lijst Voorleesdagen

Pieter de papegaaiduiker - Petr Horáček

Geplaatst 21 jan. 2013 01:52 door susan *


Papegaaiduikers zijn mooie vogels met hun zwart/witte verenpak en hun kleurige snavels. Wie veel geluk heeft ziet er misschien een als wintergast aan de kust. Deze kleurrijke vogel is de hoofdpersoon in het prentenboek Pieter de papegaaiduiker. 

Pieter heeft een ´beste vriend´: Pim. Hij maakt een hoop lawaai en hij maakt Pieter altijd aan het lachen. Op een dag steekt er een storm op en Pieter spoelt weg. Hij heeft geluk, want hij strandt op een grote vriendelijke walvis. De walvis gaat Pieter helpen zijn vriend Pim terug te vinden, maar dat is niet zo makkelijk. Pieter vertelt de walvis zo goed mogelijk wie ze zoeken: een vogel die grappig en lawaaiig is, zwarte en witte veren heeft en een kleurige snavel. De walvis brengt Pieter drie keer naar de verkeerde vogel. Pieter wordt daar heel verdrietig van.
Op een dag zien de walvis en Pieter een paar piepkleine eilandjes en wie komt daar aangevlogen? ´Het is zwart en wit, met een kleurige snavel. Het is grappig en lawaaiig...`Eindelijk snapt de walvis naar welke vogel ze op zoek waren. 

Een zoektocht waarin goede aanwijzingen tot foute conclusies leiden is een geliefd thema in prentenboeken. Het wordt in dit boek mooi uitgewerkt. De lezer kan op de illustraties zien dat de walvis goed heeft geluisterd, maar dat de juiste vogel toch niet gevonden wordt. 
Petr Horáček, geboren in Praag en woonachtig in Engeland, heeft het verhaal prachtig geïllustreerd. De lezer moet bij aanvang heel goed kijken om de verschillen te ontdekken tussen Pieter en Pim, want papegaaiduikers zijn moeilijk uit elkaar te houden. We zien de vogels in hun natuurlijke omgeving: op de rotsen en in de zee. De walvis is voor sommige pagina´s te groot, dan zien we slechts zijn rug, of zijn kop. Het kleurgebruik van Horáček is bijzonder mooi. Hij gebruikt verschillende technieken om de dieren en hun omgeving weer te geven. Het geheel oogt natuurlijk. 
De tekst is summier. Het beschrijft wat er gebeurt en de gesprekken tussen de walvis en Pieter. Tegen het einde van het verhaal gaat de emotie een rol spelen als Pieter ´heel verdrietig´ is. Dat is ook goed te zien: kleine Pieter zit verloren en verlaten op de enorme walvisrug. 

Pieter de papegaaiduiker kreeg een plaatsje in de prentenboeken Toptien van de Nationale Voorleesdagen van 2013. Dit prachtig geïllustreerde avontuur van de zoektocht van Pieter naar zijn beste vriend verdient deze eer. 

Pieter de papegaaiduiker 
Petr Horáček 

De Vier Windstreken, 2012     € 13,95

Gek hondje! - Adam Stower

Geplaatst 17 jan. 2013 04:31 door susan *


Lara wil graag een hondje. Op een dag komt er zo maar eentje aangelopen. Een grote harige, bruine hond. Maar is het wel een hond? Het is wel een gek hondje. Hij eet nooit zijn eigen eten op, hij wil niet lopend naar het park en hij kan geen enkel kunstje. 

Lara mag ´Hondje´ niet houden:´Hondje heeft vast een eigen huis lieverd. En een baasje dat hem erg mist´. Lara maakt daarom een poster:´gevonden, een heel gek hondje´en hoopt stilletjes dat niemand de poster zal zien. 

