 2000 zullen ook in de bibliotheken niet altijd voorhanden zijn. 
De opzet om een speels en toegankelijk boek over de Vlaamse en Nederlandse kinder-en jeugdliteratuur te maken is absoluut geslaagd. Naast de vele blokjes tekst, die je met een gerust hart door elkaar kunt lezen, staat het boek boordevol illustraties, veelal in kleur. Er valt veel te ontdekken, ook voor de kinderboekenkenner. 

Het boekenboek 
Mirjam Noorduijn en Veerle Vanden Bosch 

Leopold, 2016     € 34,99

De kansen en de kanshebbers op de Gouden Griffel 2016

Geplaatst 4 okt. 2016 02:48 door susan *   [ 4 okt. 2016 03:31 bijgewerkt ]


2015 was een rijk kinderboekenjaar en dat zien we terug in de bekroningen van de Griffeljury. Ze deelden het maximale aantal Zilveren Griffels uit en bijna alle Vlag en Wimpels. Alleen in de categorie Poëzie bleven twee Vlag en Wimpels liggen wegens het geringe aanbod. 

Je kunt altijd discussiëren over de verdeling van de prijzen, soms zie je nu eenmaal liever dat een boek een Griffel krijgt in plaats van een Vlag en Wimpel. Toch is het lijstje winnaars een prachtig lijstje en zijn er tien kwalitatief goede en mooie boeken bekroond. 
De Griffeljury staat na het toekennen van de Zilveren Griffels voor de lastige vraag wie het goud zal krijgen. Alle tien boeken komen in aanmerking omdat ze allemaal oorspronkelijk Nederlandstalig zijn. Wat zou ik graag de discussie gevolgd hebben, want het zal geen makkelijke keuze zijn geweest. Wat heeft de jury tegen elkaar afgewogen? 
Vonden ze de teksten van Tjibbe Veldkamp en Edward van de Vendel sterk genoeg als ze los van de illustraties beoordeeld worden? Waardeert de jury dat Imme Dros haar jonge lezerspubliek niet uit het oog verliest? Vergelijkt de jury het werk van Joke van Leeuwen met haar eerdere werk en kan het genomineerde boek die vergelijking doorstaan? Houdt de jury überhaupt rekening met eerdere bekroningen? Willen ze Joke van Leeuwen, Toon Tellegen, Hans en Monique Hagen en Ted van Lieshout nogmaals bekronen voor vergelijkbaar werk? Hoeveel waarde hecht de jury aan vernieuwing? Hoeveel gewicht legt Akvelds en Van de Vendels originaliteit in de schaal? Speelt toegankelijkheid een rol? Gaat Anna Woltz haar eerste Gouden Griffel winnen met een boek dat veel kinderen zal aanspreken, of gaat Daan Remmerts de Vries er voor de derde keer met goud vandoor met een boek over een jongen waarmee de meeste kinderen zich lastig zullen kunnen identificeren en dat van een (in mijn ogen) psychiatrische stoornis een te makkelijk oplosbaar probleem maakt? 

In ieder geval staan er vanavond elf auteurs op het toneel die tien prachtige boeken hebben geschreven. Als ik alles tegen elkaar afweeg zie ik graag Anna Woltz winnen omdat ze geweldig schrijft en veel kinderen haar boek graag zullen lezen. Maar ook Imme Dros zou een leuke winnaar zijn. Na zestien Zilveren Griffels is haar die ene gouden van harte gegund. We zullen het zien. Vanavond rond half negen is de winnaar van de Gouden Griffel bekend. 