Hondje is inderdaad een heel gek hondje want het is een grote bruine beer. Op de illustraties, die een belangrijk deel van het verhaal vertellen, zien we de knorrige beer luid grommen naar Lara. Zij is er niet van onder de indruk,´hij heeft gewoon iemand nodig die voor hem zorgt´, en dus bindt ze hem een stropdas om de nek en neemt de beduusd kijkende beer mee naar huis. Het grillige gedrag van het bijzondere hondje wordt grappig weergegeven. Bijvoorbeeld als Lara de lezer vertelt dat Hondje nooit zijn eigen eten wil, zien we haar verbaasd kijken naar de volle etensbak terwijl de beer op de achtergrond de koelkast leeghaalt. De illustraties laten goed zien dat de beer weliswaar een gek hondje is, maar zich wel lijkt te schikken in zijn nieuwe rol. 
Op de schutbladen ziet de lezer een krant met aanvullende informatie. Zo wordt duidelijk waar de beer vandaan komt en dat het goed met ´Hondje´ afloopt als de eigenaar hem heeft opgehaald. En Lara? Die vindt op een dag een heel gek poesje... 

Voor kinderen die het verschil tussen een hond en een beer weten is dit een heel vermakelijk boek. In woord en beeld wordt het verwisselthema briljant uitgewerkt en daar zullen zowel de voorlezer als het kind van genieten. 

Gek hondje! 
Adam Stower 

De Vries-Brouwers, 2011     € 17,50

Agent en Boef en de Boefagent - Tjibbe Veldkamp

Geplaatst 13 jan. 2013 04:26 door susan *


´Agent!´ 
 Agent wordt wakker. 
 Ziet hij dat goed? Zit er een agent in de gevangenis? 
´Boef is ontsnapt!´zegt de andere agent. ´En hij heeft mij opgesloten!             Mag ik eruit?´ 
´Natuurlijk!´zegt Agent.

Zo begint het derde avontuur in de reeks Agent en Boefboeken. Het uitgangspunt is altijd hetzelfde: Boef ontsnapt en Agent moet hem weer te pakken zien te krijgen. In dit avontuur staat verkleden centraal. Eerst verkleedt Boef zich als agent, dan als winkelier, daarna als schilder, dokter en brandweerman. Agent herkent Boef pas als hij zich als hulpjuf verkleedt en de kinderen boevenstreken leert. Met hulp van de schoolkinderen weet Agent Boef te arresteren. Terug in de gevangenis stopt Agent Boef in bed.´Dat was leuk´, zegt Agent. ´Ja´, zegt Boef. ´Morgen weer?´ 

Schrijver Tjibbe Veldkamp en illustrator Kees de Boer zijn meesters in het vertellen van het grappige verhaal. Tekst en illustraties zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Veldkamp schrijft in korte zinnen die de illustraties ondersteunen en veel dialoog bevat. De grapjes in tekst en beeld passen bij het gevoel voor humor van een kleuter, zoals de vele keren dat Agent de verklede Boef maar niet herkent en ook niet ziet wat een chaos Boef creëert. De lezer ziet de verkleedpartijen en ook waar dat toe leidt, want als schilder brengt Boef er niet veel van terecht en ook als dokter of brandweerman maakt hij er een potje van. Striptekenaar/illustrator Kees de Boer weet als geen ander een klas te tekenen die zojuist boevenstrekenles heeft gehad: kinderen die in de lampen bengelen, kasten die beklommen worden en veel creatief gebruik van water en verf. Wie goed kijkt ziet dat de verkleedkist nooit ver weg is en de oplettende kijker ziet ook dat een aantal personen steeds opnieuw het slachtoffer worden van de streken van Boef. 

Ook dit derde boek van Agent en Boef is weer een heerlijk slapstickavontuur en verdient zijn plek in de voorlees TopTien. 

Agent en Boef en de Boefagent 
Tjibbe Veldkamp (tekst) en Kees de Boer (ill) 


Lannoo, 2011     € 9,99

Er was eens een vosje... - Gitte Spee

Geplaatst 9 jan. 2013 03:10 door susan *


´Er was eens een vosje 
 dat werd geboren 
 in een land met veel huizen, 
 maar geen enkele toren.´ 


Vosje zou graag in een toren willen wonen. Hij bouwt een vliegtuig en gaat met zijn knuffeldier Beer op zoek naar een geschikte toren om in te wonen. Ze vliegen de hele wereld over en zien heel wat torens: een vuurtoren, een verkeerstoren, een fabriekstoren en zelfs een Chinese pagode. Ook vliegen ze langs een aantal bekende torens zoals de Big Ben, de Eifeltoren en de toren van Pisa. Geen enkele toren blijkt geschikt om in te wonen. De een is te griezelig, de ander zit vol gaten of de toren is te vies, te gevaarlijk of te scheef. Vos en Beer tuimelen zelfs van de scheve toren naar beneden, zo...hun bedje in. Het was slechts een mooie droom. 
 
Er was eens een vosje... is een leuk kijkboek. Het lijkt een ´gewoon´ prentenboek tot Vosje en Beer in het gele vliegtuigje stappen. Dan moet het boek gedraaid worden, want al die spannende torens passen anders niet in het boek. Gitte Spee heeft zich uitgeleefd in de illustraties waar de torens duidelijk herkenbaar en in aangename kleuren zijn weergegeven. De torens staan in een passende omgeving: rond de verkeerstoren zwermen diverse vliegtuigen, de Chinese pagode staat op een berg en rond een kasteeltoren vliegen ´s nachts natuurlijk een aantal vleermuizen. Dat al die torens ook echt bestaan maakt het verhaal nog aantrekkelijker, zeker als de jonge lezer een van de torens al kent. 
Vos en Beer geven vanuit hun vliegtuigje commentaar. Ook zonder de tekst is duidelijk wat ze ervan vinden omdat Spee de gezichtsuitdrukkingen knap weergeeft: Vosje en Beer met de handen voor de oren bij de Big Ben, kuchend en proestend bij de fabriekstoren en in verwarring tussen de wolkenkrabbers van Manhattan. 
De tekst is grotendeels op rijm met een repeterende eindzin:´Dag mooie toren, tot de volgende keer´. Het ritme en rijm lopen niet overal even lekker, maar dit verstoort de aandacht voor de inhoud niet als de voorlezer dit weet op te vangen. Peuters en kleuters zullen zeker genieten van de avontuurlijke zoektocht van Vosje en Beer. 

Er was eens een vosje... 
Gitte Spee 

The house of books, 2011 € 10,00


´De wereld staat vol letters´- In gesprek met Irma Land

Geplaatst 8 jan. 2013 02:39 door susan *


Irma Land is een naam die niet iedereen in verband brengt met kinderboeken. Ze is´de vrouw van de kleine lettertjes´. Je vindt haar naam op de Voorleesgids die zij samenstelt, ze is Leespluimjurylid, ze maakt de lessuggesties bij de Prentenboek TopTien en ze is een enthousiast leesbevorderaar. Alle reden dus om eens een praatje met haar te maken. 

Hoe word je leesbevorderaar? 

Ik ben erin gerold. Ik heb iets met kunst en met kinderen en heb altijd een voorliefde voor prentenboeken gehad. Vanwege mijn onderwijsachtergrond kijk ik altijd naar boeken met het idee wat je er mee zou kunnen doen, naast het voorlezen. Neem bijvoorbeeld het prentenboek De gele ballonvan Charlotte Dematons, daar heb ik een aardrijkskundeles bij gemaakt. 

De Leespluim startte begin jaren tachtig onder de naam Pluim van de maand, vanaf 2006 gaat deze maandelijkse prijs voor goede veelzijdig bruikbare boeken voor jonge kinderen als De Leespluim door het leven. Irma is een van de leden van de Leespluimjury. 
Hoe gaat dat nu, dat jureren? 

De Leespluimjury vergadert een keer in de drie maanden en dan kiezen we drie Leespluimen. Tot voor kort maakte ik de groslijst, een lijst met ongeveer 12 titels die aan onze criteria voldoen. Deze taak is nu overgenomen door een ander jurylid. Elk boek uit de groslijst beoordelen de juryleden afzonderlijk met een puntensysteem, waarna de scores worden opgeteld. De drie boeken die het hoogst scoren verdienen een Leespluim. 
In de jury zitten mensen uit verschillende disciplines. We zoeken leuke, actuele boeken die prikkelen tot voorlezen en interactie. Verder moet er een goede balans zijn tussen de illustraties en de tekst. We kijken ook naar de vormgeving en stevigheid: een boek met flapjes die niet lekker schuiven krijgt geen Leespluim. 

Voorlezen wordt erg gestimuleerd. Er zijn bijvoorbeeld folders met tips voor de voorlezer. Een goede zaak? 