De genomineerden staan hier op een rijtje:

De genomineerden voor het Gulden Palet 2016

Geplaatst 7 sep. 2016 01:53 door susan *




Het gat – Øyvind Torseter 

Het boek ziet er opvallend uit: het heeft een sobere kartonnen kaft en is doorboord met een gat. Dit gat speelt een belangrijke rol in het verhaal: het duikt namelijk overal op. De figuur die we eveneens op de kaft zien vangt het gat in een doos en brengt het naar een bevoegde instantie voor nader onderzoek. Maar het gat blijft overal opduiken. 
Torseter tekent met pen en enkele steunkeuren de belevenissen met het gat. Door wisselende perspectiefkeuzes duikt het gat op allerlei plaatsten op en lijkt het daadwerkelijk te bewegen. 
De Paletjury roemt in haar juryrapport de sobere stijl en het verhaal dat omschreven wordt als een ´existentiële zoektocht naar de betekenis van het gat´. 
Over de illustraties schijven zij:`de tekenaar drukt zich bewust ietwat stoethaspelig uit, zijn lijnen zijn een beetje lullig bijna. Daarmee relativeert hij de absurditeit van een obsessie. Al met al een relativerend boek. Scandinavisch relativerend! Een prachtig, consequent geheel.´ 








Mijn opa is een boom – Kim Crabeels (tekst) en Ingrid Godon 
( illustraties) 

Mijn opa is een boom is een subtiel verhaal over de band tussen een kleinzoon en zijn opa. De kleinzoon is de verteller en hij valt direct met de deur in huis :´Mijn opa is een boom´. Maar op de illustratie zien we een gewone opa, die wel dezelfde kleur heeft als de boom naast hem. De kleinzoon vertelt hoe sterk zijn opa is: ´je duwt hem niet zomaar omver´ en hij vertelt hoe opa hem van de grond tilde als een veertje. Op de illustraties zien we dat opa en zijn kleinzoon veel plezier met elkaar hebben. Maar op een dag doet opa iets wat de kleinzoon hem nooit eerder zag doen: hij gaat zitten. Het is maar voor eventjes zegt opa, maar dat ´eventjes´ duurt heel lang. De zomer gaat voorbij, het gras verdort, de grond wordt droog en opa zit maar op zijn stoel:´Mijn opa zit vol groeven. Zijn huid lijkt wel van schors. Zijn handen zijn knoesterig. Zijn benen zijn ruw.´ En dan spreekt de kleinzoon het uit: ´Mijn opa is een boom´. 

Ingrid Godon illustreerde dit bijzondere verhaal in een bescheiden kleurenpalet waarin groen en geel domineren. Het groen van de boom omringd opa en het vrolijke geel benadrukt de warme band tussen grootvader en kleinzoon. 
De Paletjury noemt Godon een psycholoog onder de illustratoren:´Ze gaat niet op haar knieën, haar tekeningen voor kinderen zijn even sterk en krachtig als die voor volwassenen. 
Met een minimum aan lijnen - door de vorm van een wenkbrauw, door de stand van de ogen - bereikt de illustrator een psychologische diepgang, ongekend voor de meeste prentenboeken.´ 

Of kinderen deze uitdrukking van gevoelens zullen waarderen is de vraag. De beeldspraak uit de tekst wordt deels letterlijk weergegeven en dat kan voor kinderen verwarrend zijn. Maar wellicht is het niet nodig om het verhaal helemaal te begrijpen om toch de schoonheid ervan te ervaren.

                      

De winnaar van het Gulden Paletten wordt op woensdag 21 september bekend gemaakt.

De genomineerden voor het Gouden Penseel 2016

Geplaatst 6 sep. 2016 03:49 door susan *   [ 7 sep. 2016 01:55 bijgewerkt ]




Op woensdag 21 september wordt het Gouden Penseel uitgereikt. Dit zijn de genomineerde boeken:

 Hondje de enige echte - Yvonne Jagtenberg

Yvonne Jagtenberg vertelt in twintig korte verhaaltjes wat Hondje door het jaar heen meemaakt. Zijn wereld is eenvoudig: de boom in het park is de fijnste plek voor al zijn plasjes, vallende blaadjes zijn er om naar te happen en voor vuurwerk moet je uitkijken.
De penseeljury schrijft over Hondje, de enige echte in haar juryrapport:´De zinnetjes zijn kort en to the point. Hetzelfde geldt voor de illustraties. Je ziet meteen wat er gebeurt. Hondje doet van alles wat des honds is en we bekijken dat allemaal vanuit zijn eigen optiek: hij wordt verleid met koekjes, hij volgt een spoor, hij plast in het rond. Het boek wordt gedragen door de stevige, expressieve illustraties in kloeke vormen en simpele kleuren. De beelden zijn op het primitieve af, maar daaraan ontlenen ze juist hun kracht. Wat Hondje ook uitspookt, zijn gezichtsuitdrukking en zijn lichaamstaal spreken boekdelen.´ 