Jazeker.Tegenwoordig wordt nogal eens gedacht dat er bij elke bladzijde een vraag moet worden gesteld, het moet immers ´interactief´ zijn. Maar het gaat bij interactief voorlezen voornamelijk over het volgen van het kind. Je moet kijken hoe het kind op de plaatjes reageert, je kunt dan even stoppen met voorlezen en wachten of het kind iets wil zeggen. Veel leidsters in de kinderopvang denken dat interactief voorlezen vooral vragen stellen is. Dat is wel belangrijk, maar je moet goed kijken wanneer je dat doet en wanneer het beter is dat je niets zegt. 
Ik maak me zorgen over de opleiding die pedagogisch medewerkers krijgen. Op de ROC´s worden er nauwelijks kinderboeken gelezen en veel pedagogisch medewerkers komen niet uit een leescultuur. Het is moeilijk voor hen om een verantwoorde keuze uit het grote aanbod voorleesboeken te maken. We hopen dat de Leespluim daarbij helpt. 

De Leespluim is enkele maanden geleden overgenomen door het blad Kiddo, het vakblad voor mensen die in de kinderopvang werken. Gaat er wat veranderen? 

We hopen met Kiddo meer mensen te kunnen bereiken. Er is nu een Leespluim website :www.leespluim.nl en in het tijdschrift zal extra aandacht besteed worden aan het boek dat de Leespluim van de maand krijgt. We hopen ook dat de bibliotheken meer met de Leespluim gaan doen. 

Vind je het een goede ontwikkeling dat steeds meer prentenboeken ook als app verkrijgbaar zijn? 

Ik vind dat niet verkeerd. De app komt niet in plaats van het boek, het komt er bij. Hetzelfde geldt voor digitale prentenboeken. Het kan de voorlezer niet vervangen, volgend interactief voorlezen kan niet met een app. 

Je maakt lessuggesties bij de Prentenboek TopTien. Hoe wordt die TopTien samengesteld? 

Er wordt een lijst opgesteld van boeken die in het afgelopen jaar verschenen zijn. Aan bibliothecarissen wordt gevraagd welke boeken in aanmerking komen voor de Top Tien. Maar op die lijst staan wel 200 boeken. Dat is erg veel. Maar weinig bibliothecarissen geven daarom daadwerkelijk hun voorkeur op. 

Lukt het iedere keer weer leuke lessuggesties te maken? 
Ik zie altijd mogelijkheden, al is er ieder jaar wel een boek bij waarover ik wat langer moet nadenken. 

Hoe belangrijk is lezen? 
Het hele leven is lezen. Of je nu een recept leest of op een melkpak kijkt, alles is lezen. De wereld staat vol met letters.

Waarom lig jij in mijn bedje? - Joke van Leeuwen

Geplaatst 5 jan. 2013 04:36 door susan *


Het is fijn dat in de prentenboeken Top Tien Waarom lig jij in mijn bedje? van Joke van Leeuwen is opgenomen. Het bijzondere boek is heel geschikt om voor te lezen aan jonge kinderen. In het eenvoudige repeteerverhaal wordt een beertje uit bed gezet door een kind:´Ga maar in je eigen bedje liggen´. Het beertje vindt in zijn bedje een ander:´Waarom lig jij in mijn bedje?´ vraagt hij de indringer. Met het antwoord neemt de beer geen genoegen:´Ga maar in je eigen bedje liggen.´ Een hond zoekt vervolgens zijn eigen bedje op, waar hij ook een ander in vindt. De vraag ´waarom lig jij in mijn bedje?´ en de zin ´ga maar in je eigen bedje liggen´ wordt nog vaak herhaald. Alle dieren geven een reden om in het bedje van een ander te liggen tot we aankomen bij het bedje waar een popje ligt. Popje kan niet zeggen waarom hij in het bedje van een ander ligt. Toch heeft hij wel een goede reden: hij heeft geen bedje. Treurig loopt hij langs alle volle bedjes:´Iedereen heeft een bedje. En ik niet´. Als het popje bij het bedje aankomt waar het verhaal begon mag hij er in:´Omdat je klein bent. En omdat je het koud hebt´. Daar ligt popje dan. Hij zwaait nog even met een blij gezicht naar de lezer. 

De tocht langs de bedjes is een belevenis op zich omdat het boek op een bijzondere manier is uitgegeven. Het is een ´toverboek´, al zullen volwassenen het een ´leporello´ noemen. De stevige kartonnen bladzijden zijn zo gevouwen dat het boek bij het keerpunt in het verhaal, als het popje eenzaam op de bladzijde staat, niet uit blijkt te zijn. De lezer ziet weliswaar de kaft opdoemen, maar in deze uitgave kan je doorbladeren en kan de lezer zien hoe het verder gaat met het popje. De bladzijden kunnen ook helemaal uitgevouwen worden. 
Joke van Leeuwen heeft het verhaal zelf geïllustreerd en er valt veel te zien op de ogenschijnlijk eenvoudige illustraties. Tegen een donkere kale achtergrond, het is immers nacht, ziet de lezer alle verschillende bedjes. Vaak is niet in één keer te zien wie er in ligt, maar alles wordt duidelijk op de volgende illustratie. Het popje is aandoenlijk getekend. Als hij langs de volle bedjes loopt wordt hij steeds zieliger. Dat is te zien aan zijn houding en zijn gezicht. Als hij dan eindelijk zijn plaatsje heeft gevonden is zijn blije gezicht al het meevoelen waard. 

Waarom lig jij in mijn bedje? 
Joke van Leeuwen 


Querido, 2011     € 12,95


Nog 100 nachtjes slapen - Milja Praagman

Geplaatst 9 dec. 2012 08:32 door susan *   [ 22 jan. 2013 00:47 bijgewerkt ]


Ergens in de levensloop raak je dat spannende gevoel van bijna jarig zijn kwijt. Daar heeft Dorus, hoofdpersoon uit het prentenboek Nog 100 nachtjes slapen geen last van, zij baalt dat het nog zó lang duurt voor ze eindelijk haar verjaardag kan vieren: ´het is nog honderd nachtjes slapen tot Dorus jarig is. Dorus kan tellen tot tien, niet tot honderd…Zo lang duurt het dus nog.´
Mama is niet over te halen eerder te gaan feesten en scheept Dorus af het de dooddoener ´Ga maar fijn spelen´. Dorus krijgt een schaar en een lapje stof en Dorus ´knipt, knipt en knipt´. Ineens heeft zo zomaar een mooie driehoek uitgeknipt.
Dorus vindt knippen leuk en gaat op pad met haar schaar. Uit alle leuke stofjes die ze ziet knipt ze een driehoek: een stukje uit mama´s blauwe jurk, de kostuums aan de waslijn moeten eraan geloven en zelfs een politie-uniform is niet veilig voor de schaar van Dorus.
Alle mensen die een driehoek uit hun kleren missen gaan verhaal halen en staan voor de deur bij Dorus. Maar als ze zien wat Dorus heeft gedaan met al die prachtige stukjes stof moet iedereen lachen en wordt het toch nog feest.

Het eenvoudige verhaal heeft alles in zich voor een heerlijk prentenboek. Kleuters zullen dat verlangen naar je verjaardag zeker herkennen, ze zullen genieten van de spannende tocht van Dorus met haar schaar en tevreden zijn over de afloop.

Het verhaal wordt slechts deels verteld door de woorden, het zijn de illustraties die dit boek extra leuk maken. Praagman speelt op allerlei manieren met de uitgeknipte driehoeken. Zo ziet de lezer door de gaten van de uitgeknipte driehoeken verrassende dingen, zoals een ander stofje, een stukje van de benen, een hemd, of een lachende Dorus. Een leuke bezigheid is ook uit te zoeken waar al die lapjes die Dorus heeft verzameld vandaan komen, kan de lezer het roze lapje uit de prinsessenjurk terug vinden en van wie is toch dat blauwe ruitje?

Nog 100 nachtjes slapen is een fijn prentenboek waar veel aan te beleven valt. Het boek kreeg de Leespluim van september 2011 en werd gekozen tot prentenboek van jaar 2013.