Lettersoep – Harriët van Reek 

Harriët van Reek maakte een prentenboek waarin alles om letters draait. Hoofdpersonen in het verhaal zijn Lange Letterel en letterpoes. Het verhaal kent weinig structuur, maar heeft als rode draad dat er lettersoep gekookt wordt, die aan het einde van het verhaal door allerhande letters wordt opgegeten. Beeld en tekst zijn vooral een groot letterspel. De penseeljury waardeert dit:´ Waar eindigt het beeld en waar de letter? Ze reageren sterk op elkaar. Net als je denkt de boodschap te doorgronden, word je weer op het verkeerde been gezet.(...) Het boek Lettersoep zit vol woordspelingen en associaties en heeft op die manier vele lagen.´ 

De jury noemt Lettersoep een uniek boek dat alle tradities ontstijgt: 
´ Wat een genot om je met soepele sprongen tussen concrete en abstracte begrippen heen en weer te kunnen begeven. Wie er in mee kan gaan, bekijkt het leven anders. Eigenlijk is het vooral een filosofisch boek.´

                  

Over Griffels, Penselen, Paletten en Vlag en Wimpels

Geplaatst 23 jun. 2016 05:17 door susan *   [ 23 jun. 2016 05:17 bijgewerkt ]



Voor menigeen is het niet eenvoudig het woud aan kinderboekenprijzen rond ´de Griffels´ te overzien. Daarom  een overzicht: 

De Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek (CPNB) reikt jaarlijks Zilveren Griffels uit aan de best geschreven kinderboeken van het voorafgaande jaar. Zij benoemen een jury die de boeken voor de prijzen voordraagt. In de regel neemt het CPNB deze voordracht over. Naast oorspronkelijk Nederlandstalige boeken kunnen ook vertalingen voor een Zilveren Griffel in aanmerking komen. Uit de boeken die bekroond zijn met een Zilveren Griffel wordt er een gekozen die de Gouden Griffel krijgt. Een Gouden Griffel is altijd voor een oorspronkelijk Nederlandstalig boek. De Griffels zijn verdeeld over verschillende categorieën: Tot zes jaar, Vanaf zes jaar, Vanaf negen jaar, Informatief en Poëzie. Per categorie kan de jury twee boeken voordragen, maar dit doen zij niet ieder jaar. 

Een andere jury buigt zich over de voordrachten voor de Zilveren Penselen en de Zilveren Paletten. De Penselen zijn uitsluitend voor Nederlandse illustratoren. De jury kan twee voordrachten voor deze prijs doen. Maximaal twee buitenlandse illustratoren kunnen worden voorgedragen voor een Zilveren Palet. Een van de Zilveren Penselen wordt een Gouden Penseel. Een van de Zilveren Paletten kan worden omgezet in een Gulden Palet

De Gouden Griffel wordt uitgereikt op het Kinderboekenbal op 4 oktober. De Gouden Penseel en eventueel het Gulden Palet worden op 21 september uitgereikt in het Rijksmuseum te Amsterdam. 

Zowel de Griffeljury als de Penseeljury geven eervolle vermeldingen. Dit zijn de Vlag en Wimpels. Zowel oorspronkelijk Nederlandse boeken als buitenlandse boeken komen hiervoor in aanmerking.