Nog 100 nachtjes slapen
Milja Praagman
 
Leopold, 2011     € 13,95

Vrolijk - Mies van Hout

Geplaatst 9 dec. 2012 08:20 door susan *   [ 9 dec. 2012 08:30 bijgewerkt ]


Dat Mies van Hout een meester is in het uitbeelden van de emoties van zeebewoners hebben we al kunnen zien in het prentenboek O,o Octopus. En nu is er het opmerkelijke prentenboek Vrolijk waarin de lezer twintig vissen voorgeschoteld krijgt die iets voelen. In bijpassende letters staat op de pagina naast de illustratie wát de vis voelt. 
Een prentenboek over gevoelens, zonder begeleidende tekst, met alleen gekleurde vissen tegen een zwarte achtergrond kan dat wat zijn? Ja, volmondig jaaaaa!

Razend knap weet Mies van Hout al die verschillende emoties overtuigend uit te beelden. Een nieuwsgierige vis trilt de pagina bijna af van de zenuwen, het dappere visje zwemt blijmoedig de grote zwarte ruimte in, de kwade vis kun je bijna horen schreeuwen met zijn wijd open bek en toegeknepen ogen en de verliefde vis met zijn dromerige uitstraling doet direct verlangen naar vlinders in de buik. Een van mijn favorieten is de tevreden vis, hij kijkt natuurlijk heel tevreden en wat wil je als je zo´n mooie buik hebt die er als een kleutervlechtwerkje uitziet.
Naast al die vissen heeft Mies van Hout in één woord het getoonde gevoel gezet, in bijpassend letters; een opengeslagen bladzijden vormt zo altijd een geheel. De kleuren van de woordpagina zijn zorgvuldig gekozen en sluiten aan bij de illustratie ernaast, maar de relatie gaat verder. Bij de verwarde vis die uit veel onbegrensde lijnen bestaat, weerspiegeld de woordpagina dezelfde techniek. Bij de bedroefde vis huilen de woorden mee en de bange vis lijkt in grote angst weg te zwemmen van de woordpagina waar in een egaal rood vlak de letters staan.

Mies van Hout werkte voor dit prentenboek met oliepastelkrijt, een techniek die ze niet eerder gebruikte. De vissen zijn in één keer op papier gezet, Van Hout tekende honderden vissen om er uiteindelijk een twintigtal uit te kiezen voor dit boek.

Gevoelens worden door grote groepen mensen in hun lichaamstaal op gelijke wijze uitgedrukt en dit is de ingang die Mies van Hout heeft gebruikt en vertaalt naar haar vissen: mondhoeken naar beneden als je niet lekker in je vel zit, grote ogen opzetten als iets je verwondert of trillen als je zenuwachtig bent. De gevoelens worden verder verduidelijkt door het kleurgebruik.
Het boek leent zich uitstekend om samen met kinderen over gevoelens te praten en op zoek te gaan waaraan nu precies te zien is wat de vis voelt en gesprekjes te hebben over gevoelens. Dit prentenboek is een goudmijn voor kleuterjuffen.

Vrolijk
Mies van Hout
 
Lemniscaat, 2011     € 14,95
 
Dit boek kreeg De Leespluim van december 2011
 
Klik hier voor een interview door RTV Drenthe met Mies van Hout waarin ze  vertelt over haar boek Vrolijk
 
 
 

Superbeesje is al onderweg - Guido van Genechten

Geplaatst 9 dec. 2012 07:57 door susan *   [ 9 dec. 2012 08:14 bijgewerkt ]


Wie het nieuwste prentenboek van Guido van Genechten opent ziet allerlei dieren die dringend hulp nodig hebben: een olifant zit vast in de modder, boven een afgrond bungelt een hond, een kameel staat in de woestijn uit te drogen, een slang zit serieus in de knoop en op een strand is een walvis aangespoeld. Het is de hoogste tijd dat er een superheld in actie komt en jawel, Superbeesje is al onderweg.
Het kleine turbolieveheersbeestje komt aansnellen op raketsnelheid en met zijn ´superkrachtige olifantenzuignap´ trekt hij de olifant uit de puree, met zijn ´mega-uitschuifbare vangnet voor vallende beesten´ vangt Superbeesje net op tijd de hond op en ook de andere dieren worden door Superbeesje geholpen.
Na een drukke dag kruipt Superbeesje in zijn superbedje, maar er komt nog een oproep binnen en ook nu schiet Superbeesje te hulp: hij is al onderweg met…een voorleeskoffer.