De keuze van de Griffeljury 2015

Geplaatst 23 jun. 2016 05:12 door susan *


Morgen wordt tijdens het Kinderboekenbal de Gouden Griffel 2015 uitgereikt. De jury beoordeelde 154 boeken en bekroonde er 16. Hiermee reikte ze niet het maximale aantal prijzen uit. Naast de Griffels kent de jury ook de Vlag en Wimpels toe. Zij zien deze prijs niet als een troost- of aanmoedigingsprijs, maar´als een onderscheiding voor een boek dat het net niet tot een Griffel 
bracht´. 
De jury maakt in de inleiding van het juryrapport enkele opmerkingen over de ingezonden boeken van dit jaar. 
In de categorie Poëzie was de oogst schaars en derhalve kende de jury daar slechts één prijs toe. De categorie Informatief werd ruimhartig geïnterpreteerd en dat leverde drie bekroningen op. De kwaliteit van de ingezonden boeken voor de categorie 6+ vindt de jury ´niet overweldigend´, afgezien van de drie boeken die zij een prijs gaven. Evenals voorgaande jaren was het aanbod in de categorie 9+ groot. Binnen deze categorie werden dan ook alle prijzen toegekend. 
Het is de jury opgevallen dat´de gekte terug is in de jeugdliteratuur. Het hoeft allemaal niet zo serieus of realistisch: ook met een flinke dosis humor of met een grote portie raadselachtigheid kunnen boeken met diepgang geschreven worden´. 
Opvallend is dat de helft van de inleiding op het juryrapport gebruikt wordt om erop te wijzen dat de keuze van de jury altijd onderwerp van discussie is. Voor de verliezende schrijvers is er een wijze raad, een citaat uit een van de bekroonde boeken:´misschien doe je door deze ervaring de volgende keer nóg beter je best om eerste te worden. En misschien moet je bedenken dat het niet alleen om winnen gaat, maar ook om de lol.´ 
De jury wijst er verder op dat discussie over de toekenning van de Griffels een lange geschiedenis heeft en dat zij zich verheugen op een levendige uitwisseling van meningen.

Laten we de keuze van de jury eens nader bekijken. Ik beperk me daarbij tot de toegekende Griffels. 
In de categorie Tot zes jaar zijn twee heel verschillende boeken bekroond. De krijtje staken! is een toegankelijk en grappig boek waarvan Koos Meinderts de oorspronkelijke Engelstalige tekst uitstekend vertaald heeft. Omdat het hier om een vertaling gaat kan het boek niet in aanmerking komen voor een Gouden Griffel. Het boek van Daan Remmerts de Vries Soms laat ik je even achteris een prachtig subtiel verhaal waarbij verschillende gevoelens tussen de zinnen en de illustraties doorschemeren en het is aan de lezer wat hij daarvan kan en wil zien. 
Ook in de categorie Vanaf zes jaar is er een buitenlands boek en een oorspronkelijk Nederlandstalig boek bekroond. Edward van de Vendel vertaalde het van oorsprong Noorse boek Bruno wordt een superheld. Een spannend, mooi en goed geschreven verhaal. De bekroning van Sylvia Vanden Heedes boek Een afspraakje in het bos was een verrassing, het boek heeft weinig aandacht in de media gehad. Ten onrechte, het is een grappig en leerzaam boek vol met leuke taalvondsten. 
In de categorie Vanaf negen jaar was het dus dringen. Eén kanshebber werd doorgeschoven naar de categorie Informatief, maar er bleef genoeg keus over. Uiteindelijk werd gekozen voor Sjoerd Kuypers Hotel De Grote L en Dirk Webers De goochelaar, de geit en ik. Twee mooie boeken. 
Annet Huizing belandde, tot haar eigen schrik, met haar Hoe ik per ongeluk een boek schreef in de categorie Informatief. Ze hoort daar niet thuis, hoewel het boek absoluut een aanrader is voor ieder die meer over het schrijversambacht wil weten, maar het is toch vooral het verhaal over Katinka dat de lezer in de ban houdt. Maar mij hoor je niet klagen, ik ben blij dat de jury een weg gevonden heeft ook dit boek een Griffel toe te kennen. Het tweede bekroonde boek in deze categorie is van filosofe Stine Jensen die in Lieve Stine weet jij het? in heldere taal vragen van kinderen beantwoordt en daarbij gebruik maakt van diverse filosofische inzichten. 
En tot slot staat daar eenzaam in de categorie Poëzie dat ene boek dat de jury een bekroning waard vond: Bette Westera´s boek Doodgewoon. Een geweldig boek. 