Superbeesje is een erg leuk lieveheersbeestje, met zijn turboaandrijving en zijn vele verrassende hulpstukken waarmee hij al die dieren helpt die zoveel groter zijn dan hij. Dat verschil in grootte benadrukt Van Genechten natuurlijk in zijn illustraties, zo zien we het kleine Superbeesje met de nog druipende olifant door de lucht vliegen en Superbeesje kan met zijn ´onwaarschijnlijke turboduwer´ zelfs een walvis de zee in krijgen.
De illustraties Van Genechten zijn kleurig en sfeervol, de verschillende gebieden waar de dieren in nood zijn hebben hun eigen sfeer, de hond bengelt boven de Grand Canyon, de dorstige kameel staat eenzaam in de woestijnvlakte en die arme slang-in-de-knoop heeft vast geen oog voor zijn groene omgeving.
Van Genechten tekent de dieren natuurgetrouw, kinderen zullen de afgebeelde dieren direct herkennen. De illustraties ogen rustig en de actie in het verhaal wordt duidelijk afgebeeld en vult zo de tekst aan. Op de illustratie kan de lezer bijvoorbeeld zien hoe een ´machtige knopentrekker´ en een ´wonderbaarlijke watertank´ eruit zien.

Superbeesje is al onderweg is een fijn superheldenprentenboek waar jonge kinderen zeker van zullen genieten.

Superbeesje is al onderweg
Guido van Genechten
 
Clavis, 2011     €15,95

Neushoorns eten geen pannenkoeken - Anna Kemp & Sara Ogilvie

Geplaatst 9 dec. 2012 07:49 door susan *


Maartje heeft ouders die geen woord horen van wat zij zegt. En ze luisteren niet alleen slecht, ze zien ook niet veel. Zelfs een enorm paars nijlpaard dat op een dag zomaar komt binnen wandelen ontgaat ze. Maartje en de lezer zien het nijlpaard natuurlijk wel: hij loopt door het huis, zit op de wc en wordt al snel beste maatjes met Maartje. Het duurt wel even voor Maartjes ouders het verband zien tussen de verdwenen pannenkoeken en hun bijzondere gast en dan komt het helemaal goed. Ze helpen de neushoorn om terug te keren naar zijn familie en voortaan luisteren ze heel goed naar wat Maartje te zeggen heeft.   

Neushoorn eten geen pannenkoeken is het tweede prentenboek van het Britse duo Anna Kemp en Sara Ogilvie dat in Nederland uitkomt. InHonden doen niet aan ballet is het hondje Roef die niet serieus genomen wordt in zijn verlangen ballerina te worden en in dit boek is het Maartje die het maar niet lukt haar ouders de grote paarse neushoorn te laten zien. Dit gegeven wordt kostelijk uitgewerkt, zowel in de tekst als in de illustraties. Ook voor de lezer is het onbegrijpelijk dat Maartjes ouders die enorme neushoorn maar niet zien. De neushoorn eet voor hun neus de laatste pannenkoek op en de bank is helemaal doorgezakt nadat de neushoorn daarop heeft gezeten en nog denken de ouders dat Maartje maar wat verzint. 
Illustratrice Sara Ogilvie weet de gelaatsuitdrukkingen goed te treffen: de verbazing als de neushoorn komt binnen wandelen, de toenemende nieuwsgierigheid en het plezier dat Maartje later heeft met de neushoorn is van haar gezicht af te lezen. Ook de stemming van de neushoorn geeft ze duidelijk weer, het is goed te zien dat hij wél naar haar luistert. 

Neushoorns eten geen pannenkoeken is een fijn boek om voor te lezen. Er komt een scala aan gevoelens langs: verwondering, boosheid, verdriet en plezier. Er kan dus veel samen beleefd worden. Het overheersende gevoel bij het lezen van dit prentenboek is toch de lol dat die domme ouders van Maartje die enorme paarse neushoorn maar niet zien. De goede afloop voor zowel de neushoorn als voor Maartje wordt niet zoetsappig, want Anna Kemp heeft het boek een verassend en grappig einde gegeven.   

Neushoorns eten geen pannenkoeken 
Anna Kemp (tekst) en Sara Ogilvie (ill)
 
 Lemniscaat, 2011     € 12,95

Dit boek kreeg De Leespluim van augustus 2012

1-10 of 11