Wie moet er winnen? 
Van de negen bekroonde boeken maken er zeven kans op de Gouden Griffel.De trouwe lezers van kinderboekenpraatjes weten al welk boek mijn voorkeur heeft, ik vind het mooiste boek van 2014Doodgewoon van Bette Westera. Het boek won overigens eerder dit jaar al de Woutertje Pieterse Prijs. Maar ik ben ook tevreden als de tweede grote kanshebber op de prijs wint: Sjoerd Kuijper met Hotel De Grote L. Dan wint er een goed geschreven lekker (voorlees)boek dat veel kinderen met plezier zullen lezen. 
De griffeljury maakte dit jaar een keuze die weinig stof deed opwaaien. Ik hef morgen dan ook graag het glas op de winnaar, wie het ook wordt.

Recenseren: meer dan zomaar een mening!

Geplaatst 6 apr. 2016 06:22 door susan *   [ 6 apr. 2016 06:22 bijgewerkt ]


Gisteren plaatste ik een blog over het feit dat iedere boekbespreking een recensie genoemd kan worden, omdat er geen vast omschreven regels zijn voor wat een een recensie precies is.
Maar ik heb er natuurlijk wel een mening over wat een recensie zou moeten zijn.
Een recensie onderscheidt zich namelijk op een aantal punten van een boekbespreking. Van een recensent mag de lezer verwachten dat hij (of zij) een behoorlijke beschouwing kan schrijven, dat hij kennis heeft over het vakgebied waar hij over schrijft en dat zijn stukken goed onderbouwd zijn. 
Een recensie is meer dan het overschrijven van de flaptekst en vervolgens schrijven dat het 
zo´n fijn/ leuk/ kut/slecht boek is. Een (goede) recensent zal altijd in eigen woorden vertellen waar het boek over gaat, nooit een clou weggeven en ernaar streven dit gedeelte van de recensie te beperken tot hooguit een derde van zijn tekst. Een recensie draait immers vooral om het oordeel van de recensent en niet om het weergeven van de inhoud van het boek. Die mening moet begrijpelijk onder woorden worden gebracht en toegelicht met argumenten die de lezer kan checken. Dus niet ´mijn buurjongetje heeft dubbel gelegen´, maar bijvoorbeeld wel met een citaat uit het boek dat de recensent als ´grappig´ kwalificeert. Een goede recensent weet van het geheel een prettig leesbaar stuk voor zijn doelgroep te maken. 

Vakkennis is het grootste kapitaal van de recensent. Hij heeft kennis van zijn onderwerp, hij weet wat er speelt in het veld, hij heeft kennis van het verleden, hij weet wat in is en wat uit, wat bekroond is en wat niet en welke boeken omstreden zijn en natuurlijk weet hij hoe hij een tekst moet beoordelen. 
De kinderboekenrecensent doet zijn werk in een uniek speelveld waar pedagogen en literatoren elkaar vaak in de haren vliegen over de vraag wat een kinderboek tot een goed kinderboek maakt. Een recensent kan een boek ook plaatsen. Hoe verhoudt het zich met vergelijkbare boeken, is de thematiek opvallend, wijkt de stijl af van wat gebruikelijk is, hoe ontwikkelen schrijvers zich, wat is populair en wat heeft moeite de weg naar de lezer te vinden. 

In mijn ogen doet de mening van een recensent er eigenlijk niet toe. De taak van de recensent is zijn publiek te informeren vanuit zijn deskundigheid. Hij vertelt waar het besproken boek over gaat en wat hem opvalt en hij onderbouwt zijn verhaal met goede argumenten en voorbeelden. Vaak zijn er zowel positieve als negatieve dingen over een boek te zeggen. Het is aan de lezer of hij door de argumenten van de recensent overtuigd wordt en daarop besluit het boek wel/niet te willen lezen. Recensenten kan het niet schelen of het boek wel of niet verkocht wordt. 

Lezers willen graag kwalificaties in sterren en cijfers zien, zodat in een oogopslag een mening overgenomen kan worden, zelfs zonder de recensie te lezen. Dat is voor mij een belangrijke reden geen sterren, ballen of wat dan ook aan mijn recensies toe te voegen, het haalt de nuance weg.

1-10 of 59